U bent hier

De voorzitter

De heer Vandenbroucke heeft het woord.

Joris Vandenbroucke (sp·a)

Collega’s, de afgelopen jaren en ook de toekomstige maanden en jaren verschijnen er steeds meer ANPR-camera’s (Automatic Number Plate Recognition) in het straatbeeld, voor verschillende doeleinden, onder andere de ambitieuze uitrol van trajectcontroles op de autowegen – waarvan wij natuurlijk een zeer grote voorstander zijn –, maar ook voor verkeerskundige analyses en politionele doeleinden. Het Agentschap Wegen en Verkeer (AWV) heeft dertien slimme camera’s gekocht om het inhaalverbod voor vrachtwagens bij regenweer te controleren. Op dit moment zijn er een 40-tal portieken in aanbouw om ANPR-camera’s op te hangen en zo de handhaving van de slimme kilometerheffing voor vrachtwagens te doen die er aankomt in april volgend jaar. Daarnaast komen er ook nog eens 22 mobiele controlesystemen.

Minister, op 6 juni 2013 heeft minister Crevits gezegd dat, aangezien wij één soort camera’s, ANPR-camera’s, kopen en die allemaal voor verschillende doeleinden worden ingezet, het misschien nuttig is om te bekijken of verschillende functionaliteiten kunnen worden verenigd in één camerasysteem. Zij heeft toen letterlijk gezegd: “Naar aanleiding van de invoering van de kilometerheffing voor vrachtwagens zou het interessant zijn om een en ander te integreren. Men kan daar perfect snelheden mee meten en trajectcontroles gaan testen.” Ik vond dat eerlijk gezegd getuigen van gezond verstand.

Ik heb u dan schriftelijk gevraagd hoe u daartegenaan kijkt. In uw antwoord op mijn schriftelijke vraag van 21 oktober 2014 hebt u gezegd dat, waar het technisch mogelijk is en er efficiëntiewinsten kunnen worden geboekt, eventueel verschillende taken kunnen worden geïntegreerd binnen één systeem, al moet daarvoor wel een kosten-batenanalyse worden uitgevoerd, aangezien het wellicht gepaard zal gaan met een meerkost.

Ruim een halfjaar later heb ik u opnieuw gevraagd naar de stand van zaken. Toen klonk u enigszins anders. U hebt toen gezegd dat er geen kosten-batenanalyse werd uitgevoerd om verschillende toepassingen in één systeem te bekijken en dat u ook niet de intentie hebt dat alsnog te doen.

Minister, waarom hebt u het geweer van schouder veranderd? Daarop lijkt het alleszins.

Minister, kunt u mij toelichten waarom u niet langer de intentie hebt om de multifunctionele inzet van het camerasysteem voor handhaving van de kilometerheffing voor vrachtwagens te onderzoeken?

Zijn er overtuigende indicaties dat die sowieso negatief zou uitvallen of dat nieuwe functionaliteiten de originele opdracht van het systeem in gevaar zouden kunnen brengen?

Komen de mobiele controlesystemen van de kilometerheffing voor vrachtwagens eventueel wel in aanmerking om in de toekomst te worden ingeschakeld als mobiele trajectcontrolesystemen?

De voorzitter

Minister Weyts heeft het woord.

Minister Ben Weyts

Voor alle duidelijkheid: ik koester nog altijd die intentie, ik ben op dat vlak absoluut niet van mening veranderd. Zoals aangekondigd, heb ik wel een en ander laten onderzoeken. Ik moet natuurlijk roeien met de riemen die mij ter beschikking werden gesteld. Door de vorige regering is er een contract gesloten met Satellic via ViaPass, niet alleen door minister Crevits, maar ook samen met de andere gewesten. Daarop zit wel wat beperking.

Ik geloof effectief dat efficiëntiewinst door middel van de combinatie van systemen tot handhaving en controle zo veel mogelijk dient te worden gerealiseerd. Ik kom daar nog op terug. Daarom laat ik de bestaande contracten bekijken. Het is echt een mengelmoes van contracten allerhande en van aantallen.

Ik loop wat vooruit, maar onze schatting is dat ondertussen de helft van de gemeenten minstens één ANPR-camera heeft. Concreet voorbeeld: Mechelen alleen al heeft er tachtig. De vraag is in welke mate we andere software en hardware met elkaar kunnen laten praten.

Bij de kilometerheffing hebben we ook naar het contract gekeken. Het is door de vorige regering ondertekend, maar met de drie gewesten. Dat was een voorwaarde. Ik heb dat al meegegeven in het antwoord op een schriftelijke vraag.

De Vlaamse Regering heeft bij de gunning van de DBFMO-opdracht (Design Build Finance Maintain Operate) rekening gehouden met de stringente eisen op vlak van privacy en geopteerd voor het aantrekken van een specialist op vlak van systemen voor kilometerheffing. Daarom zijn we ook bij ViaPass uitgekomen.

Er werd geopteerd voor een uniek en identiek systeem in de drie gewesten. Daarbij is het nogal moeilijk om binnen het huidig contract met de dienstverlener integratie van bijkomende functionaliteiten en/of de al dan niet mogelijke koppeling aan al bestaande systemen op korte termijn te realiseren.

Ik verwijs naar de inhoud van het contract. Binnen het huidige contract gelden enerzijds die strenge privacyregels die wel wat beperkingen opleggen op het vlak van datadeling. Belangrijker is dat er enerzijds vermeld wordt dat het systeem voor kilometerheffing slechts mag worden gebruikt voor de doelstellingen waarvoor het is ontworpen. Het doel is tolheffing.

Daarnaast staat er ook dat het bestaande systeem exclusief is bedoeld voor vrachtwagens met een maximaal toelaatbaar totaalgewicht (MTT) van meer dan 3,5 ton. Het systeem verzamelt in de huidige constellatie enkel gegevens over voertuigen van 3,5 ton en zwaarder. Andere data inzake personenwagens of andere voertuigen worden zelfs niet opgeslagen.

De volledige keten van registratie, verificatie tot en met het ter beschikking stellen van pregevalideerde data voor handhaving is in handen van de dienstverlener. Die keuze is gemaakt om mogelijke hiaten te vermijden en disputen op vlak van handhaving tot een minimum te beperken en maakt de dienstverlener medeverantwoordelijk. Met andere woorden: alles zit op één hand.

De handhavingsapparatuur in kader van de kilometerheffing wordt aangewend voor onder meer profielherkenning en identificatie, en moet dus niet noodzakelijk beantwoorden aan strenge criteria en ijking door de dienst Metrologie van de FOD Economie en Middenstand.

Conclusie: het niet aanwenden van het kilometerheffingssysteem voor bijvoorbeeld trajectcontrole vloeit voort uit keuzes die men in het verleden contractueel heeft gemaakt bij het bepalen van de definitieve architectuur en het in de markt zetten van de DBFMO-opdracht. Dat neemt niet weg dat er eventueel wel wat mogelijkheden bestaan.

Je moet alles in perspectief plaatsen. Je spreekt in dezen wat Vlaanderen betreft over een 22 portalen. Mechelen alleen al heeft 80 camera’s. De massa aan wat nog rest, is dus natuurlijk veel groter, een veelvoud daarvan. Dat belet niet dat ik wel wil bekijken in welke mate we later, zodra de kilometerheffing op gang is, desgevallend een additioneel contract hebben. Dat moeten we juridisch bekijken. Er zijn vier contracterende partijen. Of nee, eigenlijk zijn het er meer. Het maakt in dezen nog niet uit, omdat we via ViaPass werken. ViaPass wordt aangestuurd door de drie gewesten. Het is een nogal complex gegeven. Ik sluit zeker niet uit dat we die portalen alsnog kunnen gebruiken.

Gelet op de contractuele beperkingen waarmee we nu geconfronteerd worden, kunnen we wel zeggen dat we in eerste instantie en vooral de focus leggen op al de andere ANPR-camera’s die vandaag voorhanden zijn in heel Vlaanderen.

De voorzitter

De heer Vandenbroucke heeft het woord.

Joris Vandenbroucke (sp·a)

Ik heb er natuurlijk alle begrip voor wanneer u zegt dat u geconfronteerd wordt met een aantal contracten die in ieder geval niet op korte termijn kunnen worden verbroken of gewijzigd. Ik vind het toch wel indrukwekkend wat u daar zegt, namelijk dat al de helft van de Vlaamse gemeenten minstens één ANPR-camera heeft. Dat wil toch zeggen dat die technologie zijn weg aan het vinden is in Vlaanderen. Ik juich dat zeker toe. Het verheugt me ook dat u zegt dat, hoewel het een complex gegeven is, met allemaal verschillende contracten in de verschillende gemeenten, en met Vlaanderen die daarin ook nog een rol speelt, u blijft openstaan om te bekijken hoe een en ander beter kan worden geïntegreerd en hoe de functionaliteit kan worden aangemoedigd. Ik begrijp nu ook beter wat ik reeds las in uw beleidsbrief die we net hebben ontvangen, en die dateert van na mijn vraagstelling, waarin u aankondigt dat u een platform wil oprichten om de huidige en toekomstige ANPR-camera’s en -netwerken in één groot geheel op te nemen. We zullen die evolutie met belangstelling verder opvolgen.

De voorzitter

De heer Van Miert heeft het woord.

Ik heb eerder dit jaar een vraag gesteld die gelijkaardig is aan de vraag die collega Vandenbroucke nu aan u stelt. Dat ging over de data die door de systemen van het Agentschap Wegen en Verkeer werden gegenereerd. De vraag van collega Vandenbroucke bouwt daar een beetje op verder. Ik kan hem volledig volgen als hij stelt dat we creatief moeten proberen omgaan met de bestaande infrastructuur en met de data die daardoor worden gegeneerd. Ik heb één bijkomende vraag. De verdeeldheid en de beschikbaarheid van informatie op verschillende niveaus is nogal delicaat. Wij zien bijvoorbeeld dat alle data die worden verzameld, blijven zitten op politiezonaal niveau, en niet worden uitgewisseld. Mijn vraag is of er een mogelijkheid zou bestaan om er vanuit het Vlaamse niveau voor te zorgen dat die data tussen de politiezones zouden worden gedeeld. Dan zetten we al een heel grote stap voorwaarts. De technische compatibiliteit van de middelen zal dan misschien iets minder van belang worden.

De voorzitter

Minister Weyts heeft het woord.

Minister Ben Weyts

Daarom heb ik ook het platformidee voorgesteld, maar ook op het niveau van de kabinetten zijn we al in overleg met Binnenlands Bestuur – want er is een overlap – om te zien of we daar zelf samen kunnen trekken om ervoor te zorgen dat de data worden uitgewisseld. Opnieuw is er juridisch enigszins een kluwen, op het vlak van privacy en dergelijke. We hebben wel al het initiatief genomen om samen te zitten en we hebben in ieder geval de ambitie om dat samen te trekken en om de gegevens van de talloze camera’s te kunnen uitwisselen via een of ander platform.

De voorzitter

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is geopend met een beperkt aantal plaatsen. Bezoekers die een plenaire vergadering willen bijwonen, sturen een mailtje naar 
onthaal@vlaamsparlement.be met daarin naam en geboortedatum.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.