U bent hier

Mevrouw Maes heeft het woord.

Lieve Maes (N-VA)

Minister, op de Klimaattop van Parijs in 2015 en de Vlaamse klimaattop van 2016 werden ambitieuze doelstellingen gesteld. Tegen 2030 zouden we tot 40 procent minder CO2-uitstoot moeten hebben. Om die doelstellingen te bereiken, zal iedereen zijn duit in het zakje moeten doen, dus ook de Vlaamse industrie.

De krant De Standaard titelde op 21 februari: ‘De Vlaamse industrie is zuinig, maar nog lang niet proper”. Uit het artikel blijkt dat het laaghangend fruit nu wel geplukt is, maar dat dit absoluut onvoldoende is om de doelstellingen te halen.

Daarom worden er stilaan nieuwe wegen bewandeld. Zo is de Vlaamse Instelling voor Technologisch Onderzoek (VITO) er in samenwerking met de Limburgse kmo Orbix in geslaagd om op basis van metaalafval, afkomstig uit de staalindustrie en gerecycleerd door Orbix, een nieuwe bouwsteen te ontwikkelen die veel minder energie vraagt om te produceren en dus veel duurzamer is dan de klassieke betonsteen.

VITO doet ook onderzoek naar technologie om productie van chemieproducten broeikasvrij of -arm te maken. Meer algemeen lijkt het zoeken naar manieren om CO2 niet langer als uitstoot, maar als potentiële grondstof te benaderen, de juiste weg te zijn.

Minister, hoe belangrijk is deze taak voor VITO? Welke mogelijkheden hebben zij in dit domein? 

Bestaat er een algemeen plan van aanpak?

Op welke manier werkt VITO samen met de Vlaamse industrie in het streven naar een grondstoffenvriendelijkere industrie?

Is er in dit alles ook een taak toebedeeld aan het Fonds Wetenschappelijk Onderzoek (FWO)?

Volgt uw administratie dit allemaal systematisch op?

Zijn er al momenten waarop er doorbraken worden verwacht?

Welke andere onderzoeks- en economische actoren houden zich bezig met de valorisatie van CO2?

Minister Muyters heeft het woord.

Collega Maes, ik kan u garanderen dat VITO uiteraard verschillende thema’s behandelt. Maar binnen het onderzoeksthema ‘duurzame chemie’ is de valorisatie van CO2 een van de belangrijke onderzoekspijlers. In dat kader verricht VITO onderzoek om effectief die CO2 om te zetten in biobrandstoffen en chemische basisproducten.

In het strategisch plan voor de periode 2019-2029 bekijkt VITO de opportuniteit om ‘pilot plants’ op te zetten en zo effectief de mogelijkheden van deze nieuwe ontwikkelingen te kunnen demonstreren.

Het algemeen plan van aanpak wordt verwoord in het strategisch en operationeel plan dat VITO voorbereidt voor de periode 2019-2029.

Dit jaar hebben we dat door een extern panel laten doorlichten ter voorbereiding van een nieuwe beheersovereenkomst. Die beheersovereenkomst slaat dan niet op dezelfde periode, maar op 2019-2023. De basis daarvan zal het plan van aanpak, het strategisch en operationeel plan zijn dat VITO in de komende tien jaar gebruikt. VITO is essentieel als onderzoekscentrum voor Cleantech, maar bijvoorbeeld ook voor duurzame ontwikkeling, zodat ze niet alleen actief zijn in die duurzame chemie, maar ook in de circulaire economie. Een van de aspecten van de circulaire economie is uiteraard de reductie van de grondstoffen. De Vlaamse Regering heeft het strategisch plan daarvoor goedgekeurd op 24 februari met de startnota Transitieprioriteit ‘de transitie naar circulaire economie doorzetten’.

VITO is een van de belangrijkste spelers daarbij. Ik denk ook aan OVAM als belangrijke speler, GO4CIRCLE en mijn Agentschap Innoveren en Ondernemen, die allemaal in de stuurgroep van Vlaanderen Circulair zitten. Het gebruik van CO2 als grondstof was en is ook een belangrijke pijler van het programma van het voormalige Flanders Innovation hub for Sustainable Chemistry (FISCH), nu Catalisti. In die cluster werken bedrijven en kennisinstellingen samen aan valorisatietrajecten in de duurzame chemie. VITO heeft een belangrijke rol gespeeld bij de oprichting en het functioneren van FISCH, thans Catalisti.

VITO heeft een overeenkomst met het FWO om samen doctoraatsbeurzen te begeleiden. Sommige van deze doctoraatstudenten kunnen worden ingezet op onderzoek met betrekking tot de valorisatie van CO2 en/of een grondstoffenvriendelijke industrie. De administratie volgt dit niet alleen op de voet op, maar biedt ook ondersteuning met knowhow waar nodig om eventuele knelpunten aan te pakken op de diverse betrokken overheidsniveaus. 

Er zijn meerdere beloftevolle valorisatietechnieken voor CO2 ontwikkeld, ook hier in Vlaanderen. Een recente studie van 2016 in opdracht van het departement Leefmilieu, Natuur en Energie bracht zeventien technieken in kaart, zowel bij kennisinstellingen als bij bedrijven. De activiteiten bij de kennisinstellingen situeren zich logischerwijze in de onderzoeksfase, terwijl de hoofdmoot van de processen bij bedrijven kunnen worden ontwikkeld of toegepast. Die bevinden zich in een demonstratiefase, en onder bepaalde omstandigheden zijn ze misschien al economisch haalbaar.

De tijdslijn tot commercialisatie werd voor de bedrijfsgebonden activiteiten ingeschat op twee tot drie jaar. Het is nog niet helemaal ter commercialisatie, maar in de richting en in functie van voorwaarden die zullen worden gecreëerd. Voor de kennisinstellingen zijn er enerzijds processen die binnen vijf jaar kunnen zijn doorontwikkeld en anderzijds – altijd voorwaardelijk, want je weet nooit of iets lukt – een aantal meer embryonale ontwikkelingen waarvoor nog minstens tien tot vijftien jaar nodig is tot commercialisatie.

Er zijn een hele reeks actoren in het academische milieu, onderzoeksinstellingen en de bedrijfswereld actief op dit terrein: de universiteiten van Gent, Antwerpen, Leuven, Biobase Europe Pilot Plant, VITO, het Havenbedrijf Antwerpen, Proviron, Avecom, ArcelorMittal. Heel wat van die spelers hebben een innovatief bedrijvennetwerk power-to-gas. We hebben de speerpuntclusters en de innovatieve bedrijvennetwerkclusters, en die hebben een innovatief bedrijvennetwerk power-to-gas opgericht. Dat zijn een twintigtal bedrijven en onderzoeksinstellingen die over de hele ‘power-to-gas’-waardeketen samenwerken rond die problematiek.

Daarmee toon ik heel goed aan dat niet alleen VITO, maar ook de combinatie van onderzoeksinstellingen en bedrijven, de filosofie van de triple helix, in deze problematiek heel duidelijk speelt.

Mevrouw Maes heeft het woord.

Lieve Maes (N-VA)

Minister, uw antwoord was een mooie opsomming van dingen die gebeuren en zullen gebeuren. Het is goed en nuttig dat er op de korte en middellange termijn nog zaken in de pijplijn zitten. We hebben dat echt wel nodig om al die doelstellingen te halen.

Ik ben tevreden met uw antwoord. Ik zal het strategisch plan van vorige week eens lezen en ik kijk met spanning uit naar het nieuwe plan van VITO.

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

U wil een vergadering  bijwonen? Dat kan! U kunt zich gewoon aanmelden bij de bezoekersingang (Leuvenseweg 86, 1000 Brussel).

Zolang er zitplaatsen vrij zijn, worden toehoorders binnengelaten. Zitplaatsen kunnen niet gereserveerd worden. Raadpleeg vooraf de agenda van de plenaire vergaderingen of de commissievergaderingen.

U kunt ook steeds de plenaire vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube. 

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.