U bent hier

De heer Sintobin heeft het woord.

Voorzitter, minister, u bruist van energie: zoveel is toch duidelijk geworden sinds uw aanstelling. U hebt het daarnet ook zelf gezegd. U geeft ook veel interviews en doet veel aankondigingen. Ik denk aan uw toch wel enthousiaste oproep om zonnepanelen te leggen, die blijkbaar toch enig succes heeft als we de eerste cijfers kunnen geloven. U lanceert ook een aantal initiatieven wat windenergie betreft. U hebt onlangs in de plenaire vergadering ook een stroomplan aangekondigd, voor volgende week of de week nadien, dacht ik. Ik weet het niet meer precies.

U hebt recent ook aangekondigd te zullen zorgen voor het wegwerken van neveneffecten van de Vlaamse energieheffing. Met alle collega’s zijn we het erover eens dat mensen die elektrisch verwarmen, meer nadelen ondervinden van de energieheffing dan mensen die met gas werken of verwarmen. Het is duidelijk dat er toch wel een verschil is ter zake, dat die heffing ertoe heeft geleid dat mensen die uitsluitend met elektriciteit verwarmen, een veel hogere factuur hebben. Ik ondersteun de meer algemene vragen die mijn collega’s straks zullen stellen over mensen die elektrisch verwarmen, maar ik wil in mijn vraagstelling ook specifiek het probleem van de appartementen aanhalen. U weet dat de Vlaamse energieheffing per aansluitpunt wordt geheven, en dat bewoners van appartementsgebouwen natuurlijk eigenlijk nog eens betalen voor dat aansluitpunt.

De Vereniging van Vlaamse Huisvestingsmaatschappijen (VVH) stelde dat de energiefactuur van 10.000 sociale huurders de hoogte in gaat door deze energieheffing. Ondertussen roept ook de Confederatie van Immobiliënberoepen Vlaanderen (CIB Vlaanderen) u op om de gemeenschappelijke delen in appartementsgebouwen vrij te stellen van de nieuwe energieheffing.

Ik kan me voorstellen dat de berichtgeving van de afgelopen uren en in de kranten van deze ochtend over de verkoop van de biomassacentrale in Langerlo toch wel enige impact zal hebben op uw antwoord, tenzij u juridisch iets vindt om dat tegen te gaan. U hebt aangekondigd dat u dit juridisch zou laten onderzoeken. Zoals de zaken er nu voor staan, gaat er natuurlijk een subsidie van 2 miljard euro naar die biomassacentrale, wat uiteraard ook zijn invloed heeft op de eventuele aanpassing van de energieheffing.

Minister, blijft de bijsturing van de ongewenste neveneffecten van de energieheffing beperkt tot de problematiek van de elektrische verwarming of bent u ook bereid om de problematiek van de aansluitingspunten voor gemeenschappelijke delen aan te pakken? In hoeverre zijn er nog andere neveneffecten van de energieheffing die u wilt aanpakken? Hoe wordt uw beslissing of uw antwoord van straks beïnvloed door het nieuws dat de biomassacentrale in Langerlo wordt verkocht en we waarschijnlijk worden opgezadeld met 2 miljard euro aan subsidies voor dit Estse bedrijf?

De heer Beenders heeft het woord.

Rob Beenders (sp·a)

Voorzitter, minister, dit is een aansluitende vraag, die al een hele inleiding heeft gekregen. Het komt er inderdaad op neer dat u op de radio hebt aangekondigd nog voor de zomer met een voorstel te zullen komen om de energieheffing aan te passen. Vooral voor het segment van de mensen die vandaag, omdat ze elektrisch verwarmen, 770 euro op jaarbasis moeten bijbetalen, zou er een correctie worden toegepast. Hoe die correctie eruit zal zien, wanneer die er zal komen en of er nog meer correcties volgen, bleek niet uit het interview. Vandaar de vragen hier in de commissie. Kunt u daadwerkelijk bevestigen dat u die energieheffing zult doen dalen voor die Vlaamse huishoudens die hun woning enkel verwarmen met elektriciteit? Gaat u nog andere groepen betrekken bij een correctie waarbij de Vlaamse energieheffing wordt verlaagd, zoals mensen die investeerden in een warmtepomp en daardoor ook een bovengemiddeld elektriciteitsverbruik realiseren? Met welke bedragen zult u de energieheffing doen dalen voor de geselecteerde huishoudens? Hebt u daarover al een oefening gemaakt? Wanneer zult u die hervormde energieheffing in werking doen treden? Hebt u een overzicht van nog andere aanpassingen die u wenst door te voeren? Hebt u ook een analyse gemaakt van de impact op de inkomsten die deze hervorming van de Vlaamse energieheffing met zich zal meebrengen?

De heer Danen heeft het woord.

Voorzitter, minister, mijn collega’s hebben de inleiding gegeven. Ik wil eventjes een andere insteek geven. Minister, u hebt op Radio 2 vooral gesproken over de accumulatieverwarmingen toen dat nieuws wat in de markt werd gezet, maar ik zou u daarnaast ook een vraag willen stellen over de mensen die met een warmtepomp verwarmen. Nu, die discussie is hier ook al een aantal keren aan bod gekomen. Uw voorganger heeft dat eerst wat gerelativeerd en heeft daarna gezegd daar niets aan te kunnen doen. Ik ben echter blij dat u een gaatje hebt gevonden om dit soort ongewenste neveneffecten weg te werken. Althans, dat hoop ik toch. Indertijd werden de voorlopers, die mensen met warmtepompen toch wel zijn, er met financiële prikkels en met heel veel overtuigingskracht toe overgehaald om te investeren in warmtepompen. Het zou toch jammer zijn indien ze nu voor die keuze zouden worden gestraft. Nu weet ik wel dat accumulatiekachels geen duurzame keuze meer zijn, maar vroeger, in de jaren 70 en 80, was dat anders. De ombouw van dat soort kachels naar andere vormen van verwarming blijkt echter heel moeizaam te verlopen, omdat dit type van renovatie blijkbaar te ingrijpend is.

En wat de bezitters van warmtepompen betreft, kan het toch niet de bedoeling zijn dat ze opnieuw zouden opteren voor stookolie of gas. Ik hoor soms mensen die warmtepompen hebben, zeggen dat ze daarmee zullen stoppen en opnieuw met stookolie zullen verwarmen. Dat kan toch zeker niet de bedoeling zijn.

In de pers liet u recent optekenen dat u bereid bent de energieheffing aan te passen voor mensen die elektrisch verwarmen.

Welke groep beoogt u hiermee, enkel de mensen met accumulatieverwarming of ook de warmtepompbezitters?

Welke maatregelen plant u om mensen met accumulatieverwarming aan te zetten te kiezen voor een duurzamere verwarmingsbron, wetende dat die ombouw in het verleden geen succes was, althans niet in Vlaanderen?

Hebt u er een idee van hoeveel huizen, appartementen en kantoren in Vlaanderen verwarmd worden hoofdzakelijk met accumulatieverwarming en/of warmtepompen?

Hoe zal de aanpassing van de energieheffing eruit zien?

Denkt u aan nog andere aanpassingen aan de energieheffing? Daarmee sluit ik mij voor een stukje aan bij de vraag van collega Sintobin, die het vooral had over de gemeenschappelijke delen, bijvoorbeeld van appartementsgebouwen.

Minister Tommelein heeft het woord.

Volgens een raming van de VREG worden vandaag ongeveer 180.000 Vlaamse woningen verwarmd met accumulatieverwarming. Volgens het Vlaams Energieagentschap (VEA) zijn in Vlaamse woningen ongeveer 18.000 warmtepompen operationeel. Dat is dus nog altijd maar 10 procent van het aantal toestellen voor accumulatieverwarming.

Ik werk momenteel inderdaad aan een aanpassingsvoorstel betreffende de energieheffing. Dat heb ik ook geantwoord op een vraag van De Inspecteur, op Radio 2, zonder echt in detail te gaan. Het zou sowieso een verlaging betekenen van de heffing voor gezinnen met accumulatieverwarming of een warmtepomp. Ik denk vooral aan een herschikking van de schijven die de hoogte van de energieheffing bepalen.

Het is niet de bedoeling de energieheffing voor een bepaalde specifieke doelgroep te verminderen. Dit zou vanuit het gelijkheidsbeginsel absoluut niet verdedigbaar zijn. Ik plan dus ook geen aanpassing voor de gemeenschappelijke delen van appartementen of sociale wooncomplexen.

Net zoals voor de vorige vraag, mevrouw Taeldeman, geldt dat zolang dit aanpassingsvoorstel niet besproken en goedgekeurd is door de Vlaamse Regering, ik hierover niet meer details zal meedelen.

Normaal gezien zal ik deze aanpassing vóór de zomer voorstellen aan mijn collega’s. Het is de bedoeling ze vanaf 1 januari 2017 in werking te laten treden.

Het is inderdaad een feit dat gezinnen die elektrisch verwarmen een hoger elektriciteitsverbruik hebben. Het is juist, mijnheer Beenders, dat we ooit in vorige tijden, toen de dieren nog spraken, bij wijze van spreken, of toen u nog op de schoolbanken zat, de mensen gestimuleerd hebben elektrisch te verwarmen om onze kernenergie te laten opbrengen. Met andere woorden, iets dat constant draait, moet opbrengen; dat is ook één van de redenen waarom de lichten op de autosnelwegen in Vlaanderen bleven branden. We bevinden ons nu in een andere tijdsgeest. Het is belangrijk dat we beseffen dat elektrisch verwarmen energetisch geen goede optie is en dat we het verder moeten ontmoedigen. Dat is niet nieuw, we doen het al jaren, en ik zal het ook blijven doen.

Men kan het graag hebben of niet, maar een progressieve energieheffing op het verbruik is in die zin een bijkomende ontmoediging. We moeten het op een andere manier aanpakken. We moeten zorgen dat we zwaar inzetten op isolatiepremies, en dat doen we ook. Ik heb daarnet ook gezegd dat totaalisolatie belangrijker is dan deelisolatie. We moeten de zaken dus niet omdraaien. We moeten niet zeggen dat mensen in het verleden een verkeerde keuze gemaakt hebben, dat het moeilijk is om te veranderen en dat we de mensen dus niet zullen aanmoedigen. We moeten hen blijven aanmoedigen om dat te doen. Zeker in het geval van elektrisch verwarmde woningen is het van het allergrootste belang dat de woning goed geïsoleerd wordt zodat er zo weinig mogelijk energie verloren gaat. De cijfers van de VREG zijn duidelijk: het gemiddelde verbruik op de exclusieve nachtteller bedraagt 12.500 kWh. Gezinnen die met andere woorden via deze teller meer dan 20.000 kWh verbruiken, behoren dus zeker niet tot de zuinigste energieverbruikers. Als we de doelstellingen willen halen waarover we het allemaal zo eens zijn, moeten we die doelgroep een duidelijk signaal geven dat de mentaliteit moet veranderen. Ik weet dat dit niet voor iedereen even gemakkelijk is. Ik wil evenwel herhalen wat ik vorige week ook gezegd heb, namelijk dat een hele grote doelgroep van gezinnen vandaag in de energieheffing het laagste tarief betaalt, namelijk 25 euro.

Het gaat hier niet over de sociaal zwakkeren. Het gaat over mensen die jaren geleden een keuze hebben gemaakt en die we nu duidelijk moeten zeggen dat het dringend tijd wordt om een andere keuze te maken.

Sinds 2012 is er ook nog een verdubbeling van de warmtepomppremie indien deze warmtepomp wordt geplaatst ter vervanging van de elektrische installatie. Ik denk dat ook bij de sociale huisvesting al jaren premies worden gegeven voor de vervanging van elektrische verwarming. Omschakeling naar centrale verwarming komt ook in aanmerking voor de Vlaamse energielening, waarover we het daarnet hebben gehad, en voor de renovatiepremie en de verbeterings- en aanpassingspremie. Er worden dus massaal premies ingezet voor deze doelgroep. Ik denk dat het signaal dan ook duidelijk is.

Dat ik zal bijsturen, heb ik aangekondigd, en ik zal daarmee zo snel mogelijk naar de regering gaan, zodat het voor jullie duidelijk wordt. Ik wil echter geen verhaal waarbij we zeggen: we hebben iets slechts, het moet worden bijgestuurd, maar we geven het signaal dat we er niets aan zullen doen. Neen, we moeten blijven duidelijk maken en sensibiliseren dat elektrische verwarming geen goede optie is. We moeten dat op de website www.energiesparen.be blijven communiceren en het regelgevend in orde brengen.

Voor mij is de boodschap duidelijk. Ik zal mijn collega’s voorstellen de energieheffing aan te passen, maar van een verhaal waarbij we elektrisch verwarmen verder stimuleren of zullen stimuleren, is absoluut geen sprake.

De heer Sintobin heeft het woord.

Minister, u hebt duidelijk nog veel werk vóór de zomer, als ik u zo hoor. Ook wij hebben nog veel werk. Ik dacht dat ook het stroomplan is aangekondigd vóór de zomer. U hebt zonet op de vraag van collega Taeldeman ook al …

Mijnheer Sintobin, een klein ogenblikje. ‘Stroomversnelling’ is een traject, een project, het is geen plan. U bent volgende week trouwens uitgenodigd om mee te denken aan het traject voor de komende periode.

Maar er is nog veel werk voor de boeg. U hebt eigenlijk niet gereageerd op mijn bijkomende opmerking met betrekking tot de eventuele aanpassing van de energieheffing, wat toch een belangrijk gegeven is. Ik denk dat de 2 miljard subsidie voor de biomassacentrale daarin ook een rol speelt. U laat weten dat u dat juridisch zult laten onderzoeken, maar zolang er daarover geen duidelijkheid is, weten we ook niet of dat bedrag al dan niet zal worden toegekend.

Ik ben het met u eens wanneer u zegt dat iedereen gelijk moet zijn voor de wet, maar u kunt toch niet ontkennen dat mensen die in een appartementsgebouw wonen, tweemaal getroffen worden door de energieheffing, eenmaal privé en eenmaal voor de gemeenschappelijke delen. Ook voor hen zou u toch een inspanning moeten doen.

Ik ben het absoluut met u eens dat u mensen moet stimuleren tot het omschakelen van elektrische verwarming naar andere vormen van energie. Dat is natuurlijk allemaal niet zo evident. Vanuit onze positie is het gemakkelijk om dat aan te kondigen; voor heel wat privépersonen is het echter allemaal niet zo evident. U kunt ook niet ontkennen dat u een ietwat diffuse boodschap brengt. U zegt dat omgeschakeld moet worden, maar in het radio-interview hebt u toch duidelijk gesteld: “De energieheffing heeft ertoe geleid dat mensen die uitsluitend met elektriciteit verwarmen, een veel hogere factuur hebben. Zij zien het bedrag oplopen tot 770 euro, daar gaan we iets aan doen.” Ik heb nu niet de volledige tekst bij, maar u hebt niet gezegd dat de mensen moeten omschakelen; u hebt gezegd dat u iets zou doen aan de energieheffing voor mensen die elektrisch verwarmen. Enkele weken later zegt u dat vooral ingezet moet worden op het omschakelen van elektrische verwarming naar andere vormen van energie. We hadden het daarnet ook over de energielening en administratieve vereenvoudiging. Maar de mensen weten niet hoe ze moeten omgaan met die energielening. Ik denk dat ook hier duidelijkheid het beste signaal kan zijn. U kunt niet eenmaal zeggen dat u iets zult doen aan die energieheffing en twee weken later zeggen dat de mensen moeten omschakelen.

Minister, het is natuurlijk een beetje uw stijl, maar misschien moet u wat minder aankondigen en alleen maar met concrete zaken naar het parlement komen. Anders brengt u een diffuse boodschap.

De heer Beenders heeft het woord.

Rob Beenders (sp·a)

Dank u wel, minister. De verwachtingen zijn hoog gespannen door uw aankondiging. U merkte dat wel aan de vele reacties die zijn gekomen.

Ik wil een constructief voorstel doen. Wanneer het gaat om mensen die vandaag elektrisch verwarmen, kunnen we nog veel oproepen doen om om te schakelen naar een andere vorm, maar vandaag hebben heel wat mensen die mogelijkheid niet. Het is ook niet juist om steeds te refereren aan het feit dat mensen die het vandaag moeilijk hebben, altijd vallen in die schijf van 25 euro. Er zijn ongeveer 480.000 mensen in energiearmoede. Er zijn er iets meer dan 200.000 die in de schijf van de 25 euro vallen. Er is een groep mensen die in een sociale woning woont en alleen op elektrische verwarming is aangesloten en geen sociale correctie krijgt, maar er heel dichtbij zit om ervoor in aanmerking te komen. Als u een wijziging doet, wil ik u oproepen om de groep van mensen die recht heeft op een sociale correctie, meteen uit te breiden. Dan lost u ook al een heel groot probleem op van hoge facturen tot 770 euro energieheffing die worden gepresenteerd aan mensen die elektrisch verwarmen. Dat zorgt er ook voor dat het op een eerlijkere manier wordt geïnd en dat die mensen die vandaag niet in de mogelijkheid zijn om te switchen naar een andere vorm van energie, op korte termijn al worden geholpen. Wanneer u met stimulansen en met subsidies komt om de omschakeling te maken van elektrische verwarming naar een andere bron, is dat goed, maar u moet tegelijkertijd zorgen dat de mensen die die mogelijkheid echt niet hebben omdat ze geen andere aansluitingen kunnen realiseren, aan de groep van sociale correcties worden toegevoegd. Dan hebt u twee groepen kunnen helpen op korte termijn en zijn we al een hele stap vooruit om de betaalbaarheid van de elektriciteitsfactuur te garanderen op korte termijn.

De heer Danen heeft het woord.

Ik ben het met veel eens wat u zegt, minister, onder andere dat we het elektrisch verwarmen moeten destimuleren. Accumulatieverwarming is geen duurzame keuze, daarover ben ik het met u eens. Waar ik het niet mee eens ben, is dat het doorgaans geen sociaal zwakkeren zijn. Er zijn zeker mensen die in grote villa’s wonen van de jaren 70 of 80, die elektrisch verwarmen en veel verbruiken. Voor die groep moeten we volgens mij niet zo veel doen. Maar er zijn ook mensen die in sociale appartementen of oude huizen wonen en elektrisch verwarmen. Volgens mij moeten we voor die mensen wel wat doen.

Ik erken dat u al heel wat hebt gedaan om mensen te stimuleren om van die accumulatiekachels af te komen. Maar als ik zie welk resultaat dat heeft, dan moet u toch met mij erkennen dat dat nog niet genoeg is. Volgens mij moeten we nog meer doen. Ik zie het niet altijd in centen. Misschien moeten we mensen meer ontzorgen en moeten we de energiehuizen daar een belangrijke verantwoordelijkheid in geven om mensen te helpen om van hun accumulatiekachels af te geraken. Ik heb met een aantal installateurs en met een aantal armoedeverenigingen gesproken. Zij zeggen me heel duidelijk dat het geen evidente zaak is om een accumulatiekachel te vervangen door een warmtepomp of een andere kachel omdat het zo ingrijpend is en veel installateurs op voorhand niet kunnen zeggen wat dat zal kosten. Voor veel mensen is dat een onzekerheid waar ze moeilijk mee om kunnen. Volgens mij zijn er op dat vlak wel goede voorbeelden in het buitenland die gewerkt hebben. Ik zou u willen vragen om eens te kijken naar andere landen. Bijvoorbeeld de Scandinavische landen hebben lange tijd massaal elektrisch verwarmd. Ondertussen doen ze dat veel minder. Ze hebben een traject opgezet dat blijkbaar wel werkt.

Een heel ander verhaal is dat van mensen die een warmtepomp hebben. We moeten wel stimuleren dat mensen meer met warmtepompen gaan verwarmen, maar we mogen ze dan niet straffen met een hoge energiefactuur. De energieheffing is ook niet het enige instrument om daar iets aan te doen. Het exclusief nachttarief staat bijvoorbeeld niet open voor warmtepompen. Die mensen verwarmen meestal niet ’s nachts, maar misschien is er wel een oplossing om een dergelijk tarief open te stellen voor mensen met een warmtepomp zodat ze overdag een aantal keren gebruik kunnen maken van die zogenaamde exclusieve nachtmeter. De heer Gryffroy vertelde me dat bijvoorbeeld in Oostenrijk een dergelijk systeem bestaat. In het buitenland zijn oplossingen gezocht voor dergelijke problemen waar we van kunnen leren, en dat moeten we zeker doen.

In Vlaanderen zijn er twee problemen. Die mensen kunnen geen gebruik maken van een exclusieve nachtmeter, gewoon omdat het niet mag of niet kan. Dan moet je dat openstellen en moet je de termijnen alleszins langer maken, dus niet alleen ’s nachts maar ook overdag, niet constant. Er zijn volgens mij modaliteiten te vinden om die mensen te helpen en hen niet te culpabiliseren. Ik voorspel u dat binnen een paar weken of maanden de federatie van warmtepompinstallateurs aan uw deur zal staan om te zeggen dat ze een groot probleem hebben. Ik zou willen dat u dat probleem op voorhand oplost in plaats van te moeten kijken hoe men de schade die is aangericht, kan beperken. Volgens mij is het nu nog niet te laat, maar dan moeten we nu wel in gang schieten.

De heer Schiltz heeft het woord.

Collega’s, ik ben het niet eens met wat de heer Sintobin zegt. De minister is volstrekt duidelijk. Hij heeft aangekondigd dat hij een aantal ongewenste neveneffecten van de heffing wil herbekijken, en dan specifiek gefocust op de 770 euro voor mensen met een elektrische verwarming, omdat dat wel bijzonder hoog is. Dat is het. Er is niet meer gezegd. Nu voegt de minister daaraan toe dat we daarbij ook het onderscheid moeten maken tussen wie duurzaam verwarmt en wie niet duurzaam verwarmt. Accumulatieverwarmingen zijn niet duurzaam.

Collega’s, we kunnen hier vandaag toch geen debat hebben over de hele energiepolitiek op basis van de energieheffing? De energieheffing is vooral een manier om zo snel mogelijk en zo correct mogelijk de schulden uit het verleden op te lossen zodat we met een frisse lei een modern energiebeleid op poten kunnen zetten, waarvoor de stroomversnelling op poten wordt gezet, zo dacht ik toch begrepen te hebben. Van twee zaken één: die schulden gaan nooit vanzelf verdwijnen. Als we niet liever zouden willen dan die energieheffing af te schaffen, dan blijft die put en die schuld daar nog altijd staan. We moeten dus wel opletten dat we voldoende middelen uit die energieheffing kunnen halen om die schuld af te betalen. Een schuld die blijft staan en niet afbetaald wordt, genereert alleen maar meer intresten, waardoor de schulden alleen maar hoger worden.

Collega Danen, ik vind het een zeer interessante piste dat warmtepompen niet hetzelfde zijn als accumulatieverwarmingen. Het principe ‘de vervuiler betaalt’ moet steeds voorop staat. Maar, collega’s, u weet ook, en we hebben het er al uitvoerig over gehad bij de discussie over de modaliteiten van de energieheffing, dat we niet eenvoudig op verbruik kunnen taxeren en dat er wel degelijk voor een andere belastinggrondslag moet worden gezorgd. Dat is in dezen het aansluitpunt. Nu ook voor appartementen de gemeenschappelijke meter vrijstellen, is niet zo evident als het lijkt, geloof me vrij. Er is op deze energieheffing enorm gezocht en gewroet om de impact ervan zo gelijk mogelijk over de bevolking te spreiden en zo rechtvaardig mogelijk binnen de juridische contraintes te installeren. Ik moedig de minister aan om een aantal uitschieters, zoals die 770 euro, te bekijken, maar we moeten ons er vooral voor hoeden om het hele energiedebat volledig te enten op de energieheffing. Het is gelukkig veel meer dan dat alleen.

De heer Gryffroy heeft het woord.

In de lijn van wat collega Schiltz zegt, heb ik de indruk dat hier veel op een hoop gesmeten wordt. Wat ik heb begrepen uit de communicatie op de radio en uit de uitleg die nu wordt gegeven, is dat de minister onderzoekt of hij in een bijkomende staffeling voorziet. Als die bijkomende staffeling er komt, dan is dat voor iedereen binnen dat verbruikspakket, ook de kmo’s. Ik denk niet dat we op basis van het gelijkheidsprincipe een uitzondering kunnen maken voor mensen die op een accumulatiewarmtepomp zitten, want dan kan je een probleem hebben met de Raad van State en het Grondwettelijk Hof.

De cijfers kloppen dat er ongeveer 12.000 gezinnen zijn die een verbruik hebben dat meer is dan 20.000 kilowattuur. Dat zijn die mensen met een exclusieve nachtteller. Als men kijkt naar het normale verbruik met een dag- en nachtteller, ligt dat gemiddeld hoger dan bij andere gezinnen. Dat komt deels door het feit dat die mensen altijd hebben gedacht dat ze werken met de beste brandstof, als ik me zo mag uitdrukken, en zich niet echt rekenschap geven van hun verbruik.

Wat ik hier niet hoor van de drie voorgaande sprekers, is dat de energiepremies voor die mensen die een accumulatieverwarming voor warmtepompen hebben, verdubbeld zijn. Dat was de deal die gemaakt is. Jullie doen alsof dat plots niet meer bestaat, maar dat is wel degelijk afgesproken geweest, omdat we wilden inzetten op minder kilowattuur.

Ik heb gesproken met de federatie van de installateurs van warmtepompen. Ik heb ook met verschillende leveranciers gesproken die een vertegenwoordiging in Vlaanderen hebben. Die energieheffing gaat het niet oplossen.

De oplossing zit in de toekomst, als we het partieel capaciteitstarief invoeren. Ik ben daar allang vragende partij voor. Het Sperrzeiten-Tarif heet dat in Oostenrijk. Dan kan men vanuit de markt schakelen en niet schakelen enzovoort. Zo heeft men een incentive. Het is enkel wachten op een regulator. De laatste communicaties spreken van 2020, oorspronkelijk was het 2017. Dat schuift zomaar eventjes drie jaar op.

Dat gecombineerd met uw slimme meter zal de discussie kunnen beslechten, als ik het zo mag uitdrukken, specifiek voor die groep van mensen met accumulatie. Zoals u terecht zegt, dat is geen duurzame keuze. In heel veel appartementen werd dat geplaatst omdat de investering niet groot is. Dat is zeker zo in bouwprojecten waar de appartementen verhuurd worden. Met andere woorden, u kunt daarop inspelen.

In verband met de gemeenschappelijke delen, mijnheer Sintobin, is in de appartementen met minder dan zes tot acht units – ik heb dat al aangekaart – de verlichting van de traphal geschakeld op één appartement of op verschillende appartementen, afhankelijk op welke traphal men zit. Er is enkel een gemeenschappelijke teller vanaf een bepaald aantal units en als er bijvoorbeeld ook een lift aanwezig is. (Opmerkingen van Stefaan Sintobin)

Neen, zelfs in nieuwbouwprojecten werkt men maximaal naar een gelijkvloers met twee verdiepingen erop. Zelfs in de sociale woningbouw werkt men met buitentrappen omdat men dan bouwkundig besparingen doet en geen binnentrappen moet plaatsen. Dan voorziet men zelfs niet in een gemeenschappelijke teller. Plots uitroepen dat een appartement met twee units plots 50 euro bijkomend moet betalen aan energieheffing vind ik een beetje sloganesk.

Ik wacht af wat u binnen de regering overeenkomt omtrent uw ideeën. Voor mij is het in elk geval: we kunnen niet werken voor een bepaalde doelgroep, dus moet er een oplossing komen met een bijkomende staffel.

De heer Bothuyne heeft het woord.

Ik kijk uit naar de voorstellen die de minister aan de regering zal voorleggen en die men daar zal bespreken.

Er wordt gezwaaid met het gelijkheidsbeginsel. Dat is inderdaad een zeer belangrijk element in ons rechtssysteem. Alleen kunnen we het langs twee kanten bekijken. Een uitzondering maken in de heffing voor bepaalde verbruikerscategorieën lijkt moeilijk wegens het gelijkheidsbeginsel. Aan de andere kant zijn we nu bezig met 200.000 mensen die elektriciteit gebruiken om zich te verwarmen, op een andere manier te belasten dan alle andere gezinnen die geen elektriciteit gebruiken voor hun verwarming. Ook daar zou een schending van het gelijkheidsbeginsel in kunnen worden gelezen. Ik denk dat het nuttig is om die twee categorieën apart te benaderen. Dat zullen we dus kunnen bekijken bij de voorstellen van de minister. Wij kijken ernaar uit.

Minister Tommelein heeft het woord.

Ik ga niet heel de energiepolitiek voor de komende maanden en jaren uiteenzetten, daarvoor kom ik met een energieplan naar de regering, zoals afgesproken nog voor de zomer. Er zal dus nog veel gebeuren voor de zomer.

Ik heb dat allemaal aangekondigd, mijnheer Sintobin, maar het gaat er ook komen. Ik ga binnen een aantal weken met een zonneplan naar de regering. Ik heb dat aangekondigd en ik ga dat doen. Het energieplan is nog iets anders dan het zonneplan. Vandaag hebben we de Fast Lane Wind, dat trouwens nog verder moet worden uitgewerkt. Ik heb gezegd dat er ook een zonneplan komt, en dat komt er. Ik luister straks met heel veel interesse naar de conceptnota van de heer Gryffroy over het zonnedelen, dat ongetwijfeld deel zal uitmaken van het zonneplan.

Dan is er het project Stroomversnelling. Volgende week ga ik met geïnteresseerde actoren van het terrein en met parlementsleden samen nadenken over de energievisie voor de toekomst. Een zonneplan is niet voldoende. We hebben een goed becijferd energieplan nodig, mijnheer Gryffroy, zoals u mij gevraagd hebt.

We zullen rekening moeten houden met elementen uit het verleden, dat is juist. Waarom geef ik geen duidelijkheid over de energieheffing? U geeft zelf het antwoord, mijnheer Sintobin. U zegt: u geeft geen duidelijkheid over wat vandaag in de kranten staat. Maar ik ga niet voort op de kranten. Ik heb gezegd dat ik het juridisch nauwlettend zal opvolgen. Dan ga ik geen aankondigingen doen waar ik niet zeker van ben. U moet niet denken dat ik aankondigingen doe om aankondigingen te doen. Als ik aankondigingen doe, weet ik wat ik wil.

U zegt: met goede resultaten. Maar die cijfers komen niet van mij. Ik heb geen cijfers vrijgegeven over het aantal bestelde zonnepanelen. Dat komt niet van mij. Ik heb dat ook niet geïnstrueerd. Dat is het resultaat van één maand oproepen tot noodzakelijke ingrepen. Dat zal noodzakelijk zijn in gelijk welke omstandigheden. Of het nu de heer Beenders, de heer Gryffroy of iemand anders is, die de verantwoordelijkheid heeft om dat te doen, iedereen zal een zonneplan moeten maken. Iedereen! Zonder zon zullen we nooit onze doelstellingen bereiken.

Dat ik met een aantal zaken uit het verleden rekening moet houden, mijnheer Beenders, dat is juist. Maar goed, we hebben gezegd: we gaan daar niet meer over discussiëren. We gaan kijken naar de toekomst. We gaan kijken wat we moeten doen.

Ik vind dat wel leuk, mijnheer Sintobin, dat u citeert wat ik op de radio heb gezegd. Dat gesprek in De Inspecteur, dat is geknipt, dat is niet live uitgezonden. Wat ik daar allemaal gezegd heb, weet u niet. (Gelach)

U weet alleen wat er uitgezonden is. (Opmerkingen van Stefaan Sintobin)

Ik heb gezegd wat ik gezegd heb, maar ik heb ook nog andere dingen gezegd die niet uitgezonden zijn. Als u citeert, mag u dat niet selectief doen. U mag ook eens Knack lezen. Twee weken geleden heb ik daar letterlijk gezegd: ik beloof niets! (Opmerkingen van Stefaan Sintobin)

Dat hebt u niet gelezen! Dat citeert u niet! (Opmerkingen van Stefaan Sintobin)

Ah, u hebt het toch gelezen, maar u citeert het niet.

Ik heb ook gezegd: iedereen denkt dat alles gratis is, maar ook groene stroom is niet gratis! Dat staat daar allemaal in, maar dat citeert u niet; u citeert alleen de dingen die u goed uitkomen. Goed, ik neem u dat niet kwalijk. It’s the duty of the opposition to oppose.

Mijnheer Beenders, u hebt het over 200.000 en een beetje. Het zijn er wel 220.000. Zijn 20.000 mensen voor u ‘een beetje’? Het zijn trouwens gezinnen, geen mensen. 20.000 gezinnen, dat is al een vrij grote Vlaamse stad. U moet daar niet zo neerbuigend over doen. Het kan natuurlijk altijd beter.

Weet u wat ik het liefst zou hebben? Ik zou het liefst de hele energieheffing afschaffen. Dat is mijn grote droom! Maar ja, ik kan niet toveren. Ik moet nu eenmaal rekening houden met beslissingen uit het verleden. U wilt van 220.000 al meteen 480.000 mensen maken die een verminderde bijdrage moeten betalen. Wie gaat dat betalen? Wie? Dat is de vraag, mijnheer Beenders! Gratis bestaat niet, dat weet intussen iedereen. Iemand moet het betalen.

Ik kan uw oproep wel volgen, mijnheer Danen. Ik wil wel hoor. Maar we moeten dat eens bekijken. Een energielening aan 0 procent! Premies aan alle kanten! Voor de warmtepomp een verdubbeling van de premies! En een lagere energiefactuur! Zeg me eens wat ik nog meer moet doen? Buiten het feit dat de mensen het moeten weten, dat we moeten communiceren?

Mijnheer Sintobin, ik zal het nog eens herhalen: een energielening aan 0 procent! Nul! Niks! Dat is wel gratis, mijnheer Beenders. Nul. Men betaalt geen intrest. Men krijgt premies om zijn huis te isoleren en te renoveren, om hernieuwbare energie te installeren, om warmtepompen te plaatsen hebben we dat zelfs verdubbeld. Men krijgt erbovenop nog eens een lagere energiefactuur! Wat kan men nog meer doen?

Ik zeg heel duidelijk: zorg dat iedereen het weet. Zorg dat iedereen gemotiveerd raakt. Zorg dat de mensen die op een slechte manier verwarmen, mee zijn in het verhaal, mee overtuigd raken dat ze moeten doen wat men moet doen. Het is heel belangrijk dat we daar allemaal aan hetzelfde zeel trekken.

Minister, ik wil u er even aan herinneren dat we versterking hebben op de micro’s hier. (Gelach)

De heer Sintobin heeft het woord.

Minister, u mag zich zo niet kwaad maken. Ik ken uw temperament natuurlijk.

You ain’t seen nothing yet, mijnheer Sintobin. (Gelach)

Ik heb in het verleden al met u gedebatteerd natuurlijk.

U hebt zelf gezegd dat u een parlementaire reflex hebt. U kunt dan natuurlijk niet verwonderd zijn dat wij als parlementsleden vragen stellen wanneer u iets aankondigt. U kunt dan wel zeggen dat ik sommige zaken selectief lees en er de dingen uit haal die mij het best passen. Maar dat hebt u in het verleden ook gedaan. Dat kan voor u dus geen probleem zijn.

Ik zeg alleen dat u de impact van aankondigingen en uitspraken niet mag onderschatten. Het mooiste bewijs is dat de mensen uw hartstochtelijke oproep inzake zonnepanelen hebben opgevolgd. Als ik de cijfers, de plaatsers en de producenten mag geloven, is er een rush op zonnepanelen naar aanleiding van uw oproep. Of er genoeg zonnepanelen zullen zijn om de klimaatdoelstelling te halen, is nog een andere vraag. Dat is trouwens maar één facet van de hele problematiek. Mijnheer Schiltz, ik ben het met u eens dat wij het energiedebat niet moeten herleiden tot enkel een debat over de energieheffing.

Mijnheer Gryffroy, u noemt de vraag om iets te doen aan de energieheffing wat betreft de gemeenschappelijke delen van appartementsgebouwen sloganesk. Ik denk niet dat de CIB en de huisvestingsmaatschappijen op basis van sloganeske taal die vraag stellen aan de minister. Ik heb die vraag gewoon overgenomen. Dat is mijn recht en mijn taak als oppositielid. Minister, u zult mij in deze commissie nog vaker tegenkomen naar aanleiding van een aankondiging inzake uw energiebeleid.

De heer Beenders heeft het woord.

Rob Beenders (sp·a)

Minister, dank u voor uw antwoord. Wij hebben in dit parlement allemaal dezelfde ambitie: ervoor zorgen dat we de energiearmoede kunnen terugdringen. Het is dan ook normaal dat we de cijfers die we krijgen en kennen, gebruiken wanneer we beleid maken. Vandaag zien we dat er 486.000 mensen in energiearmoede zitten. Er worden er – om het juiste aantal te gebruiken – 220.000 bereikt met sociale correcties binnen de energieheffing. Dan is het toch logisch dat we vanuit dit parlement oproepen om te proberen al het mogelijke te ondernemen om die groep van sociale correcties uit te breiden? Als u dan toch aanpassingen aankondigt voor een bepaalde groep Vlamingen, is het toch ook logisch dat u deze groep herbekijkt? Als we consequent zijn in het terugdringen van de energiearmoede, moet u er bij de neveneffecten van deze energieheffing voor zorgen dat de groep van mensen die recht hebben op een sociale correctie, met 260.000 gezinnen toeneemt, zodat iedereen die vandaag in energiearmoede zit, kan rekenen op een sociale correctie. Dat is eerlijk beleid voeren.

De heer Danen heeft het woord.

Minister, dank u voor uw antwoord. Ik ben de eerste om te erkennen dat er veel maatregelen zijn om mensen met accumulatieverwarming ertoe aan te zetten om met iets anders te verwarmen. De cijfers zijn wat ze zijn: ze zijn heel erg laag. Blijkbaar is het allemaal nog niet genoeg.

Ik heb heel duidelijk gezegd dat het volgens mij niet gaat om het feit dat er te weinig financiële incentives zijn. Mensen beginnen er gewoon niet aan omdat ze niet goed weten hoe ze het moeten aanpakken, omdat ze moeilijk een installateur vinden, omdat die ontzorging ontbreekt. Minister, ik daag u uit om te zoeken naar hoe wij ervoor kunnen zorgen dat we die accumulatiekachels uit onze Vlaamse huizen krijgen, zodat de mensen inderdaad overschakelen naar een warmtepomp. Dat is een heel goed alternatief. Er bestaat zelfs een dubbele premie. Ik ben de eerste om te erkennen dat dat een goede maatregel is. Maar hij bereikt die groep van mensen veel te weinig. Ik wil u ook vragen om over het muurtje te kijken. De Scandinavische landen hebben een succesvol traject afgelegd om elektrische verwarming uit hun huizen te krijgen ten voordele van iets anders. Wij kunnen leren van onze buren. Laten we dat ook doen. Ik zal hier zeker nog op terugkomen.

De vragen om uitleg zijn afgehandeld.

Vergadering bijwonen

U wil een vergadering  bijwonen? Dat kan! U kunt zich gewoon aanmelden bij de bezoekersingang (Leuvenseweg 86, 1000 Brussel).

Zolang er zitplaatsen vrij zijn, worden toehoorders binnengelaten. Zitplaatsen kunnen niet gereserveerd worden. Raadpleeg vooraf de agenda van de plenaire vergaderingen of de commissievergaderingen.

U kunt ook steeds de plenaire vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube. 

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.