U bent hier

Commissievergadering

donderdag 29 oktober 2015, 14.00u

Voorzitter
van Kathleen Helsen aan minister Hilde Crevits
21 (2015-2016)
De voorzitter

Mevrouw Helsen heeft het woord.

Kathleen Helsen (CD&V)

Minister, de opleiding Kunstambacht Smeden, die de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten in Antwerpen al jaren aanbiedt, werd geconfronteerd met de beslissing van de raad van bestuur dat de opleiding met onmiddellijke ingang om veiligheidsredenen wordt stopgezet. Dit heeft toch wel wat in beweging gebracht bij diegenen die de opleiding volgen, maar ook bij de lesgevers binnen die opleiding. Deze mensen hebben de reglementering bekeken en zij hebben vragen bij de wijze van werken van de instelling en bij de wijze van werken van de raad van bestuur. Vooral ook omdat zij hebben vastgesteld dat, voordat de beslissing viel, er een overeenkomst werd afgesloten met de stad Antwerpen dat er in 2015-2016 via crowdfunding een extra schooljaar kon worden georganiseerd. Nu wordt men geconfronteerd met een beslissing die onomkeerbaar is. En dit op een moment dat leerlingen al waren ingeschreven en dat de lesgevers toch wel andere verwachtingen hadden van het schooljaar.

In het besluit van de Vlaamse Regering (BVR) van 31 juli 1990 houdende de organisatie van het deeltijds kunstonderwijs, studierichting ‘Beeldende Kunst’, lezen we in artikel 34 dat een instelling van het deeltijds kunstonderwijs (dko) toelaat om een optie af te bouwen; in paragraaf 2 dat “een optie slechts in uitzonderlijke gevallen door de inrichtende macht in één tijd kan afgebouwd worden”. De uitzonderlijke gevallen worden verder niet gespecificeerd. De derde paragraaf van hetzelfde artikel bepaalt dat elke wijziging van een optie door de inrichtende macht voor 1 juni van het lopende schooljaar moet worden gemeld. De gevolgen van het niet melden van een wijziging zijn ook niet duidelijk.

Minister, bent u op de hoogte van deze situatie? Wat heeft zich daar precies voorgedaan? Kunt u bevestigen dat het maar zelden voorvalt dat een optie ‘in één tijd’ wordt afgebouwd? Afbouwen is iets anders dan onmiddellijk stopzetten. Heeft de raad van bestuur zich met zijn beslissing gehouden aan het BVR? Is afbouwen hetzelfde als onmiddellijk stopzetten, of niet? Hoe moet daarmee worden omgegaan?

Wat zijn ‘uitzonderlijke gevallen’? Dat is niet gedefinieerd en dus voor interpretatie vatbaar. Op die manier staat het in dat artikel opgenomen. Valt een acuut veiligheidsprobleem daaronder? Wordt er verondersteld dat de instelling in die situatie inspanningen doet om een andere locatie te vinden waar de opleiding wel verder kan worden aangeboden en waar de veiligheidsproblemen zich niet meer voordoen? Op die manier heeft de instelling ook de kans om het veiligheidsprobleem op te lossen op langere termijn. Hoe moet dat precies geïnterpreteerd worden?

Wat houdt de meldingsplicht in paragraaf 3 van dat artikel juist in? Wat zijn de mogelijke gevolgen van het niet melden? Dat is niet duidelijk in het BVR. De mensen die verbonden zijn aan de opleiding, stellen zich daar grote vragen bij: kan dit zomaar en kan dit zonder dat daar gevolgen aan gekoppeld zijn?

Zijn er aanwijzingen in recente, al dan niet afzonderlijke, doorlichtingsverslagen dat er in de betrokken vestigingsplaats sprake is van een acuut veiligheidsrisico? Kan de inspectie nagaan of er daadwerkelijk sprake is van een ernstig risico? Kunnen de betrokken leerlingen tegen deze beslissing in beroep gaan of beschikken ze over mogelijkheden om hun opleiding in een andere instelling voort te zetten, natuurlijk zonder dat ze zich daarvoor naar de andere kant van het land moeten begeven?

Is er bij de hervorming van het dko aandacht voor de participatie van leerlingen in de toekomst, om te voorkomen dat dergelijke situaties zich op die manier nog voordoen?

De voorzitter

Minister Crevits heeft het woord.

Minister Hilde Crevits

Ja, ik ben op de hoogte van deze beslissing. De academie heeft de bevoegde diensten van mijn administratie geïnformeerd op 25 september 2015.

Zo’n afbouw in één tijd gebeurt zeer zelden. In de voorbije vier schooljaren is er, naast dit atelier Kunstambacht Smeden in Antwerpen, slechts één andere afbouw in één tijd geweest: het atelier Mode en Theaterkostuums in de Stedelijke Academie voor Beeldende Kunst van Dendermonde, in het schooljaar 2013-2014.

Heeft de raad van bestuur zich gehouden aan de regels? Uiteraard, mevrouw Helsen, is het, zoals u zelf hebt gezegd, de bedoeling dat een academie die een optie wil stopzetten dat geleidelijk doet, om te garanderen dat leerlingen hun opleiding kunnen afmaken. De regelgeving vermeldt evenwel expliciet dat dit in uitzonderlijke gevallen kan. De huidige regelgeving bepaalt niet wat ‘uitzonderlijke gevallen’ zijn en vraagt dan ook niet specifiek om die uitzonderlijkheid te motiveren. Strikt genomen heeft men zich dus aan de regelgeving gehouden. Wel een probleem is dat de afbouw slechts op 25 september werd gemeld, terwijl een stopzetting uiterlijk op 1 juni van hetzelfde jaar gemeld moet zijn. Maar daaraan zijn dan weer geen sancties verbonden. De administratie heeft op 25 september 2015 akte genomen van de beslissing tot stopzetting.

Die afbouw in één tijd moet worden gemeld vóór 1 juni, omdat er consequenties zijn voor de berekening van de omkadering voor het volgende schooljaar, aangezien de academie dan natuurlijk minder uren leraar krijgt.

Het concrete gevolg van dat te laat melden, is dat aan de academie nu te veel omkadering is toegewezen voor het huidige schooljaar. De berekening van de omkadering van dit schooljaar gebeurt op basis van de gegevens waarover de administratie eind vorig schooljaar beschikte. Om dat recht te zetten, zal onze administratie nog tijdens dit schooljaar een rectificatie moeten doen van het urenpakket van de academie.

Kunnen we uit de doorlichtingsverslagen iets halen wat het veiligheidsrisico betreft? Het meest recente inspectieverslag van de academie is gemaakt op 30 mei 2012. Daarin staan geen specifieke aanwijzingen rond veiligheid. De inspectie maakt wel een verslag over de controle van bewoonbaarheid, veiligheid en hygiëne (BVH) van de academie. Tijdens dat onderzoek gaat de inspectie na of de academie op een systematische wijze zorg draagt voor de bewoonbaarheid, veiligheid en hygiëne. Bij die controle kijkt de inspectie ook een aantal documenten na, zoals het preventieplan, het jaaractieplan, de verslagen van de jaarlijkse rondgang van de preventieadviseur en de bedrijfsdokter, de werking van het BC en de betrokkenheid van de academie hierin en ten slotte de relatie tussen al die elementen.

Tijdens de doorlichting van mei 2012 kon de academie al die documenten voorleggen en kon de inspectie ook alleen maar vaststellen dat de systematiek in het BVH-beleid aanwezig was. Er waren eigenlijk geen expliciete aanwijzingen.

We kunnen de inspectie belasten met de opdracht om een onderzoek ter plaatse uit te voeren. Maar het zou een beetje vreemd zijn om dat nu nog te doen, mevrouw Helsen, omdat de opleiding ondertussen effectief werd stopgezet.

De betrokken leerlingen kunnen het schoolbestuur van de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten (KASK) aanspreken. Naast het KASK is er nog één academie die de optie Kunstambacht Smeden aanbiedt, namelijk de Academie voor Beeldende Kunsten van het onderwijs van de Vlaamse Gemeenschap (GO!) in Anderlecht. In het volwassenenonderwijs organiseert ook het centrum voor volwassenenonderwijs (CVO) Leerdorp in Gent een vergelijkbare opleiding tot siersmid.

Het is mijn intentie om, naar aanleiding van dit concrete voorval, de modaliteiten van stopzetting van opleidingen mee te nemen in het beleidsproject rond de opmaak van een nieuw niveaudecreet. Het is de bedoeling om, uiteraard in overleg met de sector, te bekijken op welke manier we een goed evenwicht kunnen vinden tussen de belangen van een leerling die er natuurlijk baat bij heeft dat er studiecontinuïteit is en de autonomie van het schoolbestuur om het aanbod af te bouwen.

Ik wil één kanttekening maken. Het gebeurde is niet fijn voor de leerlingen die die richting volgden, maar het is geen systematiek. Het komt zeer zelden voor. De regels zijn wat ze zijn. Uit de potentiële gevolgen van de beslissing leid ik toch af dat het goed zou zijn om daarin een goede balans te vinden in het nieuwe decreet.

De voorzitter

Mevrouw Helsen heeft het woord.

Kathleen Helsen (CD&V)

Minister, ik dank u voor uw antwoord. Dat antwoord toont duidelijk aan dat het best is om toch te bekijken hoe we het een en het ander kunnen verfijnen. We zien dat hier een stopzetting is gebeurd die te laat is gemeld. Leerlingen zijn niet op de hoogte. Ze kunnen de opleiding voortzetten in Anderlecht. Ik had bij mijn vraagstelling gezegd dat het liefst niet aan de andere kant van onze regio moest zijn. (Opmerkingen van minister Hilde Crevits. Gelach)

De andere kant van het land. Ik denk dat het voor de cursisten niet vanzelfsprekend is om die verplaatsing zomaar te doen. Daarom is er ook die verwondering bij de leerlingen die waren ingeschreven voor de opleiding. Ik denk dat we in de toekomst echt moeten bekijken hoe wij de procedure uitwerken. Het kan toch niet zomaar dat een school, wanneer het schooljaar is opgestart, beslist om die opleiding gewoon stop te zetten. De deelnemers worden gewoon aan hun lot overgelaten. Ze kunnen gelukkig wel gaan informeren, niet enkel en alleen bij de instelling zelf, maar ook nog op andere plaatsen waar ze de opleiding kunnen voortzetten. Ik denk dat dit geen goede manier van werken is.

Uit de inspectieverslagen blijkt ook dat er mogelijk toch niet zo’n ernstig veiligheidsrisico is. Op dit moment wordt dat wel aangegeven als de reden van stopzetting, maar we gaan ook niet na of dat effectief wel het geval is. We hebben geen enkele aanwijzing die ons doet vermoeden dat het de realiteit is. Ik denk dat het goed is dat er wordt bekeken hoe we dat kunnen nagaan vooraleer de instelling zelf zomaar kan overgaan tot het beslissen van stopzetting. Gelukkig doet dit voorbeeld zich bijna nooit voor. Het is goed om te bekijken hoe we de zaken duidelijker kunnen stellen en hoe we kunnen voorkomen dat deze situatie zich in de toekomst op deze manier verder voordoet.

De voorzitter

Minister Crevits heeft het woord.

Minister Hilde Crevits

Mevrouw Helsen, ik ben het eens met uw laatste opmerkingen.

De voorzitter

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is geopend met een beperkt aantal plaatsen. Bezoekers die een plenaire vergadering willen bijwonen, sturen een mailtje naar 
onthaal@vlaamsparlement.be met daarin naam en geboortedatum.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.