U bent hier

Mevrouw Robeyns heeft het woord.

Voorzitter, minister, collega’s, recent stelde collega Vermeulen een vraag over de nieuwe databank voor identificatie en registratie van honden. Het huidig contract loopt nog tot eind 2016. U bent momenteel in overleg met de andere gewesten voor een nieuwe aanbesteding om te komen tot één databank voor België zowel voor honden als katten.

Minister, ik veronderstel dat in het overleg met de andere gewesten ook gesproken wordt over de lastvoorwaarden en gunningscriteria voor deze nieuwe opdracht. Het nieuwe beheerscontract biedt misschien ook opportuniteiten om nog meer barrières op te werpen in de strijd tegen de illegale handel van puppy’s. In afwachting van een harmonisatie van de identificatie en registratie op Europees niveau zouden we zelf ook strengere voorwaarden kunnen opleggen voor de identificatie en registratie van honden. Ik verneem immers dat malafide hondenhandelaars vandaag buitenlandse paspoorten vervangen door Belgische, en zo door fraude met de chips illegaal handel met puppy’s drijven.

De kans op deze vorm van fraude zouden we aanzienlijk kunnen verkleinen door naast de puppy ook het moederdier verplicht te identificeren en te registreren. Zo zou bij elke in België geboren puppy die geregistreerd wordt ook het moederdier geïdentificeerd moeten worden. De dierenarts zou eenvoudig naast het nummer van de microchip van de puppy ook het nummer van de moeder kunnen noteren. Op die manier wordt het voor malafide hondenhandelaars moeilijker om op zoek te gaan naar een vrouwelijk dier dat als de moeder zou kunnen verschijnen wanneer de puppy niet in België geboren wordt. Bovendien maakt deze verplichte bijkomende registratie ook een controle van het maximaal aantal nesten per jaar mogelijk.

Minister, wat is de stand van zaken van de nieuwe aanbesteding voor de databank? Hebt u weet van het feit dat vandaag malafide hondenhandelaars buitenlandse paspoorten van een hond vervangen door Belgische en zo pups uit Oost-Europa als Belgische pups verkopen? Hebt u een zicht op de omvang van deze problematiek? Op welke wijze wordt vandaag de identificatie en registratie van honden gecontroleerd? En hoe probeert men fraude met chips te voorkomen? Deelt u de mening dat het verplicht identificeren en registreren van de moederhond samen met de puppy de kans op fraude aanzienlijk kan verkleinen? Zo ja, bent u bereid om hieraan te werken? Zo neen, waarom niet?

De heer Ceyssens heeft het woord.

Voorzitter, minister, collega’s, mijn vraag sluit aan bij die van mevrouw Robeyns. Ik wil er ook op wijzen dat ik deze suggestie ook al gedaan heb bij de bespreking van de beleidsnota Dierenwelzijn. Ik zou graag vernemen hoever men intussen staat.

We moeten niet meer terugkomen op de problematiek van frauduleuze import van puppy’s, maar dat we eens moeten kijken naar het recente verleden. Sinds 2015 moeten pups ten minste vijftien weken oud zijn om in België geïmporteerd te mogen worden. Ze mogen pas verhandeld worden na vijf dagen quarantaine. Het gaat dan over een zestien weken oude pup die nog wordt verkocht. Niet alleen is die pup dan minder aantrekkelijk. Het knuffelgehalte is minder hoog. Bovendien is de socialisatieperiode dan zo goed als voorbij. Minister, ik heb u destijds al eens gezegd dat dit volgens mij zou kunnen betekenen dat hierdoor de illegale import zou kunnen uitbreiden.

In Vlaanderen is de officiële import met 17 procent gedaald in 2015 tegenover 2014. Dit in tegenstelling met het aantal geregistreerde honden, dat slechts met 1 procent daalde. Dit roept vragen op. Is er een plotselinge stijging van Belgische kwekerijen? Of is er een toename van het aantal honden dat naar België wordt gesmokkeld en die worden ‘witgewassen’ om als Belgische honden verkocht te worden?

Om aan de door België opgevraagde voorwaarden te ontsnappen, gaan sommige kwekers op een illegale wijze importeren. Geïmporteerde pups dus, die niet-gechipt of zonder paspoort de grens overgesmokkeld worden. In sommige gevallen beschikken de pups over een buitenlandse chip en paspoort met als enige doel zich in te dekken bij controles bij transport. Bovendien kunnen microchips naar het buitenland worden opgestuurd, waarna de bijhorende sticker op het paspoort geplakt zal worden nadat het dier de grens over is.

Er bestaat nochtans een eenvoudig, efficiënt en gemakkelijk instrument dat een extra barrière zou betekenen voor de illegale handel, namelijk een databank voor het registreren van het identificatienummer van het moederdier. Bij elke in België geboren pup zou ook het moederdier moeten worden geïdentificeerd. Op die manier staat onomstotelijk vast dat de pup uit Vlaanderen afkomstig is. Bovendien kan men daarmee de illegale fokkers tegenhouden, want er worden nog heel wat pups illegaal geïmporteerd.

Minister, hoe staat u tegenover het registreren van het identificatienummer van het moederdier, en als het kan ook het vaderdier? Zorgt dit volgens u voor een barrière voor de illegale handel van pups? Hebt u hieromtrent al overleg gehad met uw Brusselse en Waalse collega’s? Dit vereist een aanpassing van het ministerieel besluit van 25 april 2014 betreffende de identificatie en registratie van honden. Zult u deze aanpassing doorvoeren?

Minister Weyts heeft het woord.

Minister Ben Weyts

Ik geef eerst even een stand van zaken. Zoals u weet willen we de aanbesteding voor de databank met de drie gewesten samen organiseren en dat vergt wel wat overleg. Aangezien het gaat over een databank voor zowel honden als katten, was er ook discussie of we ze in één keer in de markt zouden zetten of met twee verschillende aanbestedingen. Uiteindelijk heeft onze dienst Dierenwelzijn een eigen offerte uitgeschreven, waarbij de bieder zelf mag beslissen of hij meedingt voor elke databank apart of voor de twee samen. Daar gaat het Waalse Gewest intussen mee akkoord, van het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest moet ik nog een bevestiging krijgen. Het ontwerpbestek bestaat dus, we moeten nog even wachten op de finale go vanuit Brussel en dan kan het worden uitgestuurd.

In verband met de registratie van het chipnummer van de moeder moeten we een afweging maken tussen de meerkosten en de baten. Voor eigenaar en dierenarts houdt die registratie een bijkomende kost in door administratieve lasten, eenvoudigweg omdat elke bijkomende bewerking tijd en elk extra gegeven dat we moeten opslaan, extra opslagcapaciteit vraagt. Dat werkt door in de kostprijs. Daarnaast leert de ervaring ook dat bij de registratie en het manueel invullen van de chipnummers – die tellen vijftien cijfers – het risico op fouten hoog is, zowel bij de dierenarts als bij de beheerder van de databank. Daarom moet ook worden gezorgd voor de nodige controle- en correctiemechanismen en ook dat vergt weer extra personeel.

Erkende kwekers moeten nu al alle gegevens over de oorsprong van de door hen gekweekte pups bijhouden. Voor de nesten die ze zelf kweken, moeten ze de identificatiegegevens van het vader- en moederdier bijhouden. Die gegevens zijn dus al beschikbaar, kunnen ook worden opgevraagd en worden gecontroleerd. Bij die controle wordt de overeenkomst tussen de worpfiches en de inventaris van de moederdieren, het register van verkochte pups en de gegevens van de databank nagegaan. Bij de handelaars die pups vanuit het buitenland invoeren, kunnen ook de gegevens uit TRACES, het Europees programma, worden vergeleken met de andere beschikbare gegevens. Bij niet-erkende kwekers kan op basis van de gegevens in de databank worden nagegaan of de kweker op het ogenblik van de geboorte van de pup een teef van het juiste ras had en of de tussenworptijden realistisch zijn. Dat geeft ook een goede indicatie voor eventuele fraude.

Eigenlijk beschikt de inspectie vandaag al over een betrekkelijk uitgebreid arsenaal aan controlemogelijkheden en ze gebruikt die ook. Vooralsnog blijkt uit de controles die zijn uitgevoerd dat er in Vlaanderen geen sprake is van systematische fraude op het vlak van de registratie van honden. Het registreren van de gegevens van het moederdier blijkt trouwens ook niet fraudevrij te zijn. De kynologische vereniging Sint-Hubertus is dat zelf eens nagegaan en stelde vast dat pups soms bij een andere teef worden ondergeschoven. Daarom werken zij nu zelf met DNA-analyse. Ze vinden dat een meer sluitend en minder fraudegevoelig systeem. De toegevoegde waarde van de registratie van de microchip van de moeder is volgens mij dan ook eerder beperkt. We hebben over die optie wel gediscussieerd in het overleg met de andere gewesten, maar ook de andere twee gewesten waren van oordeel dat de baten beperkt zijn.

Dat fraude met paspoorten en microchips in de Europese hondenhandel mogelijk is, is natuurlijk vooral te wijten aan de Europese regelgeving en daarvoor zijn de suggesties die vandaag worden gedaan, ook geen oplossing. De Europese regelgeving bepaalt dat de microchip en het paspoort verplicht zijn voor het intracommunautair verkeer, maar het vervangen van paspoorten en microchips is niet verboden. We hebben er bij herhaling al op aangedrongen om dat wel te verbieden, maar zolang het systeem blijft bestaan, blijft daar het belangrijkste probleem zitten. Ik hoef er ook geen tekening bij te maken welke gevolgen dat heeft voor de traceerbaarheid.

Alleszins gelden wij vandaag al als een voorbeeld in Europa voor de regelgeving inzake hondenregistratie en -handel. Registratie is nog altijd maar in een beperkte aantal Europese lidstaten verplicht. In de meeste lidstaten gelden er ook geen of slechts beperkte voorwaarden voor fokkers en handelaars en is een verplichte erkenning onbestaande, terwijl er in Vlaanderen toch wel strikte regels gelden. We leggen zelfs buitenlandse leveranciers voorwaarden op, en dat is toch zeer verregaand. Ik vind de rabiësregelgeving positief. Ze zorgt er de facto voor dat pups zestien weken oud moeten zijn voor ze kunnen worden geïmporteerd. Als de import daardoor daalt, is dat goed, omdat net de binnenlandse kwekers aan stringente voorwaarden moeten voldoen. We kunnen die ook veel beter controleren dan de import. We hebben een voortrekkersrol en expertise ontwikkeld en op basis daarvan worden we geregeld bevraagd. Op het ogenblik werken we ook samen met Zweden, Denemarken, Nederland en Duitsland aan een position paper voor een Europese aanpak van de hondenhandel. Het verbod op het vervangen van chips en paspoorten nemen we daarin zeker mee.

Mevrouw Robeyns heeft het woord.

Minister, ik zal zeker niet ontkennen dat wij inzake registratie inderdaad een voorbeeld zijn in Europa. De beste optie is natuurlijk een Europese aanpak maar het is wel jammer dat we enkel naar Europa kijken en zeggen dat we zelf niet meer kunnen doen. Ik ben een beetje verbaasd dat u zegt dat het manueel invullen van dat chipnummer het risico op fouten verhoogt. Is dat dan niet net hetzelfde bij puppy’s? Moet ik dan concluderen dat het registreren van puppy’s ook een hoog foutenrisico inhoudt? Wanneer we dat voor puppy’s doen, waarom zou dat dan een probleem zijn voor het moederdier?

Het is positief dat er veel controlemiddelen zijn voor de binnenlandse kwekers. Die controles gebeuren regelmatig. Daarnaast is er het probleem van de import. Ik heb het gevoel dat u dat probleem minimaliseert. U zegt dat het probleem inzake fraude met die chips niet zo groot is en u kijkt daarbij vooral naar Europa. Ik vind dat we onze voorbeeldfunctie moeten behouden en moeten nagaan of die chips toch geen oplossing zijn.

Ik ben benieuwd naar uw antwoord over het manueel invullen. Ik zie niet in waarom dat anders zou zijn voor het moederdier dan voor de puppy’s.

De heer Ceyssens heeft het woord.

Wat registratie betreft, staan wij inderdaad al ver, en dat is goed. Daar mogen we zeker geen afbreuk aan doen. Het probleem zit eerder in de handhaving en het voorblijven van de malafide praktijken. Minister, ik ben een beetje verbaasd over uw tegenargumenten. Er worden al eens pups verschoven onder teven. Dat gebeurt misschien op kleine schaal, eventueel voor de bloedlijn, ik weet niet of dat op echt grote schaal kan gebeuren. Een teef kan ook niet meer dan een aantal pups per jaar hebben.

Dat risico op fouten begrijp ik eigenlijk ook niet zo goed. Wat de bijkomende kosten betreft, vragen de fokkers hier om alles zoveel mogelijk aan banden te leggen. Zij moeten zoveel inspanningen doen voor hun pups en juichen elke reglementering dan ook toe. Dat betekent dat het moeilijker wordt voor mensen met slechte bedoelingen.

Ik neem akte van het feit dat u daar niet echt voor staat te springen. Dat is jammer, want elke stap die we kunnen zetten om malafide praktijken tegen te gaan, is een stap in de goede richting.

Mevrouw Vermeulen heeft het woord.

Sabine Vermeulen (N-VA)

In een Europees rapport staat dat malafide hondenhandel de derde grootste illegale handel is in Europa, na drugs en wapens. Ik ben ervan overtuigd dat dit ook in Vlaanderen het geval is.

Nu de databank door de drie gewesten zal worden gebruikt, is dit een unieke kans om ook de verplichting van identificatie van het moederdier op te nemen. U zegt dat die een kleine toegevoegde waarde heeft, maar voor mij is dat zeer belangrijk in de strijd tegen de malafide hondenhandel, minister. Ik vind het dan ook zeer belangrijk dat dit wordt opgenomen. Op die manier ontneemt men de malafide handelaars, importeurs en exporteurs in zekere mate de mogelijkheid om een buitenlandse pup te laten doorgaan voor een Belgische pup.

Malafide handenhandelaars zijn heel creatief in het omzeilen van de wet en in het zoeken naar achterpoortjes. Zo zijn er gevallen bekend waarbij men na een klacht over een zieke pup opmerkte dat het moederdier dat vermeld stond op de worpfiche, op een legale manier was geëxporteerd naar het buitenland. Het moederdier was dus verdwenen, waardoor de klacht niet onderzocht kon worden. Ik vraag me in dergelijke situaties af in hoeveel gevallen honden die geregistreerd zijn in DogID als zijnde geëxporteerd, het land nooit hebben verlaten.

De registratie van een moederdier kan een eerste stap zijn in de strijd tegen de malafide hondenhandel maar is natuurlijk niet zaligmakend.

U zegt dat er op Europees vlak heel veel moet gebeuren. Het gaat dan vooral over de position paper die er moet komen. Het lijkt me daarbij goed om de registratiesystemen van alle lidstaten van Europa op elkaar af te stemmen en om in de ID-chips landcodes op te nemen zodat de traceerbaarheid kan worden gegarandeerd.

Verder moet er een fikse beperking komen van het aantal rassen dat een fokker mag inzetten voor de fok en moeten er strengere controles komen. Dat moet mogelijk zijn aangezien er nog inspecteurs zullen bijkomen.

Ik ben er ook van overtuigd dat de hondenbaasjes en consumenten hun verantwoordelijkheid moeten nemen. De overheid heeft een sensibiliserende taak maar zij kan niet alles regelen. Er moet nog veel geregeld worden maar ook de baasjes hebben daarin een taak.

Minister, ik wil me aansluiten bij deze vragen. Ik vind de traceerbaarheid belangrijk met het oog op de illegale handel in pups. Ook bij andere diersoorten is dat al bewezen. Men moet op een of andere manier meer transparantie krijgen wat de afkomst van dieren betreft. Ook bij honden kan dat een belangrijk element zijn. Ik ben ook wel een beetje verbaasd door het antwoord als wordt gesteld dat de foutgevoeligheid zeer groot zou zijn. Als het gaat over pups, wordt immers ook geregistreerd, en ook als het gaat over andere diersoorten is het toch een heel frequent gebruik om de moeder- en vaderdierlijnen ook in beeld te krijgen. Daar moeten toch ook telkenmale de gegevens worden ingegeven. Dat is dus een methode die blijkbaar bij andere diersoorten wel perfect kan worden toegepast. Ik moet er dus van uitgaan dat dat ook bij honden zou moeten kunnen, temeer omdat het ook bij erkende kwekers blijkbaar wel gebeurt. Ik hoop dan dat dat daar niet zo foutgevoelig is. Als pups worden gechipt, kan het eigenlijk niet zo moeilijk zijn om in eerste instantie de informatie van de moeder mee te nemen en te registreren.

Ik vind transparantie belangrijk met het oog op de illegale handel, maar het kan, zoals aangegeven, ook een belangrijk element zijn voor kopers. Als ik een hond ga kopen en ik zie dat ook de vader- en moederdieren zijn opgegeven op het paspoort, dan heb ik meer informatie over mijn pup. Dan kan ik daar als koper dus ook meer op rekenen. Controleurs kunnen immers nakijken of er een teef aanwezig is bij die fokker en of er voldoende tussenworptijd is, of dat kan kloppen, maar als koper beschik ik niet over die informatie. De enige informatie die ik kan opvragen, is het paspoort van de pup. Wil ik me als koper dus kunnen informeren, dan kan die registratie van het moederdier en/of het vaderdier ook een interessant element zijn. Ik denk ook dat dit een meerwaarde kan zijn in het hele debat over inteelt. Dan lijkt het me ook interessant om de gegevens over vaderdier en moederdier mee te kunnen nemen. Het verkrijgen van meer transparantie ter zake lijkt me ook een belangrijk element om mee te nemen in de discussie over honden.

Minister, kan dat dus niet worden herbekeken? Kunnen die elementen niet mee worden opgenomen?

Minister Weyts heeft het woord.

Minister Ben Weyts

Dat het bestrijden van de illegale puppyhandel een van mijn stokpaardjes is, lijkt me nogal evident. Ik denk dat we daar ook wel goed in slagen, enerzijds door een stringente regelgeving in eigen land en anderzijds doordat we ook de import aan banden hebben gelegd. De vraag is natuurlijk: met welke instrumenten werk je? Dat risico op fouten in de overschrijving is verwaarloosbaar. Daar gaat het niet over. Wat belangrijk is, is dat er geen registratieplicht bestaat in diverse andere Europese landen. We zijn een minderheid. Ook kunnen die paspoorten en chips nog altijd worden vervangen. Wat levert het invoeren van een extra registratieplicht dus op als de basics gewoon al niet moeten worden nageleefd, als men in Europa die zaken gewoon kan vervangen? Het is op de eerste plaats toch belangrijk ervoor te zorgen dat er op Europees niveau een verbod geldt op het vervangen van chips en paspoorten. Ik wil absoluut niet minimaliseren, integendeel. Door het versterken, het verdubbelen van het inspectieteam zullen er nog meer controles kunnen worden uitgevoerd.

Wat die informatie voor kopers betreft, ik zeg net dat voor onze kwekers wél de verplichting geldt. Dat is dus reden te meer om binnenlands te kopen. Als koper heb je dan immers een garantie. Die garantie kunnen we niet geven voor de buitenlandse dieren, aangezien er in het buitenland veelal geen verplichting bestaat qua registratie en het vervangen van paspoorten en chips. Met het oog op de efficiëntie lijkt het me veel beter om ons daarop te richten, veeleer dan een extra verplichting in te voeren waarbij je bij voorbaat weet dat men dat in het buitenland toch niet naleeft in de praktijk.

Mevrouw Robeyns heeft het woord.

Minister, ik was al niet echt tevreden met uw eerste antwoord. Met uw repliek ben ik eerlijk gezegd nog minder tevreden. Eerst hebt u het over de kans op fraude bij het manueel invullen van het chipnummer. Nu zegt u dat dat verwaarloosbaar is. (Opmerkingen van minister Ben Weyts)

U zegt dat de verplichting bestaat voor binnenlandse kwekers. Dat is heel positief, maar de vraag is natuurlijk hoe je er als consument voor honderd procent zeker van kunt zijn dat je een puppy koopt die niet geïmporteerd is, als er wordt geknoeid met de chips en met de paspoorten. Zoals mevrouw Rombouts zegt, als het moederdier mee is geregistreerd, dan heb je toch veel meer garantie. Natuurlijk zal dat niet de alleenzaligmakende oplossing zijn, die iedere illegale import zal kunnen verhinderen, maar ik hoor hier wel kamerbreed dat iedereen ervan overtuigd is dat dat toch een stap vooruit is, zij het misschien een beperkte. Ik vind dat dus een beetje jammer. In heel veel dossiers bent u er een voorvechter van dat Vlaanderen het goede voorbeeld geeft en niet wacht op Europa, en nu gaat u zich een beetje verschuilen achter Europese regelgeving. Ik ben begonnen met te zeggen dat dat het best Europees wordt geregeld. Dat is inderdaad de beste oplossing. Men is nu echter bezig met een nieuw lastenboek voor een nieuwe databank. Het is relatief eenvoudig om die verplichte registratie daar mee in op te nemen.

Ik ben eigenlijk redelijk fel ontgoocheld in uw antwoord. Ik vind het een beetje triestig dat we ons nu zullen verschuilen achter Europa, terwijl we eigenlijk eenvoudig een stap vooruit zouden kunnen zetten. Ik hoop alsnog dat er nog over wordt nagedacht om een aantal barrières mee op te nemen in dat nieuwe lastenboek. Het is nog niet volledig goedgekeurd. Misschien kan het feit dat het hier kamerbreed wordt gesteund u er toch nog van overtuigen om een extra inspanning te doen. Daaraan zal wel een beperkte kost verbonden zijn. Ik ben ervan overtuigd dat zowel die kweker als die koper, als dat extra garantie biedt, daarmee geen problemen heeft.

De heer Ceyssens heeft het woord.

Minister, voor alle duidelijkheid: ik wil absoluut geen welles-nietesdiscussie voeren met u. U zegt dat het uw stokpaardje is om die malafide handel mee aan banden te leggen. Ik ga daarmee akkoord. We hebben hetzelfde doel.

Ik wil alleen nog eens een warme oproep doen om hierover nog eens goed na te denken. Wat is ons doel in dezen? We vinden allemaal dat de ideale situatie zou zijn – en dat klinkt misschien wat protectionistisch – dat wie een jonge pup wil kopen, er een van hier koopt, een pup die hier gekweekt is, in ideale omstandigheden. Goede fokkers van hier zorgen niet alleen goed voor hun pup, maar hebben zelfs wachtlijsten. In dit geval lijken wachtlijsten mij wel een voordeel, omdat het mensen soms al eens behoedt voor een impulsieve aankoop. Ik ken zelfs fokkers die op voorhand vragenlijsten doorsturen naar mensen over bijvoorbeeld de omgeving waarin de pup terechtkomt. Vaak willen ze meesturen in het ras of zeggen ze rechtuit dat ze geen Duitse herder willen verkopen die dan terechtkomt op de dertiende verdieping van een flatgebouw in Antwerpen. We zijn het daarover allemaal eens.

Ik denk dat hierin een mogelijkheid ligt om ons te onderscheiden. We zouden kunnen zeggen dat een hond die hier gekweekt is, een paspoort heeft waarop ook het moederdier is geregistreerd. U zegt dat het eenvoudig is om paspoorten te verwisselen. Dan is het toch al duidelijk dat een paspoort van hier een paspoort is waarop het moederdier is geïdentificeerd, een moederdier van hier. Dat maakt het net alweer wat meer sluitend. De bezwaren die er daaromtrent zijn, lijken mij voor een stuk verwaarloosbaar. (Opmerkingen van minister Ben Weyts)

Er zijn erkende kwekers, maar er zijn ook andere kwekers, die dat vandaag niet hoeven te doen. Het zou een algemeen uitgangspunt kunnen zijn: als de erkende kweker het kan doen, waarom de gelegenheidskweker dan niet? Onderscheid u daarmee en zeg: 'De pup die hier is gefokt, is een goede pup.'

We zijn er ons allemaal van bewust dat geen enkele klant op zoek is naar een pup die is geïmporteerd, op de een of andere manier slecht is behandeld of in slechte omstandigheden is gefokt. Iedereen is vragende partij om een pup te kopen die in goede omstandigheden is gekweekt. We moeten ervoor zorgen dat de koper – consument klinkt in deze context misschien wat pejoratief – over alle mogelijke info beschikt.

De vragen om uitleg zijn afgehandeld.

Vergadering bijwonen

U wil een vergadering  bijwonen? Dat kan! U kunt zich gewoon aanmelden bij de bezoekersingang (Leuvenseweg 86, 1000 Brussel).

Zolang er zitplaatsen vrij zijn, worden toehoorders binnengelaten. Zitplaatsen kunnen niet gereserveerd worden. Raadpleeg vooraf de agenda van de plenaire vergaderingen of de commissievergaderingen.

U kunt ook steeds de plenaire vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube. 

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.