U bent hier

De voorzitter

Mevrouw Brouwers heeft het woord.

Minister, in opdracht van uw departement heeft Econopolis een onderzoeksopdracht uitgevoerd, dat leidde tot een finaal rapport van oktober 2015 met als titel ‘Impactstudie wijziging radiolandschap’. Het onderzoek paste in de beleidsvoorbereidende werkzaamheden voor de nieuwe beheersovereenkomst met de VRT en de hernieuwing van de erkenningen voor de particuliere radio-omroeporganisaties in het kader van een gewijzigd FM-frequentieplan.

Het rapport werd onlangs gepubliceerd op de website van het departement en u deed daar vervolgens enkele opmerkelijke uitspraken over in een interview met de krant De Tijd. Ik citeer: “We gaan niet aan de huidige FM-frequenties morrelen. We hebben verschillende scenario’s onderzocht, maar de meeste aanpassingen vergen veel tijd en energie, terwijl FM uiteindelijk zal uitdoven. We willen volop de shift maken naar digitale etherradio, DAB+ (Digital Audio Broadcasting) in het jargon. We zijn in Vlaanderen allesbehalve voorlopers in die technologie, maar we moeten die switch wel maken. Deze regeerperiode zal analoge FM-radio nog niet worden opgedoekt, maar er komt wel een point of no return.”

Verder concludeerde de krant na het interview met u dat de vergunningen voor de landelijke radiozenders Qmusic, JOE fm en Nostalgie zullen worden verlengd tot na 2017. Er komt zodoende geen nieuwe landelijke commerciële radiozender bij, ook al bleek de afgelopen tijd dat daar wel wat interesse voor zou zijn bij mediabedrijven SBS en Mediahuis. In ruil voor de verlenging van de FM-licenties voor die drie landelijke radio’s, zouden de betrokken omroepen wel moeten investeren in de uitbouw van de digitale etherradio DAB+.

Ik heb daar een aantal vragen over, al wil ik daar meteen bij zeggen, voorzitter, dat het misschien nuttig is om die studie ook eens te laten komen toelichten door de mensen die ze gemaakt hebben. We kunnen dat bespreken tijdens de regeling der werkzaamheden. Maar omdat de minister er al een aantal zaken over gezegd heeft in de pers, denk ik dat we hier politiek al een aantal vragen kunnen stellen.

Minister, hoe zult u de huidige FM-licenties van Qmusic, JOE fm en Nostalgie verlengen? Gebeurt dat automatisch? En kan dat wel, zonder dat we het gelijkheidsbeginsel schenden en met andere woorden de toegang voor andere geïnteresseerden tot de FM-band afsluiten?

U zou die verlenging dan wel koppelen aan een verplichting om te investeren in digitale radio. U volgt daarin het voorbeeld van Nederland, maar in Nederland is het wel de overheid – de wetgever, dus – die beslist wie via DAB+ mag uitzenden en dus een erkenning krijgt voor DAB+. In Vlaanderen is de situatie anders, omdat bij de verkoop van het VRT-zenderpark aan Norkring werd vastgelegd dat zij voor minstens vijftien jaar het monopolie op het DAB+-pakket behouden. En dus bepaalt Norkring eigenlijk wie er in Vlaanderen via DAB+ mag uitzenden. Klopt het wat ik zeg? Wat is uw standpunt daarover? Is een dergelijke monopoliepositie van de distributeur niet strijdig met de Europese wetgeving? Een andere distributeur kan zijn diensten hier immers niet aanbieden aan de radio-omroepen.

Werd het voorbeeld van Groot-Brittannië onderzocht? Daar worden de digitale licenties ook toegekend aan distributeurs, maar die distributeurs moeten wel eerst een divers radio-aanbod op hun multiplexen aanbieden en een bod doen. Degene met het beste bod en een divers aanbod krijgt dan de licentie.

Er zijn momenteel nog twee regionale frequentiepakketten beschikbaar voor digitale radio in Vlaanderen. Waarom zijn deze nog niet vrijgegeven? In Nederland zijn dergelijke regionale frequentiepakketten wel al in gebruik. Hoe zult u vermijden dat Norkring bepaalt welke investeringen de private omroeporganisaties moeten doen om via DAB+ uit te kunnen zenden?

In het interview werd niets gezegd over de frequenties van de lokale radio-omroepen. Ook deze vergunningen lopen einde 2017 af. Zult u hiervoor wel een erkenningsprocedure organiseren? Zal dat apart gebeuren of gebeurt het toch allemaal samen? Geldt voor hen dezelfde voorwaarde, namelijk ook een automatische verlenging mits investering in DAB+? Dan hangen ze wel af van Norkring en wie bepaalt dan de prijs? U weet dat de lokale radio’s niet over de grote middelen beschikken. Hoe gaat u dergelijke voorwaarden afdwingen bij de lokale radio’s, want er is momenteel geen enkel DAB+-frequentiepakket lokaal of regionaal ter beschikking voor deze vorm van transmissie? Zal het volstaan om uitzendingen te verzorgen via een webstream, want ook dat is een vorm van digitale transmissie? Bent u bereid om proefprojecten te ondersteunen van lokale radio’s die digitale radiotransmissie via de ether met multiplex DAB+ uitgebreid willen testen? Zijn er voor dergelijke eventuele proefprojecten frequenties beschikbaar in de band waar momenteel het nationale DAB+-pakket zit? Bent u bereid om daar als Vlaamse overheid mee in te investeren, want het gaat om innovatieve projecten voor lokale radio-omroepen, waar de financiële fondsen beperkt zijn?

De voorzitter

Minister Gatz heeft het woord.

Minister Sven Gatz

Mevrouw Brouwers, uw vele duidelijke en interessante vragen omvatten grosso modo het volledige radiobeleid voor de komende jaren. Ik zal u vandaag nog geen antwoord kunnen bezorgen op alle vragen afzonderlijk, aangezien ik nog volop bezig ben met het uittekenen van de plannen voor dit radiobeleid. Ik hoop evenwel op de meeste van uw vragen binnen enkele weken en maanden een duidelijk en volledig antwoord te kunnen geven. Ik wil zeker wat dieper ingaan op de aanleiding van uw vraag.

In mijn eerste beleidsjaar 2015 stond de opmaak en het afsluiten van een nieuwe beheersovereenkomst met de VRT centraal. Omdat ook de VRT een belangrijke en grote speler op de radiomarkt is, heb ik een studie laten maken door Econopolis – ik ga graag in op uw uitnodiging om dit in de commissie te laten voorstellen – waarin ik heb laten onderzoeken wat de effecten zouden zijn bij een verkoop en/of privatisering van een van de publieke netten. Zolang die vraag niet beantwoord is, zijn uw andere vragen nog moeilijker te beantwoorden. Ik ben mij immers ook bewust van het gegeven dat er vanuit de commerciële markt vraag is naar extra mogelijkheden voor bijkomende commerciële netten. Op zich is dat een terechte vraag voor meer concurrentie en een meer gevarieerd landschap.

Uit deze studie, die u kunt terugvinden op de website van het departement, bleek dat de opbrengsten uit een verkoop van een VRT-net niet in verhouding staan tot de minderinkomsten op lange termijn die een privatisering met zich meebrengen. Zoals u weet, vragen wij van de VRT een belangrijke besparingsoefening van ongeveer 29,5 miljoen euro, verspreid over de duur van de legislatuur. We hebben de VRT ook opgedragen om een belangrijk aandeel van deze besparingsoefening te vertalen in een efficiëntere en meer wendbare organisatie. Een extra grote structurele besparing bij een privatisering van een zender – in dit geval hebben we MNM onderzocht – zou ongeveer een recurrente minderinkomst van ongeveer 15 miljoen euro per jaar betekenen, wat mijns inziens en volgens de Vlaamse Regering geen te verkiezen optie is.

Daarom werd in de beheersovereenkomst duidelijk afgesproken dat de VRT de komende jaren op FM haar bestaande aanbodsmerken kan blijven uitzenden. Ondertussen werd door mijn administratie technisch onderzocht of nieuwe commerciële landelijke frequentiepakketten op de FM-band kunnen worden gecreëerd, met het oog op het organiseren van meer diversiteit. De resultaten van dit onderzoek zijn helaas niet positief. De FM-band is immers dermate verzadigd dat het creëren van een bijkomend landelijk net dat aan kwalitatief hoogstaande normen voldoet, weinig realistisch lijkt. Je kunt theoretisch wel aan een soort zerobased oefening werken, maar dit veronderstelt een grote coördinatieronde met het buitenland waardoor de kans op slagen snel slinkt en we dit niet kunnen garanderen binnen deze legislatuur. Ondertussen tikt de klok voor digitale radio verder. Dit neemt niet weg dat ik bereid ben om bijkomende technische voorstellen – van wie dan ook – te laten onderzoeken op haalbaarheid.

Ik wil de nodige diversiteit in het radiolandschap dan ook bereiken door volop de kaart van de digitalisering te trekken. Op de digitale kanalen kan immers wel de ruimte gevonden worden die er op de analoge FM-band niet is. De studie van Econopolis heeft aangetoond dat DAB+ een belangrijke factor kan betekenen in de totale digitalisering van de sector. De komende weken zal ik dan ook een stappenplan voorbereiden om de omschakeling naar digitaal te helpen faciliteren. Ik heb daarover weldra contact met mijn Franstalige tegenhanger, de heer Marcourt. Ik heb ook gelezen in de krant dat de analyse werd gemaakt dat de huidige landelijke netten zullen worden verlengd. Zoals u weet, lopen de erkenningen tot 31 december 2017. Wat daarna zal gebeuren, is nog geen uitgemaakte zaak. Ik zal mijn visie en de mogelijkheden hieromtrent voor de zomer – ik had met mijn kabinet eigenlijk Pasen afgesproken maar ze schrijven hier nu ‘zomer’ – via een conceptnota aan deze commissie bekendmaken. (Gelach)

Daarin zal meer duidelijkheid worden gegeven over de vraag wat er na 31 december 2017 gebeurt enerzijds, en op welke manier we het digitale verhaal zullen helpen faciliteren anderzijds.

Op basis van decreetgeving uit de legislatuur 2004-2009 werd in 2009 inderdaad een licentie gegeven aan Norkring om een pakket DAB-frequenties te exploiteren. De desbetreffende wetgeving is destijds tot stand gekomen na lange en uitgebreide analyses en toen zijn er geen mededingingsrechtelijke bezwaren gerezen, noch in de voorbereiding van het dossier, noch via het advies van de Raad van State op de ontwerp-regelgevingen, noch post factum naar aanleiding van klachten voor de Belgische Mededingingsautoriteit. Hetzelfde kon immers gezegd worden van de DVB-T-frequenties, en ook daar is nooit een mededingingsrechtelijk probleem gerezen.

Vandaag heeft Norkring een licentie voor de exploitatie van een bepaald pakket digitale radiofrequenties. Iedereen die via DAB wil uitzenden, kan dat vandaag, mits men een akkoord met Norking bereikt.

Of in de toekomst bijkomende pakketten zullen worden vrijgegeven, is tot op heden nog niet beslist en is ook voorwerp van een lopende analyse.

Wat de lokale radio-omroepen betreft, is het voorbarig om nu al uitspraken te doen of conclusies te trekken. Ik ben bezorgd over de leefbaarheid van lokale radio’s en de duurzaamheid van bepaalde vormen van radio en wil daar ook de nodige aandacht aan besteden. Mijn administratie is momenteel de diverse technische pistes en scenario’s aan het analyseren. Op basis daarvan zal ik dan beslissen in welke vorm we de lokale radiosector in de toekomst zullen organiseren.

De mogelijke erkenningsprocedures kunnen pas worden uitgewerkt wanneer er duidelijkheid is over de wijze waarop we het landschap zullen vormgeven. Ook daarover zal ik in mijn conceptnota duidelijkheid verschaffen.

Ik begrijp dat ik nog veel van uw gedetailleerde vragen onbeantwoord laat, maar ik vraag u nog even geduld te oefenen. Het radiodossier is een complex dossier dat niet op een drafje kan worden beslist. Ik wil me bij mijn beslissingen baseren op correcte gegevens en onderzochte scenario’s. Zo niet, dreigen we in onze eigen doelstellingen en wensen verstrikt te geraken.

Vandaag is het voor mij duidelijk dat de te bewandelen weg voor de landelijke radiosector de weg van de digitalisering is. De concrete uitwerking is voor de komende weken en maanden. De wijze waarop we met de FM-frequenties en de erkenningen verder gaan na 31 december 2017 hangt hier integraal mee samen. Het spreekt voor zich dat ik alles op een juridisch correcte manier wil organiseren. Ik zal mijn visie met u delen op het juiste moment in een conceptnota en zal hierover dan graag met u van gedachten wisselen.

De voorzitter

Mevrouw Brouwers heeft het woord.

Minister, ik heb geen antwoord gekregen op een aantal vragen, maar ik begrijp wel waarom. Ik begrijp wel niet zo goed dat u, wanneer die studie van Econopolis op de website verschijnt en u vragen krijgt van de pers, toch een aantal dingen zegt die onmiddellijk nieuwe vragen oproepen. Misschien was dat toch een beetje onvoorzichtig.

Mijn vragen blijven even relevant, ook al hebt u er maar enkele van beantwoord. Ik wacht op de conceptnota en hoop dat op dat moment duidelijkheid wordt gegeven aan iedereen die in Vlaanderen met radio bezig is.

Wat die drie huidige licenties betreft voor Qmusic, JOEfm en Radio Nostalgie, hebt u gezegd dat het nog geen uitgemaakte zaak is dat die automatisch opnieuw naar hen zullen gaan. Dat was een interpretatie die de journalist van die krant heeft gegeven aan wat u hebt verteld. U laat dus open dat er misschien bijkomende DAB-frequenties worden vrijgegeven. Ik zou dat toch goed onderzoeken om ook daar de concurrentie te laten spelen zodat het allemaal niet te duur wordt. U weet immers dat de monopolist kan vragen wat hij wil.

Ik zal niet verder ingaan op wat u verder hebt gezegd omdat het allemaal nog zeer voorbarig lijkt en ik zal wachten op de conceptnota.

De voorzitter

De heer Vandaele heeft het woord.

Minister, dit is een heikel dossier. Ik begrijp dat u op tal van onderdelen in deze fase nog niet kunt antwoorden. Ik denk dat wij erop moeten toezien dat het radiolandschap divers en economisch leefbaar blijft of wordt in een aantal gevallen. Het ziet er wel stilaan naar uit dat DAB+ daar voor een aantal zaken een oplossing kan zijn. Als we zouden kunnen komen tot een systeem waar de landelijke radio’s DAB+ kiezen of worden aangespoord om dat te doen zodat er ruimte vrijkomt om de lokale en regionale zenders hun gang te laten gaan, zijn we al een heel eind verder. Maar het is inderdaad nog te vroeg om daar nu het ultieme, bevrijdende woord over te spreken.

De voorzitter

Mevrouw Segers heeft het woord.

Ik denk ook dat het een juiste zaak was om tijd te nemen. We hebben tijdens vorige besprekingen over het radiolandschap allemaal gezegd dat dit een heel complex dossier is dat zowel over technische evoluties gaat, als over de vraag hoe we de diversiteit en de inhoudelijke samenhang van het radiolandschap willen garanderen. Het is een goede zaak dat u die studie hebt besteld.

Ik ben blij te horen dat de discussie over MNM, die sinds het aantreden van deze regering aan de gang was, van de baan is. Ik vind het wel een beetje triest dat de besparingen als argument worden gebruikt: de VRT kan zich geen 15 miljoen euro permitteren terwijl we altijd het debat hebben gevoerd over de maatschappelijke meerwaarde van MNM die er volgens mij en – naar ik dacht – volgens u ook is.

Ik ben ook tevreden dat u de studie hebt besteld vanuit de optiek van diversiteit. Hoe kunnen we de diversiteit garanderen? Dat is de goede invalshoek. Dan verwondert de conclusie niet. Een derde landelijke commerciële zender zal niet per se een grote toevoeging bieden aan het aanbod in diversiteit.

Ik kijk ook uit naar de conceptnota. We hebben immers nog een hele weg af te leggen, met slechts een doel voor ogen, namelijk een rijk en divers radiolandschap dat ook economisch leefbaar is.

Bart Caron (Groen)

Sta me toe enkele woorden aan dit debat toe te voegen. Ik ben het eens met wat wordt gezegd over MNM en de tijd die u neemt, maar ik vind de knelpunten over de monopoliepositie van Norkring ernstig. Daarom moeten ze grondig worden onderzocht. Dat mag niet worden overgelaten aan de spelers die DAB+ via hun zenders in de ether willen krijgen. Dat zou anders wel eens heel traag kunnen gaan. Zelf ben ik van oordeel dat het DAB+-verhaal absoluut moet worden aangezwengeld. Anders zullen er nog altijd huis- en autoradio’s bestaan zonder DAB+, maar dat is volgens mij de sleutel. Er moet voldoende aanbod zijn en het aanbod moet zich verplaatsen.

Minister, uit uw benadering meen ik te mogen afleiden dat er nieuwe commerciële spelers kunnen komen, maar dan alleen op DAB+, met de bedoeling dat de andere commerciële spelers ook op DAB+ een aanbod ontwikkelen en dat het op termijn wordt afgekoppeld van FM. Op zich ben ik daar niet tegen. Ik ben zelfs van oordeel dat er een level playing field moet zijn voor alle grote mediagroepen om landelijke radio te hebben. Waarom de ene niet en de andere wel, heeft te maken met andere argumenten dan het argument van de diversiteit. Alleszins moet er een level playing field zijn voor alle commerciële aanbieders.

Klopt het dat u alle landelijke spelers op DAB+ wilt en dat u daarmee meer ruime creëert voor landelijke commerciële radio?

De voorzitter

Minister Gatz heeft het woord.

Minister Sven Gatz

Zoals u allicht hebt begrepen uit het interview dat de aanleiding vormde voor deze vraag om uitleg, is het op termijn wenselijk de nodige stappen te zetten om de grote spelers op DAB+ te krijgen. Zij wachten daarvoor trouwens niet allemaal op ons. Een aantal ervan, of ze nu openbaar of privé zijn, zijn er al mee bezig. Het komt erop aan het juiste ‘tipping point’ te creëren. Daar biedt de Econopolisstudie toch wel een goed inzicht over hoe men dat doet en wanneer.

We staan voor een vrij lange overgangsperiode van vijf tot tien jaar. In die zin zijn er nog tussentijdse oplossingen mogelijk. Daar wil ik echter niet dieper op ingaan, want bepaalde technische elementen moeten nog worden onderzocht. Technische beperkingen, zoals die van de FM-band die heel groot zijn, vormen immers de redenen waarom bepaalde werkzaamheden zoveel tijd vereisen.

We hebben in het dominospel nu de eerste steen in een bepaalde richting laten vallen met de studie van Econopolis. Binnen de FM-band zelf, zowel landelijk als lokaal, moeten we onderzoeken hoe we de andere dominosteentjes zouden willen laten vallen.

De drie woorden die in het regeerakkoord zijn opgenomen, zijnde een divers, duurzaam en leefbaar radiolandschap, hebben alle drie hun belang. Deze driehoek wil ik als geheel beschouwen. Voor sommige aspecten kan ik misschien twee van de drie goed invullen en de derde iets minder, maar alle drie de woorden hebben hun belang. Binnen dat evenwicht, dat kompas, wil ik me voortbewegen.

De voorzitter

Mevrouw Brouwers heeft het woord.

Minister, ik had graag vernomen welke datum u vooropstelt voor de conceptnota.

De voorzitter

Pasen.

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. De publiekstribune is gesloten.

zullen de commissiewerkzaamheden voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. De publiekstribune is gesloten.

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.