U bent hier

De voorzitter

De heer Vandenbroucke heeft het woord.

De heer Joris Vandenbroucke (sp·a)

Minister, in de loop van augustus werd door de krant De Gentenaar gesignaleerd dat iemand er op het grondgebied van de stad Gent in geslaagd was om via de Uber-app effectief een voertuig te bestellen, dat binnen de zeven minuten na de aanvraag van het voertuig de persoon kwam oppikken. Dat liet vermoeden dat Uber niet alleen van plan was om in Gent activiteiten te ontwikkelen, maar dat het dat al volop aan het doen was.

U hebt daar terecht op gereageerd dat dat illegaal is, zoals dat ook in het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest is. Er is daar trouwens een uitspraak over van de Brusselse rechtbank van koophandel. U hebt ook gesproken over het janusgezicht van Uber. “Ik ben niet van plan om met een bedrijf, waarmee ik nu aan het spreken ben in het kader van de hervorming van de taxiregelgeving, verder te praten als zij achter mijn rug illegale praktijken uitvoeren op het grondgebied van het Vlaamse Gewest”, zei u. Uw reactie leek te suggereren dat u het overleg met hen zou stoppen.

U liet ook optekenen dat u verder niet kon optreden en dat de stad Gent dat moest doen. Dat is ook wat de stad Gent momenteel doet. De burgemeester heeft in antwoord op een vraag van gemeenteraadslid Karin Temmerman laten weten dat het team Acties van de verkeersdienst van de politie actief uitkijkt naar mogelijke ritten door Uber in de stad, dat inbreuken geverbaliseerd worden, dat het voertuig geïmmobiliseerd wordt en dat met het parket contact wordt opgenomen voor de inbeslagname en verbeurdverklaring van het voertuig. Die handelwijze wordt trouwens ook in het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest gehanteerd.

Collega’s, er heerst hier een kamerbrede consensus dat de taxiregelgeving aan vernieuwing toe is, onder andere door een aantal technologische innovaties en dergelijke meer. Op 17 juni hebben wij in de plenaire vergadering een resolutie daartoe van de collega’s van de meerderheid unaniem goedgekeurd. Naar aanleiding van het gebeuren in Gent en het feit dat het intussen drie maanden geleden is dat we die resolutie hebben goedgekeurd, wil ik u de volgende vragen voorleggen, minister.

Hoever staat u in de uitvoering van de resolutie? Is het gevraagde nauwe overleg met de stakeholders en met de federale overheid al opgestart? Kunt u meer duiding geven bij uw verklaringen met betrekking tot de illegale activiteiten van Uber en wat dat betekent voor uw verdere aanpak met betrekking tot de actualisering van de taxiregelgeving?

Mijn derde vraag is ingegeven door uw uitspraak dat u zelf niet kunt optreden. Ik vraag mij af waarom u niet, zoals de Brusselse overheid dat wel gedaan heeft, toch actie kunt ondernemen en het niet alleen maar aan de stad Gent moet overlaten. Op basis waarvan stelt u dat u niet kunt optreden?

De voorzitter

De heer De Clercq heeft het woord.

De heer Mathias De Clercq (Open Vld)

Minister, collega Vandenbroucke heeft het goed geschetst. U was pratende met de instanties van Uber. Dat was ook het geval voor de stad Gent. Ook wij voelen ons dus in het ootje genomen, om het eufemistisch uit te drukken, als er dan toch een taxidienst actief blijkt te zijn, als eerste in het Vlaamse Gewest. Goed, als je dan toch ergens experimenteert, doe het dan inderdaad eerst in Gent, maar in dezen was het niet zo gelukkig. (Gelach)

U hebt daar een terechte reactie op geformuleerd, volledig in lijn met wat het Gentse stadsbestuur daarover heeft gezegd. Wij nemen inderdaad onze verantwoordelijkheid op. De burgemeester heeft daar, in zijn gekende stijl, geen onduidelijkheid over laten bestaan.

Wij hebben hier inderdaad unaniem een resolutie goedgekeurd, waarbij de filosofie is om naar een level playing field te gaan. Zowel de ietwat verstarde en archaïsche wetgeving rond de bestaande taxi-instanties als het volledige laisser faire waarbinnen Uber zou kunnen, is niet goed. Dat moet worden aangepakt en op elkaar worden afgestemd. Ook de overdreven regellast die daar desgevallend mee gepaard gaat, moet worden ingeperkt.

Daarom, minister, wil ik vragen welke stappen u als minister en als Vlaamse Regering de afgelopen tijd hebt gezet om effectief tot zo’n nieuw regelgevend kader te komen, dat in zo’n level playing field voorziet. Hebt u al overleg gevoerd met de relevante stakeholders? In de resolutie is ook sprake van stappen ten aanzien van het federale niveau. Hebt u al meer duidelijkheid over uw plannen? Welke timing ziet u om naar dat nieuwe regelgevende kader voor het betalend individueel personenvervoer te gaan?

De voorzitter

Mevrouw De Ridder heeft het woord.

Minister, ik sluit mij met veel plezier aan bij de vraagstelling van de collega’s. Er is hier al veel gesproken over Uber. Het is een omstreden vorm van dienstverlening, mogen we wel zeggen. We hebben onlangs de protesten gekend in Brussel. Er is ook het verhaal van de activiteiten in Gent. Daar moet wel onmiddellijk bij verteld worden dat Uber dat zelf ontkend heeft. Uw reactie was terecht fors. Illegaal rondrijden kan natuurlijk niet. De reactie van Uber was dat het om een chauffeur uit Brussel ging, die dan wel oppikte in Gent. Ze stelden dat chauffeurs die blijven rijden in andere steden dan Brussel, onmiddellijk op non-actief worden gezet. Dat is volgens mij ook een correcte reactie van het bedrijf zelf.

Er zijn natuurlijk twee zijden aan. Enerzijds zijn Uber en veel andere dienstverleners te beschouwen als een moderne, laagdrempelige, klantvriendelijke vorm van taxidienst, maar anderzijds hebben we de huidige rigide regelgeving, die ervoor zorgt dat het ding momenteel illegaal is, niet gecontroleerd wordt en misschien niet met alles in orde is.

Er rust dus een heel belangrijke taak op uw schouders, minister. Enerzijds moet u er uiteraard op toezien dat de regelgeving wordt nageleefd, dat iedereen eronder valt en er zich aan houdt. Anderzijds is het voor u ook een uitdaging om te kijken naar een modern kader, waar iedereen op een level playing field de markt kan betreden en waar ook ruimte is voor disrupties, moderniseringen en misschien af en toe schokgolven doorheen een bestaande economie of dienstverlening, die er zonder die nieuwe spelers niet zouden zijn.

Ik heb in het voorjaar inderdaad samen met de collega’s een resolutie ingediend, die nadien kamerbreed is goedgekeurd en waarin we u een aantal zaken vragen. Dat gaat zeer breed. We vragen overleg te plegen met de sector, regellast in te perken, we vragen een juridische analyse en een modernisering waarbij ook nieuwe spelers hun plek zullen kunnen innemen.

In een zijsprong wil ik nog meegeven dat in San Francisco is gebleken dat sinds de introductie van Uber het aantal arrestaties met betrekking tot dronkenschap achter het stuur gedaald is. Ook het aantal verkeersslachtoffers door alcoholgerelateerde verkeersongelukken is gedaald. En ook belangrijk: het totale aandeel van de taxisector is enorm toegenomen. De taxisector moet het dus ook niet altijd als een bedreiging zien. Het kan ook de totale koek doen groeien, waardoor iedereen daar ook een groter aandeel van kan innemen.

Minister, u hebt de resolutie ook gekregen. Kunt u een overzicht geven van de stappen die gezet zijn of zullen worden inzake de herwerking van de regelgeving, zodat nieuwe vervoersconcepten binnen een wettelijk kader kunnen opereren? Wat zullen die stappen inhouden, zodat de veiligheid van de passagiers en innovatie in de sector met elkaar verzoend kunnen worden? Op welke manier zal de bestaande sector over de schreef van innovatie en modernisering worden getrokken? Hebt u al een zicht op de timing? Wanneer kunnen we die aanpassing verwachten?

De voorzitter

Minister Weyts heeft het woord.

Minister Ben Weyts

Collega’s, we gaan terug tot het decreet van 2001 inzake de organisatie van het personenvervoer over de weg, en een besluit dat ter uitvoering daarvan werd uitgevaardigd. Concreet is bepaald dat taxidiensten bezoldigde vervoersdiensten van personen omvat door middel van voertuigen met een bestuurder. U weet dat aan specifieke voorwaarden moet worden voldaan. De taxidienst moet over een door de gemeente uitgereikte vergunning beschikken. Daar wordt ook een heffing op betaald. Daarnaast zijn er verschillende technische vereisten. Er is een zesmaandelijkse keuring. Er moet ook een medische keuring plaatsvinden. Er zijn de maximale tarieven. Er is de aansprakelijkheidsverzekering. Taxivoertuigen moeten over een alarmtoestel beschikken enzovoort.

Het is mijn ambitie om werk te maken van een vereenvoudiging voor iedereen, ten voordele van gebruikers én taxi’s, maar ook van nieuwe toepassingen. Ik zie dat de meeste aandacht naar Uber gaat, maar er zijn ook andere toepassen. Zo is er PickMeUp, een ‘Vlaamse Uber’ die taxidiensten via een app bereikbaar maakt. Ook Antwerp-Tax heeft een app, die soms zelfs ruimer gaat dan Uber.

Om de wetgeving aan te passen, ga ik inderdaad uit van het principe van het level playing field: iedereen moet het spel spelen volgens dezelfde regels, gelijke wetten voor gelijk werk. Ik stel vast dat die reglementering bij voorkeur een Europese aanpak vraagt, als ik de evolutie in de ons omringende landen bekijk. Zelfs in de VS, nochtans de bakermat van Uber, blijken rond die nieuwe toepassingen nog wat knelpunten en conflicten met de regelgeving te bestaan.

Binnen die globale aanpak heb ik, verwijzend naar de resolutie, de volgende doelstellingen. Ik heb al verwezen naar ‘gelijke wetten voor gelijk werk’. Ten tweede is er de introductie van nieuwe technologieën in de taxisector, rekening houdend met digitaal plannen, contracteren en betalen, wat belangrijk is in deze tijden. Nieuwe concepten op basis van digitale media moeten voluit kansen krijgen, maar ik wil ook de klassieke sector stimuleren om een meer innovatieve bedrijfsvoering na te streven. Ook de veiligheid van de passagiers is belangrijk. En tot slot moeten we ook de prijsstrategie van de verschillende spelers onder ogen nemen.

Welke stappen heb ik al ondernomen? Er is overleg gepleegd met de stakeholders en de federatie Nationale Groepering van Taxiondernemingen (GTL). Mijn kabinetsmedewerkers hebben gesprekken gehad met vertegenwoordigers van Uber. We hebben ook geluisterd naar de evoluties op het vlak van ‘ridesharing’, in Vlaanderen vooral bekend via Taxistop. We hebben ook contact gehad met steden en gemeenten en hebben nagekeken hoe er elders in de westerse wereld gereageerd is op de wijzigingen in het taxivervoer. Ook daar is er immers constante evolutie. Kijk bijvoorbeeld naar wat er ter zake in Frankrijk gebeurt.

We hebben, na juridische analyse, een aantal concepten uitgewerkt, met een aantal verwijzingen. In de VS heb je bijvoorbeeld de opkomst van zogenaamde Traffic Network Companies. Dat is een regelgeving op maat voor particulieren die via een app hun auto met chauffeur delen. Daar rijzen nog wat vraagtekens rond veiligheid en de verantwoordelijkheid voor de chauffeurs en voor het netwerk. Die regelgeving richt zich niet tot het zogenaamde taxivervoer.

Een ander concept is een mogelijke aanpassing van het statuut voor het Verhuur van Voertuigen met Bestuurder, VVB genaamd. Die regelgeving zit vervat in het decreet van 2001. De VVB’s werken in Vlaanderen niet met een taximeter, maar baseren hun ritprijs op een afspraak tussen de klant en de aanbieder. Dat is een schriftelijk contract. Nu moet die afspraak in Vlaanderen voor minstens drie uur lopen, moet de afspraak op papier worden vastgelegd en in een schriftelijk register worden bijgehouden. Decretaal werd dat systeem vastgelegd voor zogenaamde VIP-evenementen of -feesten of voor langere afstanden. Een nieuwe, aangepaste versie van die VVB’s, met aandacht voor digitale afspraken, willen we toch ook meenemen.

Een beperking is dat dat concept enkel kan worden toegepast in samenspraak met aanpassingen aan de bestaande regelgeving voor de taxi. Want wat gaat de rol zijn van het platform bij deze VVB’s? Hoe gaan ze zich verhouden tot de taxi’s wat de prijs betreft? Hoe kan een eerlijke concurrentie gerealiseerd worden?

En dan is er nog het feit dat die VVB’s vandaag vergund worden voor heel Vlaanderen. Dat is dan weer een uitzondering op de taxiregeling, waar je een vergunning hebt per gemeente. Ook dat zou bij een verruiming de huidige autonomie voor de gemeentes op het vlak van taxivervoer in het gedrang kunnen brengen. Ook daar moeten we dus kijken naar de verhoudingen.

Ik heb verder overleg met de sector. Wat betreft mijn verklaring met betrekking tot de Gentse incidenten, wou ik gewoon diets maken dat ik niet wil onderhandelen over wetsovertredingen. Je kunt niet eerst de regels overtreden en vervolgens vragen om de regels aan te passen. Dat is nogal moeilijk. Dat is als eerst een goal maken vanuit buitenspelpositie en vervolgens vragen om het buitenspel af te schaffen.

We moeten ook kijken naar de Europese Unie. Zo is er recent nog contact geweest tussen de taxisector en de Europese commissaris. Het dossier ligt ook bij het Europees Hof van Justitie, onder meer na een klacht vanwege de taxisector in Barcelona. Die procedures lopen nog. We houden die mee in het oog.

Wat de timing betreft, wil ik in het voorjaar van 2016 een conceptnota voorleggen aan de Vlaamse Regering.

Tot slot was er een vraag over het verschil in optreden: waarom kan dat in het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest wel en in Vlaanderen niet? Het antwoord is eenvoudig. Brussel heeft op dat vlak namelijk meer bevoegdheden. Dat heeft te maken met de erfenis van de zogenaamde agglomeratiebevoegdheden. De agglomeraties waren destijds agglomeraties van gemeenten. Historisch heeft men verschillende agglomeratiebevoegdheden, dus eigenlijk gemeentelijke bevoegdheden, toegekend aan het gewestelijke niveau.

Dat geldt ook voor de brandweer, vandaar dat er een brandweerdienst is voor het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest, maar ook voor de taxisector. Het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest is bevoegd voor de vergunningverlening en de administratief-rechterlijke controle. Dat is een agglomeratiebevoegdheid, dus een gewestbevoegdheid die wij niet hebben. Daarom moeten de gemeenten in Vlaanderen controlerend en repressief optreden, en in Brussel is dat het gewest.

De voorzitter

De heer Vandenbroucke heeft het woord.

De heer Joris Vandenbroucke (sp·a)

Minister, goed dat het overleg gaande is, en dat u nog even duiding hebt gegeven bij uw reactie van deze zomer. Ik ben zeer benieuwd naar de concepten die u uitwerkt. Het klinkt veelbelovend. Ik ben blij dat u benadrukt dat Uber een van de vele nieuwe fenomenen is die zich op die markt begeeft. Ik hoop dat u snel voortgang maakt en dat we kennis kunnen nemen van de concrete voorstellen.

Bedankt voor de toelichting in verband met de agglomeratiebevoegdheden. Dat was mij onbekend.

De voorzitter

De heer Declercq heeft het woord.

De heer Mathias De Clercq (Open Vld)

Het is relevant om met kennis van zaken en met bekwame spoed tot die conceptnota te komen in het voorjaar van 2016. Dat is echt in het belang van de klassieke taxisector, die nu een beetje op zijn tandvlees zit – ik heb daar getuigenissen van gehoord, zeker in mijn stad –, en voor diverse nieuwe innovatieve spelers.

Ik was maandagavond bevoorrecht getuige van de speech van de minister-president in de prachtige Vlaamse Opera in Gent. Hij gaf ons daar de primeur van de nota die u in de regering hebt goedgekeurd, namelijk Vlaanderen 2050. Dat was een groots betoog om kansen te geven aan nieuwe ontwikkelingen en tendensen. Het politieke kader mag niet meer achteroplopen. Het is goed dat er in 2016 duidelijkheid komt, dat er een level playing field komt. Er moet rechtszekerheid komen rond de passagier en de veiligheid van de chauffeurs.

Effectief, in San Francisco is dat een onwaarschijnlijk mooi verhaal van minder ongevallen, een bredere koek voor de hele sector, de toenadering van de nieuwe tot de klassieke sector. De speech van de minister-president indachtig, moeten we daar snel werk van maken. We moeten niet wachten tot 2050.

Ik dank u voor uw antwoord, minister. Ik ben zeer verheugd dat de conceptnota er komt in het voorjaar van 2016. De collega’s hebben het al naar voren gebracht, het is belangrijk om twee zaken te verzoenen: de veiligheid en het level playing field. Uiteraard moet worden voldaan aan alle sociale en fiscale verplichtingen. Aan de andere kant hebben we het innovatieve, het openbreken van een redelijk archaïsche markt. Ik wil niet iedereen over dezelfde kam scheren. Er zijn inderdaad andere, ik denk aan Antwerp-Tax, bedrijven die heel actief zijn en apps gebruiken. Het mag toch allemaal iets dynamischer, beweeglijker en moderner. Ik denk dat hier een kans voor u ligt om een prachtig project te ontvouwen. We kijken met belangstelling uit naar het voorjaar 2016.

De voorzitter

Mevrouw Bastiaens heeft het woord.

Mevrouw Caroline Bastiaens (CD&V)

Minister, ik ben blij dat u elementen die de collega’s hebben aangehaald, hebt onderstreept en ondersteund. Ik vermoed dat iedereen achter het level playing field staat. Er is verwezen naar de resolutie; u hebt die mee ondersteund.

U hebt verwezen naar het innovatieve. Ik ben heel blij dat u Antwerp-Tax hebt vernoemd. Het verbaast me niet, want uit de media heb ik begrepen dat u de afgelopen dagen heel veel tijd in Antwerpen hebt doorgebracht.

We moeten voortdoen met het innovatieve. Uber is daar slechts één speler van. We kennen heel veel andere.

Ik ben heel blij dat u naar Taxistop hebt verwezen. Kunt u daar nog wat dieper op ingaan? U had het over concepten die u verder wilt uitwerken in een nota. U vernoemde het voorjaar van 2016. Als het van ons afhangt: hoe sneller hoe liever. De dynamiek in deze markt is heel groot. Het is heel belangrijk dat we heel snel zelf een kader daarvoor ontwerpen.

U sprak over Europa. Ik was blij dat u als N-VA-minister ook naar Europa kijkt. Op zich hebt u gelijk: we moeten samen kijken hoe we die wereldwijde fenomenen aanpakken. Dat mag u natuurlijk niet ontslaan van uw eigen verantwoordelijkheden. Ik ben blij dat u naar Europa kijkt, maar ik hoop dat u dat niet doet van onder een opengetrokken paraplu.

De voorzitter

Minister Weyts heeft het woord.

Minister Ben Weyts

Wat dat laatste betreft, ik ben niet van plan om mezelf te ontslaan van mijn verplichtingen door te verwijzen naar de EU of internationale conventies.

De voorzitter

De vragen om uitleg zijn afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is geopend met een beperkt aantal plaatsen. Bezoekers die een plenaire vergadering willen bijwonen, sturen een mailtje naar 
onthaal@vlaamsparlement.be met daarin naam en geboortedatum.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.