U bent hier

De voorzitter

De heer Vanlouwe heeft het woord.

Deze vraag om uitleg vormt de zoveelste aflevering in het verhaal van het Vlaams-Marokkaans Culturenhuis. Zoals u weet, sleept het dossier al een kleine tien jaar aan, en het ligt in mijn bedoeling het te blijven opvolgen.

Ik zal erop blijven hameren dat dit een heel duur en zelfs geldverslindend project is en dat deze middelen, zeker in Brussel, beter kunnen worden besteed. Men zal oordelen wat er fout is gelopen en wie daarvoor verantwoordelijk is.

Interculturele samenwerking kan een meerwaarde bieden, zeker in een stad als Brussel, waar de samenlevingsproblemen complex zijn, maar koste wat het kost vasthouden aan Daarkom in de huidige constellatie, inclusief een duur huurcontract, is te gek voor woorden.

Het jongste Daarkomdebat in deze commissie werd in mei 2015 gevoerd. Minister, u verzekerde me toen dat u nog enkele maanden nodig had om meer nieuws te brengen. Inmiddels zijn we een achttal maanden later. Ik zou dan ook graag een stand van zaken krijgen, onder meer naar aanleiding van het dubbelinterview dat u had met Mohamed Ikoubaân in het magazine Moussem Journa(a)l, en waarin u verwees naar het Daarkomdossier.

Welke overlegmomenten hebt u, en bij uitbreiding de Vlaamse Regering, sinds mei 2015 gehad met de Marokkaanse instanties en welke staan nog gepland? Hoe zijn deze contacten verlopen en welke concrete beslissingen zijn hieruit voortgevloeid? Kunt u op basis van de contacten met de Marokkaanse instanties en het rapport van de crisismanager toelichting geven over de toekomstplannen met Daarkom en de visie van uw gesprekspartner aan de hand van het samenwerkingsverband dat Vlaanderen met Marokko had gesloten? Kunt u meer toelichting geven over de mogelijkheden en alternatieven in verband met het gebouw La Gaîté met betrekking tot het beëindigen van het huurcontract, onderverhuring, herbestemming van het pand, en dergelijke?

De voorzitter

De heer Poschet heeft het woord.

Joris Poschet (CD&V)

Mijn vragen zijn enigszins anders dan deze van collega Vanlouwe.

Zoals hij zegt, is dit een dossier dat geregeld op de agenda van deze commissie verschijnt. Dat is niet onterecht, want in deze tijden van hoogoplopende maatschappelijke spanningen is de brugfunctie die Daarkom speelt van een nog groter belang om de dialoog tussen verschillende gemeenschappen in onze hoofdstad te bestendigen en te versterken.

Na een moeilijke periode bleek Daarkom vorig jaar op de goede weg, onder meer dankzij het werk van de in 2013 aangestelde crisismanager Hugo De Greef. Rekening houdend met de grote investeringen van zowel Marokko als de Vlaamse overheid, moeten we echter vaststellen dat het huis de hoge verwachtingen nog niet helemaal heeft kunnen inlossen.

In het kader van dit dossier vroeg u, minister, in december van vorig jaar nog wat tijd om samen met onze Marokkaanse partner op zoek te gaan naar een oplossing voor het Culturenhuis. Tegen het jaareinde zou u een of meerdere scenario’s naar voren schuiven.

Hoe evalueert u de werking van vzw Daarkom in 2015? Hebt u inmiddels overleg gepleegd met uw Marokkaanse collega’s? Zo ja, wat was hiervan het resultaat? De Marokkaanse partners hebben in het verleden altijd opengestaan voor een ruimere invulling van de programmatie van Daarkom. Is dat mogelijk? Kunt u nu een of meerdere scenario’s, maar uiteraard liefst een enkel, naar voren schuiven met betrekking tot de toekomst van Daarkom?

Sta me toe gewag te maken van een persoonlijke ervaring, hoewel ik besef dat het gevaarlijk is anekdotes aan te halen. Maandag ben ik na de receptie van BKO/RAB, waar u een goede beurt hebt gemaakt, wat een compliment is, nog even bij Daarkom zelf geweest. Ik was verbouwereerd omdat niemand Nederlands sprak. Toen ik naar het programma vroeg, kon niemand antwoorden en bestond dat blijkbaar ook niet op papier. Men antwoordde me: “Vous pouvez regarder sur l’internet, monsieur.” Ik heb dan ook vragen bij de huidige werking.

De voorzitter

Minister Gatz heeft het woord.

Minister Sven Gatz

Om definitieve uitspraken te doen over de werking 2015 is het nog te vroeg, in die zin dat de organisatie haar jaarverslag en haar afrekening nog niet heeft ingediend. Ze heeft daarvoor de tijd tot 31 maart 2016, maar in alle voorzichtigheid kunnen we ervan uitgaan dat 2015 vergeleken met de voorgaande jaren een jaar van relatieve stabiliteit voor de organisatie was.

Op basis van de gegevens waarover ik vandaag beschik, blijkt dat ze het jaar kon afsluiten zonder tekorten. Dat is hoopgevend, maar tegelijkertijd blijven er natuurlijk meerdere structurele uitdagingen waaraan ik met de Marokkaanse overheid wil voortwerken.

Op 11 en 12 juni 2015 is een hoge ambtenaar van de Marokkaanse overheid te gast geweest in Brussel om het dossier met ons te bespreken. Daarbij werd een bezoek aan het huis gebracht en werden gesprekken gevoerd met de medewerkers, de raad van bestuur, evenals met de administratie. Zelf had ik een uitvoerig overleg met de Marokkaanse gezant.

Dit bezoek was opgezet als voorbereiding voor een ontmoeting met mijn Marokkaanse collega. Normaal gezien zou ik immers medio november 2015 naar Marokko gereisd zijn om er minister Anis Birou, bevoegd voor de Marokkaanse gemeenschap in het buitenland, te ontmoeten en het toekomstperspectief voor Daarkom te verduidelijken. De heer Birou moest deze ontmoeting evenwel annuleren wegens een internationale conferentie over migratie in de Middellandse Zeeregio. Ondertussen is er een nieuwe datum gepland en zal ik van 5 tot 7 februari in Rabat zijn om minister Birou te ontmoeten en het dossier te bespreken.

Intussen zijn er ook frequente contacten tussen mijn medewerkers en administratie enerzijds en de Marokkaanse overheid anderzijds met het oog op de ontmoeting in februari en het uitwerken van een toekomstplan voor onze samenwerking. Al deze contacten verlopen in een positieve en constructieve sfeer. Ook voor de Marokkaanse partners is het immers noodzakelijk dat er een duidelijk toekomstperspectief geboden kan worden. Zij zijn absoluut bereid om na te denken over alternatieven en het is duidelijk dat daarover een open gesprek gevoerd kan worden.

Ik kan u een aantal uitgangspunten meegeven waarop we de uitwerking van een toekomstvisie voor onze samenwerking zullen stoelen. De ontmoeting in februari is bedoeld om deze punten verder te verfijnen. Het zijn dus vooral principes die als elementaire bouwstenen voor de toekomst gezien moeten worden.

Ten eerste, beide overheden bevestigen hun engagement, inclusief de financiële bijdragen, ten aanzien van de samenwerking. Daarnaast willen we het financieel draagvlak van de organisatie versterken door haar ertoe aan te zetten extra inkomsten te zoeken.

Ten tweede, de problemen aangaande het gebouw en het huurcontract zijn voor beide partijen bekend, maar het is de bedoeling deze situatie pragmatisch te benaderen zodat ze de doorstart van onze samenwerking niet bezwaart. We wensen de kwestie over het gebouw te overstijgen door de werking van Daarkom ook buiten de muren van het gebouw invulling te geven en te reflecteren over de samenwerking na afloop van het huurcontract dat, zoals u weet, nog loopt tot het einde van 2021. De alternatieve piste om het gebouw te verlaten en er een andere invulling aan te geven, is ook bespreekbaar.

Ten derde, beide overheden zijn het eens dat de aansturing van de organisatie moet worden scherpgesteld. Een herziening van de respectieve samenstelling en taakstelling van het stuurcomité, de algemene vergadering en de raad van bestuur kan daartoe bijdragen.

Ten vierde, om de organisatie meer slagkracht en uitstraling te bieden, willen we inzetten op partnerschappen en coproducties met andere organisaties om de werking van de organisatie breder te doen vertakken in het socioculturele weefsel, op de organisatie van activiteiten buiten de eigen infrastructuur, in Brussel én in de rest van Vlaanderen, belangrijk om de organisatie meer zichtbaarheid te geven, op de thematische en geografische verbreding van de programmatie als hefboom voor extra inkomsten via onder meer sponsoring en tot slot, op de rol van Daarkom als facilitator van een cultureel aanbod dat de Marokkaanse overheid ter beschikking stelt en dat in lijn ligt met het inhoudelijke en artistieke profiel van de organisatie.

Deze principes zullen de basis vormen voor het gesprek met mijn collega. Ik blijf natuurlijk ook open voor eventuele suggesties van Marokkaanse kant.

Er is nog een vraag die explicieter gaat over het gebouw zelf. Ik heb daar al kort iets over gezegd. Ik kan daar meer in detail aan toevoegen dat het eenzijdig en vroegtijdig beëindigen van het huurcontract natuurlijk gepaard zou gaan met hoge kosten. Zoals reeds hierboven vermeld, willen we, in overleg met de Marokkaanse partner, de kwestie van het gebouw pragmatisch benaderen. Een herbestemming behoort tot de mogelijkheden, maar ik wil graag het overleg met minister Birou afwachten om hierover uitspraken te doen.

De voorzitter

De heer Vanlouwe heeft het woord.

Enerzijds is het positief dat u op heel korte termijn zult overleggen met uw Marokkaanse collega. Anderzijds verneem ik dat er toch wel tussen administraties met de Marokkaanse overheid al heel wat zaken besproken zijn. Ik heb van u gehoord dat de hele discussie met betrekking tot het huurcontract, de beëindiging en een andere invulling, ook bespreekbaar is. U hebt gezegd dat een alternatieve piste om het gebouw te verlaten blijkbaar ook bespreekbaar is voor uw Marokkaanse evenknie.

Ik kijk vooral uit naar uw reis en ontmoeting over een tweetal weken, als ik het goed gehoord heb. Ik zal er dan waarschijnlijk opnieuw op terugkomen. Ik vind het positief dat er wel vooruitgang is, maar ik hoop natuurlijk ook dat er knopen kunnen worden doorgehakt, want het dossier blijft maar aanslepen. Ik denk dat een oplossing goed is, in het belang van Vlaanderen en het belang van de belastingbetaler. Ik denk ook dat de Marokkaanse overheid zal moeten inzien dat een andere invulling, een andere samenwerking misschien nuttiger zou kunnen zijn. Uiteraard moet dat ook gefocust zijn op Brussel, maar tegelijkertijd ook op de Marokkaanse gemeenschap in andere steden. Ik blijf erbij dat het dossier hier in Brussel zeer veel geld kost. U bent net als ik en collega Poschet een Brusselse Vlaming. U weet dat wij het niet altijd gemakkelijk hebben, dat wij ook graag hebben dat er projecten zijn die de werking van Brusselse Vlamingen ondersteunen. Dan denk ik dat het soms beter was geweest om wat meer geld uit te trekken voor die werking.

Ik kijk alvast uit naar de afspraken die u zult maken en ik hoop vooral dat er knopen kunnen worden doorgehakt.

De voorzitter

De heer Poschet heeft het woord.

Joris Poschet (CD&V)

Samenvattend is er eigenlijk nog geen nieuws. We wachten nog op wat kan komen. Het is een goede zaak dat er geen tekorten waren, zoals het er nu naar uitziet.

U zegt dat zowel voor u als voor het koninkrijk Marokko er eigenlijk geen probleem is om een andere invulling te geven aan het gebouw of om eventueel het gebouw sneller te verlaten. Dat is uiteraard de eerste stap om iets anders te doen met en in het gebouw. Minstens even belangrijk is hoe de verhuurder daartegenover staat. Ik weet niet of dat is afgetoetst, want het is natuurlijk het grote zwaard van Damocles dat ons al jaren boven het hoofd hangt.

Het is een goede zaak dat de werking verbreed zou worden. Dat is zowel op inhoudelijk vlak als op geografisch vlak toe te juichen. Ik denk dat we niet in Brussel moeten blijven.

Wat hoopt u eigenlijk te bereiken in Rabat?

De voorzitter

Minister Gatz heeft het woord.

Minister Sven Gatz

Ik hoop dat de uitgangspunten die ik net heb opgesomd, daar in afspraken kunnen worden omgezet. Ik weet niet of het van de ontmoeting in Rabat zal afhangen of wij in dezelfde periode grotere duidelijkheid zullen hebben over de relatie tussen de werking en het gebouw. Ik kan wel herhalen dat ik tijdens vorige commissievergaderingen heb gezegd dat de eigenaar-verhuurder wenst dat het contract zonder meer wordt uitgedaan. We kunnen hem dat niet kwalijk nemen. Maar misschien zijn er toch nog pistes die ons, letterlijk en figuurlijk, een hypotheek kunnen laten lichten. Wij onderzoeken die nu.

De ontmoeting in Rabat zal gaan over de principes die wij hebben voorbereid. Ik ga ervan uit dat wij een akkoord kunnen vinden. Het is gemakkelijker die principes ten uitvoer te brengen wanneer de onduidelijkheden met betrekking tot het gebouw zouden kunnen worden opgelost. Daarmee vertel ik u natuurlijk niets nieuws.

Ik kreeg net nog de bijkomende informatie dat het wel degelijk zo is dat de administratieve en technische medewerkers die nu in dienst zijn van Daarkom, Nederlandstalig zijn. U weet dat vanwege de beperkte middelen en het gebouw de staf daar niet bijzonder uitgebreid is. Dat neemt niet weg dat uw onthaal op die dag niet meteen geweldig kan worden genoemd. Ik hoop dat dat een eerder toevallige ontmoeting was. Het is zeker geen goede zaak dat u daar op die manier bent ontvangen. Dat geldt dan misschien ook voor andere bezoekers die dag of op andere momenten. We zullen daarover zeker nog met hen contact opnemen.

De voorzitter

De heer Poschet heeft het woord.

Joris Poschet (CD&V)

Ik wil die anekdote niet veralgemenen. Daarom ben ik er spaarzaam mee. Dit is ook geen kritiek op de zakelijk leider. Ik heb die man ook al ontmoet. Hij is een Antwerpenaar met Marokkaanse roots. Hij komt gelukkig in Brussel werken. Zij zijn zeker welkom. Die man doet zijn job goed. Het was gewoon een ongelukkige ervaring.

Ik hoop wel dat de flexibiliteit bij de verhuurder terug te vinden is voor het concreet invullen van de activiteiten in het gebouw. Ik kan er inkomen dat die er niet is voor de huurtermijn.

De voorzitter

De vragen om uitleg zijn afgehandeld.

Vergadering bijwonen

U wil een vergadering  bijwonen? Dat kan! U kunt zich gewoon aanmelden bij de bezoekersingang (Leuvenseweg 86, 1000 Brussel).

Zolang er zitplaatsen vrij zijn, worden toehoorders binnengelaten. Zitplaatsen kunnen niet gereserveerd worden. Raadpleeg vooraf de agenda van de plenaire vergaderingen of de commissievergaderingen.

U kunt ook steeds de plenaire vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube. 

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.