U bent hier

Mevrouw Saeys heeft het woord.

Minister, afgelopen week pleitte een Rotterdamse wethouder, de heer De Jonge, voor verplichte anticonceptie in extreme gevallen. Daarmee zette de Nederlandse politicus het recht van het kind op het veilig opgroeien tegenover het recht op een gezin van de ouders.

Het debat dat daarmee ook hier wordt geopend, is een moeilijk debat. Ook in Vlaanderen zijn er kinderen die van bij hun geboorte onmiddellijk geplaatst worden en opgroeien bij een pleeggezin. Er zijn ook meisjes en jonge vrouwen die verblijven in voorzieningen, die een prikpil toegediend krijgen, al dan niet opgedrongen door de voorziening of de ouders.

Maarten Boudry, moraalwetenschapper, vindt dat we de ogen niet mogen sluiten, maar dat verplichte anticonceptie een laatste redmiddel moet zijn dat enkel wordt ingezet indien alle preventieve middelen werden opgebruikt. Anderen, zoals de heer Duchateau, pleiten voor een maatschappelijk debat waarbij ethici, medici en juristen zich zouden beraden over de afweging van het recht van het kind op een veilige omgeving om in op te groeien versus het recht van ouders op een gezin.

Minister, in welke mate gaan welzijnswerkers in dialoog met ouders die geen veilige omgeving kunnen aanbieden voor hun kinderen, om contraceptie te gebruiken teneinde een volgende zwangerschap te vermijden? Worden welzijnswerkers ondersteund om deze ouders hiervoor te motiveren? Zijn hier nog bijkomende maatregelen mogelijk? Wat is uw standpunt met betrekking tot dit voorstel tot verplichte anticonceptie? Bent u bereid om het maatschappelijk debat dat zich hier aankondigt, te begeleiden en te helpen onderbouwen?

Minister Vandeurzen heeft het woord.

Minister Jo Vandeurzen

Kind en Gezin heeft binnen haar dienstverlening een aanbod voor gezinsplanning. Dit aanbod krijgt vorm binnen een brede benadering vanuit het thema ouderschap en beperkt zich niet tot een aanbod van anticonceptie. In nauwe samenwerking met Sensoa, het Vlaams expertisecentrum voor seksuele gezondheid, worden medewerkers van Kind en Gezin ondersteund om het onderwerp gezinsplanning bespreekbaar te maken met de gezinnen.

De samenwerking met Sensoa resulteerde onder meer in de uitgave van ‘Kind in Beeld - Contraceptie’. Daarin wordt een minimum aan taal gebruikt om boodschappen ook toegankelijk te maken voor die gesprekken waar taal een drempel is.

De publicatie ondersteunt het gesprek tussen de ouder en de dienstverlener. De dienstverlener wordt op zijn beurt ondersteund door een bijhorende handleiding met duiding over onder andere het gebruik van de verschillende soorten contraceptie en de menstruele cyclus. De uitgave ‘Kind in Beeld - Contraceptie’ is gratis beschikbaar voor andere geïnteresseerde welzijnswerkers die actief zijn buiten Kind en Gezin.

In de dienstverlening van Kind en Gezin kan het thema gezinsplanning ook aan bod komen in een open gesprek met ouders wanneer het kind de leeftijd van 6 weken heeft bereikt. Ouders worden in de aanloop naar het postnataal onderzoek door hun arts of vroedvrouw, waarin contraceptie ter sprake komt, aangezet om bewust na te denken over wat contraceptie voor hen betekent, hoe men daar als koppel mee omgaat, of er nog een kinderwens is enzovoort. Wanneer regioteamleden daarbij een bezorgdheid ervaren, kan daarover worden gepraat met andere bij het gezin betrokken zorgverleners.

Net door het belang van een bredere benadering van gezinsplanning dan louter vanuit het thema contraceptie, werd met Sensoa bekeken hoe de medewerkers van Kind en Gezin naast de ondersteuning via ‘Kind in Beeld - Contraceptie’ bijkomend konden worden ondersteund bij hun overeenkomstige dienstverlening. Dit leidde in december 2015 tot een vorming voor regioteamleden uit Brussel inzake gezinsplanning. De resultaten van deze vorming waren meervoudig. Regioteamleden voelden zich ondersteund om het thema contraceptie met het gezin te bespreken en om gezinnen te empoweren tot een gesprek hierover met hun behandelend zorgverlener.

Ten slotte was men in staat het thema contraceptie ruimer te plaatsen binnen een context van verantwoord ouderschap en gezinsplanning. Op basis van deze bevindingen uit Brussel wordt verder geëxploreerd hoe ook andere medewerkers van Kind en Gezin verder kunnen worden ondersteund bij hun dienstverlening inzake gezinsplanning. Deze exploratie kan inspiratie bieden ter ondersteuning van andere welzijnswerkers. Intussen bieden de Huizen van het Kind vandaag een mogelijk lokaal platform om met welzijnswerkers en andere betrokken actoren hierover ook nu al het gesprek aan te gaan.

Het Raamwerk Seksualiteit en Beleid van Sensoa reikt bouwstenen aan voor een beleid over seksualiteit en lichamelijke integriteit. Het bundelt een modelvisie, concrete instrumenten en achtergrondinformatie. Daarmee kunnen organisaties een nieuw beleid over seksualiteit ontwikkelen of een bestaand beleid bijschaven. Zo’n beleid creëert duidelijkheid en veiligheid voor alle betrokkenen. Er zijn ondertussen vijf specifieke raamwerken: op maat van de integrale jeugdhulp, de jeugdsector, de kinderopvang, de sportsector en het onderwijs.

Een doorontwikkeling naar andere sectoren die in organisatorisch en residentieel verband met mensen werken, wordt gepland voor 2017. Daarnaast zette Sensoa het pilootproject Zanzu Lokal op met vertegenwoordigers van sociale en gezondheidsorganisaties in Deurne Noord. Met dit project willen we gesprekken over gezinsplanning bevorderen tussen professionals en hun cliënten in sociale en gezondheidsdiensten in Deurne Noord.

Zoals u zelf aangeeft, gaat het hier over een delicaat en moeilijk onderwerp dat met de nodige sereniteit en moed moet worden benaderd. Het zou dan ook niet verstandig zijn om overhaast een standpunt over in te nemen. Ik neem niettemin met aandacht kennis van de verdere standpunten die experts daarover hebben ingenomen. De gemeenschappen zijn echter niet bevoegd om een gedwongen behandeling op te leggen. Dat behoort tot de bevoegdheid van de federale overheid.

Naar aanleiding van het Rotterdamse voorstel en het debat hierover neemt Sensoa alvast een duidelijk standpunt in. Sensoa is tegen het verplichten van anticonceptie en beroept zich op de fundamentele en universele rechten van de mens en de reproductieve rechten zoals vastgelegd in internationale verdragen en akkoorden. Als mensen door hun precaire situatie falen in hun gezinsplanning, dan is het de verantwoordelijkheid van iedereen actief in de hulpverlening en gezondheidszorg om mensen te begeleiden en te ondersteunen. Dit kan door hen te informeren, te counselen en zo nodig te overtuigen, maar dit is iets anders dan dwingen. Hiervoor is het nodig dat hulpverleners en zorgverstrekkers seksualiteit, kinderwens en anticonceptie bespreekbaar durven te maken. Het is goed mogelijk dat hulpverleners hiervoor bijkomende opleiding en vorming wensen. Sensoa ondersteunt hulpverleners bij het bespreekbaar maken van anticonceptie en gezinsplanning met kwetsbare gezinnen. Via begeleiding en deskundigheidsbevordering versterken we hulpverleners in het voeren van dergelijke gesprekken. Sensoa traint hulpverleners niet tot anticonceptiespecialisten; wel reiken we handvatten aan om te durven praten over de kinderwens, over de redenen voor het niet of foutief gebruiken van anticonceptie, over machtsverhoudingen binnen een relatie enzovoort.

Wanneer de betrokken experts de nood tot verder maatschappelijk debat aangeven, kan worden bekeken of en op welke manier dit vanuit het beleid kan worden ondersteund.

Mevrouw Saeys heeft het woord.

Minister, ik dank u voor uw antwoord. U zegt dat Kind en Gezin de gezinsbelangen bespreekt en dat ze zo veel mogelijk in dialoog gaan met ouders. Wat ik in de praktijk vaak zie, is dat er bijvoorbeeld in multifunctionele centra en in het bijzonder onderwijs, zeker bij meisjes tussen 14 en 18 jaar, een zekere dwang bestaat ten aanzien van die meisjes en hun ouders, vooral wanneer het over het gebruik van de prikpil gaat.

Ik zie in de praktijk dat er wel degelijk een zekere afdwingbaarheid is. Het gaat hier over een moeilijk debat, namelijk de vrijheid van mensen. Daarnaast zien we echter enorm veel schrijnende gevallen waarbij praten met mensen absoluut niet voldoende is. Als we dan zien dat in sommige gezinnen met vier of vijf kinderen, alle kinderen worden geconfronteerd met een zware problematiek en dus moeten worden geplaatst in een pleeggezin, dan betekent dit dat ons beleid ergens faalt. We moeten daar dan ook zo veel mogelijk op inzetten.

De heer Parys heeft het woord.

Ik vind dit een van de moeilijkste thema’s of problemen die vandaag worden besproken. Wat de minister heeft aangegeven, is mijns inziens de goede weg, namelijk sensibiliseren en bespreekbaar maken. Daar moeten we zeker verder op gaan. Als het thema nog verder moet worden uitgediept, dan kan dat uiteraard, maar ik stel voor dat een aantal experts zich daar eerst over buigen, vooraleer wij daar in de politiek grote uitspraken over doen. Het is ook iets dat niet volgens de normale partijpolitieke lijnen loopt, omdat dit zo’n gevoelig ethisch thema is, met twee heel belangrijke vrijheden die op tafel liggen. Ik zou er dus voor pleiten om ons zeer goed te bezinnen voordat we hier wat dan ook in ondernemen.

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

U wil een vergadering  bijwonen? Dat kan! U kunt zich gewoon aanmelden bij de bezoekersingang (Leuvenseweg 86, 1000 Brussel).

Zolang er zitplaatsen vrij zijn, worden toehoorders binnengelaten. Zitplaatsen kunnen niet gereserveerd worden. Raadpleeg vooraf de agenda van de plenaire vergaderingen of de commissievergaderingen.

U kunt ook steeds de plenaire vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube. 

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.