U bent hier

Mevrouw van der Vloet heeft het woord.

Voorzitter, in het besluit van de Vlaamse Regering van 24 juni 2016 betreffende het vergunnen van aanbieders van zorg staat dat naast de erkende en de niet-erkende zorgaanbieders ook groenezorginitiatieven mogelijk zijn. Volgens het Beleidsplan Ruimte Vlaanderen (BRV) kan de minister bevoegd voor de bijstand aan personen vaststellen in welke gevallen en onder welke voorwaarden groenezorginitiatieven die zich bij het agentschap registreren, dagondersteuning kunnen bieden aan verschillende personen met een handicap zonder vergunning.

Minister, in uw antwoord op een schriftelijke vraag die ik u hierover heb gesteld, hebt u geantwoord dat deze voorwaarden tegen september 2016 gekend dienden te zijn. Het Steunpunt Groene Zorg heeft ondertussen een aantal informatieavonden met als titel ‘Zorgboerderij en Persoonsvolgende financiering’ georganiseerd waarop ze toelichting hebben gegeven.

Een standpunt dat het steunpunt heeft ingenomen, vind ik verontrustend. Wat het collectief aanbod van zorg als groenezorginitiatief betreft, wordt de link met landbouw weer gelegd. Dit standpunt zou op 12 oktober 2016 bij het agentschap worden toegelicht. Het steunpunt heeft voorgesteld om geïdentificeerde landbouwers te gebruiken als kenmerk om een groenezorginitiatief te kunnen zijn. Op deze manier blijft de landbouw centraal staan. De overschakeling van de persoonsvolgende financiering (PVF) is net een historisch moment. We willen een sterke nadruk leggen op de initiatieven die net de zorg centraal plaatsen.

Op deze manier wordt ook het aanbod beperkt. Het is immers niet nodig landbouwactiviteiten te verrichten om mensen in een groene omgeving van de nodige zorg te voorzien. Hierdoor dreigen heel wat aanbieders uit de boot te vallen. Dat is nu net het omgekeerde van wat de PVF beoogt.

Minister, zijn de voorwaarden voor groenezorginitiatieven reeds bepaald? Wat houden ze net in? Zult u de omslag naar de PVF aangrijpen om ervoor te zorgen dat het welzijn van de mensen en niet het al dan niet verrichten van landbouwactiviteiten centraal komt te staan? Zullen naast het Steunpunt Groene Zorg nog andere zorginitiatieven worden betrokken bij de gesprekken met het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap (VAPH), zodat een zo breed mogelijk gamma aanbieders bij de invulling van de definitie van groene zorg wordt betrokken?

Minister Vandeurzen heeft het woord.

Minister Jo Vandeurzen

Voorzitter, de voorwaarden voor groenezorginitiatieven zijn nog niet bepaald. Er zijn contacten tussen het VAPH en het Steunpunt Groene Zorg om dit voor te bereiden. Ik ben er me goed van bewust dat we dit zouden moeten finaliseren. Dat zal zeker iets voor de komende weken en maanden zijn.

In de PVF staat het welzijn van de mensen centraal. Om die reden is er een vergunningsregeling waaraan de zorgaanbieders moeten voldoen. De vergunning wordt pas afgeleverd en behouden indien de zorgaanbieder aan bepaalde kwaliteitsnormen voldoet. Slechts in welbepaalde gevallen heeft de Vlaamse Regering bepaald dat van die vergunningsplicht kan worden afgeweken, bijvoorbeeld omdat de ouders zelf de meerderheid van het bestuur van de organisatie uitmaken of omdat een organisatie binnen het beleidsdomein Welzijn, Volksgezondheid en Gezin al een erkenning heeft.

Mevrouw van der Vloet, dit is niet van toepassing op de groenezorginitiatieven. Ze vallen immers onder geen van deze bepalingen en ze zijn geen vergunde aanbieders. Zoals u zelf goed weet, hebben we afgesproken dat we zouden nagaan hoe we door middel van een ministerieel besluit toch ruimte aan die groenezorginitiatieven zouden geven. Momenteel blijft het tot die sector beperkt. We gaan na in welke mate dit toch mogelijk zou zijn.

In de voorwaarden die we zullen uitwerken, zullen we aandacht hebben voor een zekere kwaliteitsborging. Dit moet nog worden geoperationaliseerd. Het vasthouden aan een vergunning en aan kwaliteitsvoorwaarden, ook indien het om het werken in een groene omgeving, gaat, is zeker niet tegengesteld aan het geven van voorrang aan het welzijn van de mensen.

Op dit ogenblik is het Steunpunt Groene Zorg de gesprekspartner voor de verdere operationalisering. Andere initiatieven die een aanbod hebben of willen ontwikkelen, beschikken momenteel nog niet over een structureel aanspreekpunt en zijn bij het VAPH ook niet gekend.

Ik spreek me vandaag nog niet uit over de vraag of het wenselijk is de scope van de definitie van groenezorginitiatieven verder te verruimen dan enkel het aanbod van de geregistreerde landbouwers. Dat is zeker niet uitgesloten. We moeten echter beseffen dat we met een enorme transitie aan de gang zijn. Indien we de continuïteit en de stabiliteit willen verzekeren, kunnen we er het best voor zorgen dat we het debat niet te zeer verbreden. Dit zou de kans dat we ons op korte termijn in een startpositie zouden bevinden immers hypothekeren.

Ik vind de kwaliteitsbewaking zeer belangrijk. In de regelgeving is geen definitie van groenezorginitiatieven opgenomen. Indien we met een definitie zouden werken, zou dit leiden tot registratie, controle en alles wat daarbij hoort. Daar moeten we eens goed over nadenken. In het licht van het PVF-systeem zullen we grondig moeten nadenken over de vrijstelling van de vergunningsplicht.

Mevrouw van der Vloet heeft het woord.

Minister, ik dank u voor uw antwoord. Ik kom hier geregeld op terug omdat heel wat studies uitwijzen dat mensen in een groene omgeving heel wat rustiger en gelukkiger zijn. Om die reden kom ik geregeld terug op dit onderwerp, dat ik belangrijk vind.

Ik heb vastgesteld dat bepaalde voorzieningen momenteel over een boerderijwerking beschikken. De mensen worden in die boerderijwerking ingeschakeld. Hoewel het niet om landbouwbedrijven gaat, kan dit natuurlijk. Ik zou die lijn echter wat ruimer willen trekken.

Het gaat niet om de landbouwbedrijven, maar om de groene omgeving en om de zorg zelf. Het kan gaan om een boerderij binnen een voorziening of om een boerderij die wat verder is gelegen. Ik vind dat we die optie zeker en vast in aanmerking moeten nemen. Nu worden de zorgboerderijen immers gebruikt of bijna misbruikt door de voorzieningen.

De voorzieningen zetten hun cliënten daar af om een dagje mee te werken op de zorgboerderij. De boer krijgt hier echter geen euro voor. Dat kan niet. De zorgboer biedt kwaliteit en zorgt voor dagopvang. Wekelijks worden die personen daar afgezet. Momenteel kan dit omdat het onder de voorziening valt. De voorziening wordt voor die dagen betaald. De zorgboer krijgt hier echter niets voor.

Om die reden wil ik ervoor pleiten dit in de PVF rechtstreeks te regelen. Dit moet niet langer met de speler van de voorzieningen worden geregeld. De persoon die graag op een boerderij werkt, gaat een aantal dagen naar de voorziening, maar moet ook een aantal dagen aan zorg rechtstreeks bij de zorgboer kunnen kopen. Die persoon moet financieel staand kunnen blijven. Het lijkt me zeer belangrijk hier in de PVF rekening mee te houden.

Wat de PVF betreft, moet de zorg in de gesprekken tussen het VAPH en de groenezorginitiatieven aan bod komen. Er moet niet enkel naar de landbouwgerelateerde bedrijven worden gekeken. Ik hoop dat hier rekening mee zal worden gehouden.

De voorwaarden zijn nog niet bepaald. Dat zal de komende weken en maanden gebeuren. Ik hoop dat die voorwaarden er snel zullen zijn. Hier moet ook duidelijk over worden gecommuniceerd. Zal dit ook in januari 2017 gebeuren? Dit zou de initiatieven de mogelijkheid bieden hier eventueel mee in te stappen. Hoe groter het aanbod is, hoe meer vragen we kunnen beantwoorden. Het gaat natuurlijk altijd om een combinatie. Het gaat om de voorzieningen, om de zorgboerderijen en om alle andere initiatieven. We hebben nu een enorme kans om dit in de PVF mee naar voren te schuiven. Ik hoop dat hier goed over zal worden nagedacht. We mogen niet enkel naar de landbouwers kijken. De groenezorginitiatieven vangen nu al veel mensen op. Dit verloopt vaak langs de voorzieningen. De groenezorginitiatieven mogen hun stem ook laten horen. Ik hoop dat het VAPH hier een beetje rekening mee zal houden.

Ik ervaar op een aantal punten toch wel een belangrijke tegenspraak tussen wat in de vraag is bepleit en het antwoord.

Minister, er is u gevraagd snel te werken. U hebt geantwoord dat u veel ander werk hebt en dat u vooral niet snel wilt werken. Er is u gevraagd te kijken naar de zorg en niet naar het statuut van het bedrijf waar die zorg plaatsvindt. U hebt geantwoord dat een oplijsting daarvan veel discussies op gang zou trekken. Ik zou er vooral voor willen pleiten alles zo zorgvuldig mogelijk aan te pakken.

Mevrouw van der Vloet, er zullen wat raakvlakken met andere beleidsdomeinen zijn. U hebt verwezen naar mensen met een handicap die op een boerderij werken. Dit opent een heel ander debat. We moeten de nodige finesse aan de dag leggen om niet in de vallen te trappen die deze waardevolle initiatieven zouden kunnen hypothekeren.

De praktijk op het terrein komt niet meer overeen met de zeer categoriale benadering die wordt gehanteerd. Lang niet alle landbouwbedrijven zijn geschikt om als zorgboerderij te fungeren. Veel groenezorginitiatieven vinden niet meer plaats in wat we momenteel als landbouwbedrijven omschrijven. Soms gaat het om mensen die dit als bijkomende activiteit doen en dergelijke. Zorgvuldigheid en pragmatiek zullen absoluut nodig zijn.

Minister Vandeurzen heeft het woord.

Minister Jo Vandeurzen

Ik probeer het even in de terminologie van de PVF te vatten. Iemand kan zijn budget aan een vergunde zorgaanbieder toevertrouwen. Dat zijn van rechtswege de erkende instellingen van het VAPH, de instellingen die in een of andere vorm een erkenning binnen het beleidsdomein Welzijn, Volksgezondheid en Gezin hebben en de vzw’s waar de ouders de meerderheid in een raad van bestuur met een geplafonneerd aantal hebben. Dat is de toestand.

De vraag is of we kunnen toelaten dat een budget wordt besteed aan dagopvang in een groenezorgomgeving als de initiatiefnemer niet behoort tot de categorieën die ik daarnet heb opgesomd. Dat is de technische vertaling.

Bij de goedkeuring van het ministerieel besluit is duidelijk afgesproken dat we die opening moeten maken. De vraag is enkel hoe we dit zullen definiëren. Aan de hand van die definitie zal immers worden bepaald over wie het gaat. Dit heeft natuurlijk een belangrijke precedentwaarde. Ik begrijp dat wordt gezocht naar een formule om het goede en de waarde van de bepleite ideeën met de start van het PVF-systeem in overeenstemming te brengen.

Ik probeer me even een ander creatief initiatief voor de geest te halen. Er zijn heel wat interessante zaken buiten de groene omgeving die mensen veel deugd doen. Kunnen die mensen hun budget daar dan aan besteden? We moeten goed overleggen. We zijn het erover eens dat we een oplossing voor de groene zorg moeten vinden. Dat is afgesproken. We zullen proberen dit tijdig in orde te krijgen.

Mevrouw van der Vloet heeft het woord.

Minister, het gaat inderdaad niet enkel om het werken op de boerderij. Het is meer dan dat. Het gaat om een zinvolle dagbesteding. Wat de definiëring betreft, wil ik nog eens vragen om, zoals de groenezorginitiatieven vragen, de geïdentificeerde landbouwers niet als uitgangspunt te gebruiken. U moet de zorg centraal stellen. Dat is de boodschap die ik nog eens wil herhalen.

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

U wil een vergadering  bijwonen? Dat kan! U kunt zich gewoon aanmelden bij de bezoekersingang (Leuvenseweg 86, 1000 Brussel).

Zolang er zitplaatsen vrij zijn, worden toehoorders binnengelaten. Zitplaatsen kunnen niet gereserveerd worden. Raadpleeg vooraf de agenda van de plenaire vergaderingen of de commissievergaderingen.

U kunt ook steeds de plenaire vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube. 

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.