U bent hier

De heer Beenders heeft het woord.

Rob Beenders (sp·a)

Met de schorsing van het Maatwerkdecreet is de oude regelgeving voor zowel sociale en beschutte werkplaatsen opnieuw van toepassing. We hebben het daarnet uitgebreid over gehad. Naast de administratieve rompslomp die de schorsing met zich meebrengt is één van de grootste problemen de toeleiding van de doelgroepwerknemers. Dat hebben we de afgelopen weken uit de sector kunnen vernemen.

In het verleden hebben we dit al geregeld besproken in de commissie. U hebt toen aangekondigd dat u oplossingen zou uitwerken. Ik wil graag citeren wat u in het verleden in de commissie hebt gezegd: “ICF (International Classification of Functioning) is een waardevol instrument. We zouden het uiteraard willen blijven gebruiken als het maatwerk in ere hersteld is. ICF verliep niet altijd vlot, maar misschien kunnen we van deze periode gebruikmaken om het ICF door de VDAB onder de loep te laten nemen, om na te gaan waar er nog kinderziekten zijn, zodat we aanpassingen kunnen doorvoeren. Ik wil het instrument niet loslaten, maar op dit ogenblik kan ik het niet gebruiken omdat ik terugval op de oude regelgeving.”

Vooral de laatste zin is belangrijk. Ik hoor dat op het terrein ICF wel nog gebruikt wordt en dat het wel nog meegenomen wordt in de besluitvorming wanneer medewerkers worden toegeleid. Nochtans hebt u altijd gezegd dat ICF niet meer kon worden gebruikt. Versta me niet verkeerd: ik ben net zoals u – en ik denk zoals de meeste mensen hier rond de tafel – een voorstander van het instrument.  Ik denk wel dat het zou moeten worden geëvalueerd en hier en daar moet worden bijgestuurd. We hebben altijd geopperd om in deze periode de tijd te gebruiken voor een evaluatie en een bijsturing.

We moeten ervoor zorgen dat de juiste doelgroep wordt toegeleid naar de juiste vacatures. Dat is de laatste maanden niet zo goed verlopen. De klachten zijn de laatste weken en maanden toch wel aanzienlijk.

Minister, wat zijn de afspraken en de richtlijnen bij het gebruik van het instrument ICF? Mag het vandaag gebruikt worden? Of mag het niet gebruikt worden? Wordt het oogluikend toegestaan? Kunt u daarover wat meer informatie geven?

Wordt het instrument ICF geëvalueerd en bijgestuurd zoals u in de commissie aankondigde? Op welke manier hebt u dit georganiseerd?

Wat is uw doelstelling voor de bijsturing: zorgen dat er voldoende toeleiding is in functie van de vacatures en/of zorgen dat de juiste profielen terug in de juiste vacature terechtkomen?

Minister Homans heeft het woord.

Mijnheer Beenders, ik deel uw overtuiging en het belang dat u hecht aan het feit dat bij de toeleiding naar de sociale werkplaatsen de doelgroepwerknemers daar op de juiste plaatsen moeten terechtkomen, en dat er voldoende moeten kunnen worden toegeleid. U weet dat wij momenteel moeten werken met hoofdstuk twee van het besluit van de Vlaamse Regering van 8 december 1998 betreffende de sociale werkplaatsen. Daar worden vijf voorwaarden gesteld om in aanmerking te kunnen komen voor tewerkstelling in een sociale werkplaats. De eerste is: een fysieke of psychische of sociale beperking en moeilijkheden hebben. Een tweede voorwaarde is: op de dag voor de indienstneming ingeschreven zijn bij de VDAB als niet-werkende werkzoekende. Een derde voorwaarde is: een begeleidingstraject volgen van de VDAB of van een door deze dienst erkende derde of Vlaamse openbare instelling waarmee deze dienst een samenwerkingsovereenkomst heeft gesloten. Een vierde voorwaarde is: op de dag voor de indienstneming ononderbroken gedurende een periode van minstens vijf jaar werkloos zijn. In het vorige debat kwam tot uiting dat dat een van de problemen was. Een laatste voorwaarde is: geen hoger diploma of getuigschrift of brevet hebben behaald dan lager secundair.

U vraagt of dit instrument vandaag wordt gebruikt. De eerste voorwaarde is eigenlijk een minimale toepassing van ICF. Met het herstelbesluit gaat men, wat de toeleiding betreft naar de sociale werkplaats, kunnen kiezen: ofwel gebaseerd op het besluit van 1998, dus voldaan aan die vijf voorwaarden, ofwel via ICF. Men gaat zelf kunnen kiezen wat men wil doen.

Om fysieke of psychische of sociale beperkingen of moeilijkheden bij een kandidaat aan te tonen, zal de VDAB werken met een bio-psychosociaal verslag dat wordt opgesteld aan de hand van ICF-screening. Dat is de minimale toepassing van ICF. Het ICF-instrument kan dus.

Ik hoop, mijnheer Beenders, dat ik u daarnet al een beetje gelukkig heb gemaakt, maar nu nog meer: onder aangepaste voorwaarden kan het ICF-instrument gebruikt blijven worden.

Ik vond het niet zo prettig om het allemaal te moeten meemaken, de schorsing en zo, en jullie, de werkplaatsen en de doelgroepwerkers wellicht ook niet. Maar het had wel het voordeel dat de VDAB misschien toch wel een aantal kinderziektes onder de loep kon nemen. Ik heb nooit onder stoelen of banken gestoken dat die er waren. De VDAB heeft dat gedaan en is er nog steeds mee bezig. Ze evalueren het instrument zowel kwantitatief als kwalitatief. Voor het kwantitatief onderzoek voert de VDAB strategische analyses uit. Voor het kwalitatief onderzoek worden afgenomen ICF-screenings door meerdere beoordelaars onderzocht op inhoudelijke aspecten.

De nieuwe instroom op basis van de oude doelgroepcriteria wordt opnieuw naast het ICF-verslag gelegd, om te bekijken of en waar er een mismatch zou kunnen zijn.

Wat betreft mijn doelstelling bij de besturing: er moet voldoende toeleiding zijn in functie van vacatures, en de juiste profielen moeten bij de juiste vacature terechtkomen. Ik deel absoluut uw bekommernis. De beide elementen die u aanhaalt, zijn absoluut belangrijk. Enerzijds dat de vacature effectief ingevuld kan worden, en anderzijds dat het juiste profiel de vacature invult. Die twee zijn complementair en zijn onlosmakelijk aan elkaar verbonden.

Ik heb er alle vertrouwen in dat de vertraging in de toeleiding een tijdelijk probleem is, eigen aan de opstart van een nieuwe methodiek. Ik weet dat de VDAB de afgelopen maanden net iets meer aandacht heeft kunnen spenderen aan het verbeteren van het instrument omdat het niet meer zoveel werd gebruikt omdat het niet meer kon. Weliswaar wel in een light-vorm, niet in een volledige vorm. Ik ben net als u bezorgd dat de juiste profielen op de juiste vacatures moeten blijven terechtkomen. Tijdens de periode van de schorsing van het Maatwerkbesluit zullen we blijven investeren in de nieuwe methodiek, het gebruik van de nieuwe toepassingen en ook het uitbouwen van een uitgebreide monitoring waardoor een grondige evaluatie mogelijk wordt op basis van representatieve data.

Het zal u wellicht niet verbazen dat ik dit doe in nauwe samenspraak met mijn collega van Werk Philippe Muyters omdat het ICF ook veel, om niet te zeggen alles, te maken heeft met de VDAB.

De heer Beenders heeft het woord.

Rob Beenders (sp·a)

Dank u wel, minister, het was een heel snel antwoord. Ik heb geprobeerd het goed te begrijpen. Als ik het goed begrepen heb, dan hebt u gezegd dat de VDAB de afgelopen maanden werk heeft gemaakt van een evaluatiebijsturing. Het is mij niet duidelijk of die bijsturing al is afgerond. Vandaag zien we toch nog altijd dat een aantal profielen niet op de juiste plek komen. Ik ga ervan uit dat dit komt doordat de bijsturing nog niet is afgerond. We zien vandaag in maatwerkbedrijven dat profielen voor arbeidszorg worden toegeleid naar betaald werk, en dat in de lokale diensteneconomie profielen voor sociale werkplaatsen worden toegeleid. Dat is allemaal recenter dan enkele maanden geleden gebeurd. Minister, is er een termijn vooropgesteld waarbij u kunt zeggen dat de evaluatie is afgerond en dat de kinderziekten eruit zijn en dat u nu eindelijk kunt garanderen dat de juiste profielen naar de juiste plekken worden toegeleid? Kunt u meer duidelijkheid geven over die timing? Ik ga ervan uit dat die vertraging er is gekomen door dat nieuwe instrument en dat zij kan worden weggewerkt. We zullen in de cijfers kunnen zien of dit het geval is.

Het allerbelangrijkste is dat er nu heel snel wordt gehandeld bij de evaluatie van het systeem, zodat we op korte termijn aan de sector kunnen garanderen dat de juiste mensen op de juiste plek komen. Vandaag is dat een zeer groot probleem, dat trouwens al langer gekend is. We moeten daar eerlijk over zijn. We hebben hier al vaak gediscussieerd over die toeleiding en over hoe dat zou worden opgelost. We zijn nu weer zoveel tijd verder en ik merk dat het hele verhaal nog altijd niet is afgerond.

Mevrouw Claes heeft het woord.

Sonja Claes (CD&V)

Het ging inderdaad heel snel. Minister, heb ik het goed begrepen dat men in het herstelbesluit voor de toeleiding kan kiezen tussen de vroegere voorwaarden of het ICF-instrument? De vroegere voorwaarde voor de sociale achterstand, uw eerste criterium: moet men dat dan met die light-ICF aantonen? Gaat men dat aantonen zoals het vroeger was? Dat is voor mij onduidelijk.

Minister Homans heeft het woord.

Mijnheer Beenders, ik heb u gezegd dat de VDAB bezig is met de kwantitatieve en kwalitatieve bijsturing van het ICF. Dat is nog niet afgerond. Maar je moet natuurlijk wel een representatief staal hebben. Er moeten genoeg cases zijn. De steekproef moet groot genoeg zijn om tot een goed resultaat te kunnen komen. Ze zijn ermee bezig, maar ik denk dat ze toch nog wel eventjes cases moeten verzamelen om tot een staal te komen dat men representatief kan noemen. Het heeft weinig zin om op basis van twintig cases conclusies te trekken. Maar ik ben het absoluut met u eens dat we ervoor moeten zorgen dat de juiste profielen in de juiste vacatures komen.

Mevrouw Claes, ik heb de vijf voorwaarden uit het besluit van 1998 opgesomd. Bij het herstelbesluit zal het ICF aan die eerste voorwaarde worden toegevoegd. Dan zal men dat inderdaad kunnen doen.

De heer Beenders heeft het woord.

Rob Beenders (sp·a)

Minister, ik ben het met u eens dat er een goed staal moet zijn waarop u evalueert. Maar u moet ook eerlijk zijn. Deze situatie is van kracht sinds 1 april 2015. We zijn nu meer dan een jaar verder, of dertien maanden, en we moeten nog altijd vaststellen dat medewerkers na een aantal weken worden teruggestuurd omdat het niet het juiste profiel is. Ik ben het met u eens dat u niet moet evalueren met twintig cases, maar na dertien maanden is het aantal cases wel aanzienlijk groter en blijft de problematiek heel actueel. Zeker de laatste weken stel ik vast dat de sector het forum van de media gebruikt om aan te kaarten dat er nu echt wel problemen op de werkvloer ontstaan. Ik denk dat we met dertien maanden echt wel genoeg tijd hebben gehad om te evalueren en om bij te sturen. Ik hoop echt dat dit niet nog maanden gaat aanslepen, want dan krijgen we problemen op de werkvloer.

Ik blijf die stilstand ervaren in heel de sector van de sociale economie. Ik kan mij niet van de indruk ontdoen dat ik, telkens als deze commissie vergadert, redelijk depressief naar buiten ga omdat het altijd zo negatief is. Ik krijg nooit eens een gevoel van: 'Yes, de sector gaat content zijn, er komt een groeipad!' Neen, er komt geen groeipad. Het Maatwerkdecreet komt er ergens in 2017. ICF? Al dertien maanden, we zullen wel zien wanneer dat het er komt, dat is nog allemaal niet afgerond.

Je moet maar eens een onderneming leiden of in een onderneming tewerkgesteld zijn, met dit kader waarin je moet werken. Je moet verdomd hard werken om te strijden om te overleven, en als je dan ook nog eens in een kader moet werken waarin de overheid, met alle respect, niet echt een meewerkende partner is – dan heb ik veel respect voor de ondernemingen die het vandaag moeten klaarkrijgen om nog te groeien en om economisch rendabel te blijven.

Minister, we moeten nu echt opletten dat die stilstand niet wordt omgebogen naar een negatieve groei, met vacatures die niet ingevuld worden en wetende dat een hele groep mensen op de wachtlijst staat, mensen die willen en kunnen werken. Ik betreur dat we met deze regering geen stappen vooruit zetten om aan te tonen dat we die groep van mensen echt belangrijk genoeg vinden om hen aan het werk te krijgen. Ik hoop echt dat in de volgende commissievergadering de goesting er opnieuw is om vooruit te gaan en dat de beslissingen zijn genomen die de sector versterken, en dat ik moet stoppen met het verhaal dat ik vind dat u deze sector als een palliatieve patiënt behandelt.

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

De plenaire vergadering en de commissievergaderingen zijn in principe openbaar, tenzij anders vermeld. 

U wil een vergadering bijwonen? Dat kan! U kunt zich gewoon aanmelden bij de bezoekersingang (Leuvenseweg 86, 1000 Brussel).

Zolang er zitplaatsen vrij zijn, worden toehoorders binnengelaten. Zitplaatsen kunnen niet gereserveerd worden. Raadpleeg vooraf de agenda van de plenaire vergaderingen of de commissievergaderingen.

U kunt ook steeds de plenaire vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube. 

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.