U bent hier

De voorzitter

Mevrouw Schryvers heeft het woord.

Minister, op maandag 28 november 2016 ondertekenden de onderwijskoepels en de Federatie Voedingsindustrie (FEVIA) een engagementsverklaring om in de scholen geen gesuikerde dranken en ongezonde tussendoortjes meer aan te bieden. Dat klonk me als muziek in de oren. Het is de bedoeling om leerlingen voortaan alleen maar gezonde keuzes te geven, namelijk melk, water, yoghurt, rijstwafels, fruit en groenten. De engagementsverklaring is gebaseerd op de aanbevelingen van VIGeZ, het Vlaams Instituut voor Gezondheidspromotie en Ziektepreventie.

Er is een hele weg afgelegd, maar dat er uiteindelijk een engagementsverklaring is, is natuurlijk een heel goede zaak. We hebben het in deze commissie al herhaaldelijk gehad over het bannen van frisdranken op school, eventueel gekoppeld aan het toekennen van een label ‘gezonde school’. Dat werd door uw voorganger afgewezen, maar wordt gelukkig deze legislatuur wel onderzocht. In antwoord op mijn vraag om uitleg van 1 oktober 2015 stelde u dat u “wilt nagaan welke meer drastische wegen we kunnen bewandelen in het kader van gezondheidsbeleid op school”.

Een gezonde voeding vormt de basis van een algemene gezondheid. Ze heeft een invloed op het lichaamsgewicht en de gezondheid van het gebit, om nog maar te zwijgen over de effecten van een suikerdosis op de concentratie van de leerlingen. Wie gezonde keuzes krijgt, zal ook meer gezonde keuzes maken. Jong geleerd, is oud gedaan. Dat weten we allemaal.

Nu de koepels de engagementsverklaring hebben ondertekend, blijft de beslissing nog altijd bij de school om daadwerkelijk de frisdrankautomaten te bannen en te vervangen door andere producten. Voor sommigen zal het niet zo makkelijk zijn, aangezien hieraan ook financiële gevolgen verbonden zijn. Dankzij de engagementsverklaring wordt het aanbod vanuit de voedselindustrie wel gezonder. Ik heb begrepen dat er sprake is van een soort matrix – al weet ik dat dit een beladen woord is in deze commissie –: welk aanbod kan er worden gedaan en wat er wordt afgebouwd tegen 2020-2021? Er is voor bepaalde zaken een uitdoofbeleid.

Het voorliggende pact is vooral bestemd voor het secundair onderwijs. Daar is het aanbod aan ongezonde dranken en tussendoortjes immers nog veel groter dan in het basisonderwijs, maar ook in de basisschool drinken de leerlingen nog vaak fruitsap en chocomelk. Ook scoort het lager onderwijs heel goed wat betreft het aanbod van gratis drinkwater.

Minister, kunt u meer duiding geven bij de aanbevelingen van VIGeZ die aan de basis liggen van de engagementsverklaring over gezonde voeding op school? Zijn deze aanbevelingen gebaseerd op de meest recente indicatorenbevraging van VIGeZ, waarover u sprak in antwoord op mijn vraag om uitleg over dit thema van 1 oktober 2015 en waarvan de resultaten dit najaar bekend zouden moeten zijn? Kunt u meer informatie geven over de resultaten hiervan? Wat zijn de precieze modaliteiten van de engagementsverklaring? Hoe zullen de individuele scholen worden gemotiveerd om de modaliteiten van de engagementsverklaring nauwgezet te volgen? Hoe zal de naleving worden opgevolgd? Wordt in een evaluatie voorzien? Hoe zal gereageerd worden op scholen die toch niet de overstap maken naar de meest gezonde keuzes? Is hierover iets opgenomen in de engagementsverklaring? De engagementsverklaring is voornamelijk bestemd voor het secundair onderwijs. We weten dat de situatie in het basisonderwijs helemaal anders is. Is een gelijkaardig initiatief in de maak voor het basisonderwijs?

De voorzitter

Minister Crevits heeft het woord.

Minister Hilde Crevits

Dames en heren, vooraleer antwoord te geven op de punctuele vragen wil ik verduidelijken dat de engagementsverklaring er kwam op basis van het advies van de Vlaamse Onderwijsraad over beleidsmaatregelen ten aanzien van gesuikerde dranken in het secundair onderwijs. Ze geldt zowel voor basisscholen als voor secundaire scholen. Dat is af te leiden uit de indicatoren die we nastreven, waarin zowel voor het basis- als voor het secundair onderwijs cijfers zijn opgenomen. Een van mijn voorgangers had al een pact gesloten met het basisonderwijs, waardoor de effecten daar nu al te zien zijn. Gesuikerde dranken zijn er zo goed als verdwenen. Er zijn er die twijfelen aan het effect van zo’n pact, maar ook zonder hard verbod kunnen er resultaten worden geboekt. Dit pact is eerder bedoeld voor het secundair onderwijs, gelet op de stappen die in het verleden al zijn gezet in het basisonderwijs, maar geldt eigenlijk wel voor beide.

De meest recente resultaten van de indicatorenbevraging zullen door minister Vandeurzen bekendgemaakt worden op de gezondheidsconferentie van 16 en 17 december. Ik moet hem die primeur gunnen.

Voor de engagementsverklaring hebben we ons gebaseerd op de resultaten uit de indicatorenbevraging van 2012. Die zijn nog up-to-date. In 2012 werd in 31 procent van de secundaire scholen nooit gesuikerde frisdranken aangeboden. Hier willen we tegen het schooljaar 2017-2018 een verdubbeling zien. We willen dus zien dat in 60 procent van de secundaire scholen er geen aanbodbeleid meer is van gesuikerde frisdranken.

In 2012 werd in 30 procent van de basisscholen nooit fruitsap en in 39 procent van de basisscholen nooit gezoete melk aangeboden. We streven daar voor volgend schooljaar naar 75 procent van de scholen. We maken dus een serieuze sprong tegenover 2012. Tegen het schooljaar 2020-2021 streven we ernaar dat alle dranken die vallen onder het uitdoofbeleid, verdwijnen. Er zijn drie categorieën: iets wat we actief moeten promoten, iets wat we liever uitgedoofd zien, en iets wat nog gedoogd wordt en dat op beperktere momenten wordt aangeboden. We hebben dit niet zelf uitgevonden. We baseren ons op de tabel van het VIGeZ. Die tabel wordt het best door iedereen gebruikt. Als het VIGeZ zijn tabellen verandert, wordt het beleid naar scholen ook anders.

Wat de tussendoortjes betreft: 95 procent van het basisonderwijs bood in 2012 geen tussendoortjes in de tussencategorie meer aan. In het secundair onderwijs is dat 47 procent. Voor beide is de indicator op driekwart gezet voor 2017-2018. In het basisonderwijs wordt dit al gehaald. In 2020-2021 gaan we naar 100 procent.

Wat zijn de modaliteiten? Het heeft enorm veel energie en tijd gekost met de scholen, maar vooral met de sector. Het is de eerste keer dat er met de sector heel actief gesproken is over een actief gezond aanbodbeleid in scholen. Dat is geen evidente kwestie. Een van de grootste klachten die we hoorden, is dat scholen totaal geen impact hebben op de producten die worden aangeboden. De automaatleverancier legt bijvoorbeeld de producten vast en wenst hierover niet te onderhandelen. Er konden ook geen afspraken worden gemaakt over de grootte van de aangeboden porties waardoor scholen vaak veel overschotten moesten weggooien. Door het pact is de onderhandelingspositie van de scholen nu toch aanzienlijk versterkt. Scholen kunnen op hun eigen tempo en rekening houdend met hun leerlingenpubliek, werken aan een omgeving waarin producten uit de uitdoofcategorie op termijn helemaal verdwijnen. De lat is samen met de sector – dat wil ik onderstrepen – gelegd op 2021.

Het akkoord gaat over producten in het reguliere aanbod. Het zijn dus producten die dagelijks worden aangeboden. Het gaat dus niet over producten die op een schoolfeest of een opendeurdag worden aangeboden. U weet dat het nooit mijn bedoeling is geweest dat de automaten volledig uit de school zouden verdwijnen. Ik vind dat niet nodig, want kinderen kunnen ook buiten de school van alles vinden. Ik vind wel dat de sector actief moet proberen om gezonde producten aan te bieden.

Hoe gaan we de scholen motiveren? Er is een webtool Kieskeurig op de website www.gezondeschool.be. Ik heb die samen met minister Vandeurzen onder de aandacht van de scholen gebracht. Scholen vinden daar zeer veel informatie over het aanbod evenals ondersteunend materiaal, sjablonen, tips om te werken aan de andere pijlers uit de gezondescholenmethodiek en info over vorming die kan worden gevolgd. Het is de bedoeling om Kieskeurig regelmatig onder de aandacht van de scholen te brengen. Er zullen ook affiches worden gemaakt, samen met de sector, over dranken en tussendoortjes. Scholen met vragen kunnen ook terecht bij het VIGeZ, bij de centra voor leerlingenbegeleiding en bij de koepels en het GO!.

Zoals in de engagementsverklaring afgesproken, gaan we de inspanningen monitoren. Het zal het volgende schooljaar al gebeuren. We maken ons een beetje kwetsbaar. Op basis daarvan zullen we nagaan of er extra inspanningen nodig zijn. Maar de sector wil echt wel deel uitmaken van het beleid dat streeft naar een gezonde school. Dat is een goede zaak.

In het basisonderwijs staan we al veel verder omdat er in het verleden al een engagement was ondertekend.

Er zijn er die zeggen dat we dit moeten afdwingen via harde regels. Maar als ik zie wat we in het basisonderwijs bereikt hebben, denk ik dat onze aanpak een positief effect kan hebben.

Op 17 en 18 december wordt een gezondheidsconferentie gehouden waar onderwijs een van de levensdomeinen is. We werken er aan het klavertje vier: gezonde voeding, beweging, beweging infrastructuur en EHBO op school.

De voorzitter

Mevrouw Schryvers heeft het woord.

Minister, ik dank u voor uw antwoord en de verduidelijking bij de engagementsverklaring. Ik denk dat er heel belangrijke stappen zijn gezet. We hebben het in de commissie al vaak gehad over hoe we kunnen komen tot een gezond aanbod in school en op welke manier dit moet worden afgedwongen. Dit is een ontzettend belangrijke stap. De overeenkomst met de sector heeft een grote invloed op wat er in de automaten zal komen. Er zijn heus wel gezondere alternatieven voor wat er – en dat is niet altijd zo – vandaag in zit.

De doelstelling die u in de engagementsverklaring hebt verduidelijkt, is heel groot. Ik wil u zeker vragen om dit op te volgen zodat, als er extra inspanningen nodig zijn, die ook kunnen worden afgesproken. Er is een heel grote stap gezet. Ik wil u, minister Vandeurzen en zeker ook de koepels en de sector bedanken dat men eindelijk stappen wil zetten.

De voorzitter

De heer Moyaers heeft het woord.

Bert Moyaers (sp·a)

Minister, ik heb zelf een schriftelijke vraag over dit onderwerp gesteld.

U hebt verwezen naar de webtool Kieskeurig. Op basis van welke factoren werd de lijst Kieskeurig voor de selectie van dranken en snacks die op school moeten worden aangemoedigd, gedoogd of verboden, opgesteld?

Hebt u er zicht op of de leveranciers voldoen aan de normen van de lijst van Kieskeurig?

Ik heb u horen zeggen dat we geen te harde regels mogen opstellen. Ik herinner me dat afgelopen zomer sommige scholen op snikhete dagen een zerotolerancebeleid voerden waarbij ze de kinderen verboden om eigen gesuikerde drankjes te drinken. Hoe zult u erover waken dat scholen dat plan niet al te strak toepassen, om dergelijke situaties te vermijden?

Ik heb in een verklaring gelezen dat u in alle scholen gratis drinkwater wilt aanbieden. U hebt het dan over voordelige onderhoudscontracten van drinkwatermaatschappijen voor de installatie van tappunten. Hoe is dat tarief tot stand gekomen en worden scholen ook gecompenseerd wanneer zij nieuwe drinkwaterfonteinen willen installeren?

De voorzitter

De heer De Meyer heeft het woord.

Jos De Meyer (CD&V)

Minister, er was gisterenochtend een korte vergadering van de commissie Landbouw, waarbij het programma van het Vlaams Centrum voor Agro- en Visserijmarketing (VLAM) voor 2017 werd voorgesteld. Ik lees een alinea voor uit de uitgebreide voorstelling van dat programma: “Vanaf schooljaar 2017-2018 wordt een nieuw EU-programma voor scholen uitgerold. De programma’s voor zowel schoolmelk als groenten en fruit worden samengevoegd tot één programma. Namens de fruit- en groentesector zullen samen met het ministerie van Landbouw en het ministerie van Volksgezondheid de nodige middelen worden ingebracht om dit door de EU medegefinancierd project in Vlaanderen te realiseren. Het gaat over geen buitengewoon hoog budget maar toch over 60.000 euro.”

Ik heb begrepen dat zij wachten en uiteraard openstaan voor verdere gesprekken met de verantwoordelijken van Onderwijs en met de koepels. Ik denk dat dit ongetwijfeld een opportuniteit is tot nog betere en meer samenwerking.

De voorzitter

De heer Cordy heeft het woord.

Paul Cordy (N-VA)

Het is uiteraard een goede zaak dat er aandacht wordt besteed aan gezonde drank en voeding op school. We kunnen dat alleen toejuichen, elke stap in die richting is zeer welkom. Ik wil er wel op wijzen dat gezonde drank en voeding niet alleen een kwestie van Onderwijs is, maar een veel breder maatschappelijk probleem. Het is ook nodig om jongeren buiten het aanbod te responsabiliseren en hen te leren omgaan met voeding. Het is soms moeilijk om daar op een goede manier informatie over te geven. Ik heb zelf twee dochters in de leeftijdscategorie waarbij voeding problematisch kan zijn. Ik zie in hun vriendenkring dat eetstoornissen tot ravages kunnen leiden. Het is dan ook heel belangrijk een evenwicht te zoeken bij het sensibiliseren. Een goede pedagogisch-psychologische aanpak is daarbij zeer belangrijk.

Minister, welke maatregel kan er worden genomen voor een goed, toegankelijk en aantrekkelijk aanbod van drinkbaar water in alle scholen?

Er zijn heel wat acties over gezonde voeding. Hoe kunnen we die stroomlijnen en op elkaar afstemmen?

De voorzitter

De heer De Ro heeft het woord.

Jo De Ro (Open Vld)

Minister, ik heb een vraag over het aanbieden van leidingwater. Ik schaar me daar voor 100 procent achter, zowel wat de ecologische kost als wat de gewone kost betreft. Maar er zit een medewerker naast u die op de hoogte is van infrastructuur en die kan onderschrijven dat nog heel wat schoolgebouwen loden pijpen in de grond zitten hebben. Als schepen van Onderwijs in Vilvoorde heb ik in het netwerk de afgelopen drie jaar alle loden pijpen uit de grond laten halen. We hebben gedurende tien à vijftien jaar heel wat inspanningen gedaan opdat de kinderen het kraantjeswater lekker zouden vinden, en dat is ook zo, vaak is het veel lekkerder dan het water uit flessen. Maar we moeten scholen er dan wel op wijzen dat de loden pijpen moeten worden weggehaald. Minister, hebt u er zicht op hoeveel scholen nog een infrastructuur met loden pijpen hebben? Zijn zij daar zelf van op de hoogte? Kunnen de watermaatschappijen helpen om dat duidelijk te maken? We mogen immers niet proberen het ene kwaad met het andere te bestrijden. Dan krijgen we andere problemen.

De voorzitter

De heer Vandenberghe heeft het woord.

Als gewezen directeur merk ik dat er de laatste jaren sterk is ingezet op het gezondheidsbeleid op school. Tien jaar geleden was dat totaal niet aan de orde. Intussen zijn er al enorm veel inspanningen geleverd en ik denk dat die engagementsverklaring opnieuw een stap vooruit is.

Maar ik refereer bij dezen aan ons werkbezoek aan Schotland, waar we een ongelooflijk mooi voorbeeld hebben gezien van waar gezondheidsbeleid een prioriteit is in de werking. Dat is in de loop der jaren echt doorgedrongen tot alle echelons van alle scholen, tot de klasvloer, tot de bewustwording van de leerlingen en de ouders. Dat is echt een good practice.

Daarom doe ik deze oproep aan de minister. We hebben al heel veel stappen gezet en er is al heel veel gebeurd in de scholen. Men gaat er nu bewust mee om, terwijl men vroeger vond dat gezondheidsbeleid iets was dat men erbij moest nemen, weer een extra taak. In de loop der jaren zijn zowel de scholen en de leerkrachten als de ouders en zelfs de kinderen bewust geworden hoe belangrijk dat is. Het is nu al een heel belangrijk item, maar we kunnen zeker nog stappen vooruit zetten. Daarom refereerde ik aan ons werkbezoek naar Schotland. Voorzitter, ik denk dat we zeker nog andere zaken van ons bezoek zullen meenemen in ons beleid.

De voorzitter

Het is inspirerend geweest op verschillende vlakken.

De heer Daniëls heeft het woord.

Ik vroeg eens aan leerlingen waarom ze zoveel Red Bull drinken, een sterk cafeïnehoudende drank. Ze zeiden dat ze die cafeïne nodig hadden om wakker te blijven. Maar als je dan de luchtkwaliteit en de warmte in de klaslokalen ging meten, dan had iedereen bij wijze van spreken iets nodig om recht te blijven.

Collega De Ro spreekt terecht over de loden buizen, dat is infrastructuur, maar de luchtkwaliteit is minstens even belangrijk om jongeren alert te houden. Ik wil het thema niet oneindig uitrekken, maar dit thema is echt niet onbelangrijk.

Jo De Ro (Open Vld)

De inspectie levert wat dat betreft goed werk. Bij haar bezoek rond hygiëne, veiligheid en bewoonbaarheid bij ons, zei ze aan elke leerkracht dat ze de ramen geen uren moesten openzetten, maar wel telkens tien minuten tijdens de speeltijd. Dat doet opmerkelijk veel als je dat gaat meten op het terrein.

De voorzitter

Minister Crevits heeft het woord.

Minister Hilde Crevits

Mijnheer Moyaers, ik heb gezien dat u een schriftelijke vraag hebt gesteld, maar ze is nog niet beantwoord.

De problematiek van de loden leidingen is me zeer goed bekend. Scholen kunnen een verkorte procedure krijgen voor hun infrastructuursubsidie als ze de leidingen willen vernieuwen omdat dat belangrijk is. Er is daarrond een actieve promotiecampagne. Er is dus wel begeleiding. Zowel het agentschap Zorg en Gezondheid als het Agentschap voor Infrastructuur in het Onderwijs (AGION) zijn daar de informatieve kanalen. Het is van belang dat men in de scholen niet zegt dat men kraantjeswater moet drinken als daar loden leidingen zijn. Er zijn trouwens al vragen over gesteld, zelfs toen ik nog minister van Leefmilieu was.

Scholen moeten eigenlijk zelf kijken hoe ze dat het best ter beschikking stellen. Op Kieskeurig.be vind je hiervoor een leidraad. Ook over fonteintjes kunnen de scholen zelf beslissen. Toen ik nog bevoegd was voor het leefmilieu heb ik een grote campagne gevoerd voor fonteintjes, maar dan zag ik dat scholen fonteintjes plaatsten naast de toiletten. Dat is hallucinant. Er is dus een leidraad voor. Er zijn ook gemeenten, collega’s, die een bijdrage leveren voor het installeren van een dergelijk drinkwaterfonteintje. Scholen kunnen er ook een onderhoudscontract voor aangaan, want het onderhoud is natuurlijk ook belangrijk. Het tarief voor de onderhoudscontracten is vastgelegd door de koepel van de drinkwatermaatschappijen. Het plaatsen van een fonteintje alleen is geen daad van goed beleid, je moet ook kijken waar je dat zet en hoe je dat gaat onderhouden.

Er is een actieve samenwerking met het agentschap Zorg en Gezondheid. Collega Moyaers, voor mij is het van belang dat de gezondheidswinkel, de winkel van minister Vandeurzen, dat bepaalt. Er is bijvoorbeeld een hele discussie over de lights. De lightdranken zitten nu in het gedoogbeleid terwijl de gesuikerde dranken in het verbodsbeleid zitten. Je kunt zeggen dat dat niet goed is. Mogelijk verhuizen de lights nog van categorie, maar wij volgen de cadans van het VIGeZ, want er moet eenheid in de lijn zitten.

Iemand stelde een vraag over een aantrekkelijk aanbod. Er zijn nu ook de waters met aroma’s, en die mogen beschikbaar worden gesteld. Dat is iets nieuws. Je kunt dus wel iets aantrekkelijks maken. Persoonlijk vind ik dat er tussen waters enorme smaakverschillen zijn. Afhankelijk van mijn humeur heb ik meer zin in het ene of het andere water.

Collega Cordy, ik ben niet ongevoelig voor uw opmerking om daar gedoseerd in te zijn, maar ik vind het echt hallucinant dat negen op tien jongeren te weinig water drinken, net die pubers die in volle ontwikkeling zijn. Op de persconferentie heb ik die cijfers naar voren gebracht. Ik kon dat zelf niet geloven: negen op tien die te weinig water drinken. En als je dan kijkt naar het gebruik van gezonde voeding, zie je dat de jongeren in de beroepsrichtingen veel ongezonder zijn qua drank- en eetgebruiken dan in de sterk cognitieve richtingen.

We moeten ingrijpen, en ik vind dat de school daar echt een voorbeeld in kan zijn, maar de slinger mag niet doorslaan. Ik zie trouwens in onze interne staat ook dat de voedingsdriehoek en hoe je evenwichtig eet, moet worden aangegeven. Dan kun je als school evengoed het voorbeeld geven door je aanbod toch al gezond te maken.

Het werkt in die scholen waar de leerlingenraad ook actief kan meedenken. Ik heb een paar scholen bezocht, ook hier in Brussel, waar de leerlingen er echt achter staan. Zij hebben mee mogen beslissen en hebben mee de cadans mogen bepalen op school, en dus staan ze erachter. De leerkrachten moeten er dan natuurlijk ook wel achter staan. Als de leerkracht dan met een gesuikerde cola rondloopt... Je moet allemaal willen meestappen in het geheel. De leerlingen erin betrekken, is dus ook van belang.

Collega Vandenberghe, de good practices in Schotland en elke leerkracht die dat uitdraagt: geen probleem. U weet dat het een beetje mijn persoonlijke missie is. We hebben zelf gezegd dat we dat gezondheids- en bewegingsplan zouden maken. Daar zitten voor mij vier luiken in. Ik vind het een beetje logisch dat dat ingebakken zit in een schoolcultuur. Als we dan kijken naar hoe we willen dat de inspectie in de toekomst toezicht zal houden, vind ik ook dat het globale kwaliteitsbeleid van een school moet kunnen worden bekeken. En dat neemt daar een plaats in in. Ik vind dat geen bijzondere extra opdracht. Voor bewegen is dat hetzelfde: als je kinderen urenlang laat stilzitten en behalve de twee uurtjes in de sportles nauwelijks laat bewegen, is dat niet zo gezond. Ik spreek uit eigen ervaring.

We volgen VIGeZ. We willen daar heel intens rond samenwerken. Ik heb nu geen intenties om daar harde sancties op te kleven. Ik denk dat dat ook niet gunstig werkt ten aanzien van scholen. Je moet ze zelf meekrijgen. Maar het start natuurlijk met het aanbod. We hebben lange persoonlijke gesprekken gehad, en de sector heeft gezegd dat men actief naar de scholen zal gaan om dat aanbod gezonder te maken. Dat is natuurlijk het beste.

Ik zat aanvankelijk ook met dat idee, dat er buiten de scholen natuurlijk ook van alles wordt aangeboden. Dat is waar, maar de vraag is of we dat kunnen blijven gebruiken als alibi om niets te doen. Ik denk van niet. Je kunt starten met die cultuur op school wat gezonder te maken. En dan zal de rest hopelijk wat volgen.

Collega De Meyer, wij volgen de ontwikkelingen binnen landbouw zeer nauw op. Melk staat ook bij de topproducten. Wij zitten ook samen met de sector – onder andere de door u genoemde sectoren – om het voedingsplan tout court te bekijken op de scholen. We volgen dat dus heel nauw op en er wordt ook gepaste promotie rond gemaakt. De melksector was trouwens aanwezig op het persmoment en heeft mee ondertekend. We volgen die ontwikkelingen daar dus op.

Jos De Meyer (CD&V)

VLAM, dat specifiek instaat voor de promotie en een aantal budgetten heeft rond scholen, wacht wel op een gesprek.

Minister Hilde Crevits

Prima, dan gaan we dat organiseren. Ik denk niet dat VLAM mee aan tafel zat, maar dat is een zeer goed idee. We organiseren dat zeer snel.

De voorzitter

Mevrouw Schryvers heeft het woord.

Het gezondheidsbeleid op school heeft inderdaad veel facetten. Heel wat verschillende elementen ervan zijn ook ter sprake gekomen bij deze vraag. Ik ben absoluut tevreden dat het toch wel een prominente plek heeft gekregen in de voorbije periode. Het resultaat daarvan is onder meer die engagementsverklaring, maar ook het feit dat onderwijs een van de thema’s is op de gezondheidsconferentie op 16 en 17 december. Ik kijk uit naar de resultaten die we vanuit die gezondheidsconferentie zullen krijgen en die we hopelijk verder kunnen implementeren vanuit het beleidsdomein Onderwijs, uiteraard samen met het beleidsdomein Welzijn.

De voorzitter

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is gesloten.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.