U bent hier

Commissievergadering

woensdag 23 september 2015, 14.00u

Voorzitter
van Francesco Vanderjeugd aan minister Joke Schauvliege
2745 (2014-2015)
De voorzitter

De heer Vanderjeugd heeft het woord.

De heer Francesco Vanderjeugd (Open Vld)

Voorzitter, minister, collega’s, de heer Sintobin zorgde al voor een mooie inleiding over het Europese level playing field, waarvoor dank. De problematiek van de import van eieren uit Oekraïne heeft al vaak de gemoederen van de Belgische pluimveehouders beroerd. Meerdere keren had ik het hier al over geruchten over Oekraïense eieren die via Polen de EU zouden worden ingevoerd.

Elke keer dat ik daarover een schriftelijke vraag of een vraag om uitleg stelde, stelde u altijd dat het inderdaad louter en alleen om geruchten ging. Van het voorziene quotum van 1500 ton in eggshell-equivalent voor eierproducten en het quotum van 3000 ton voor eieren in schaal voor 2014 en 2015 bleek uit het antwoord dat ik op 4 maart jongstleden heb gekregen op mijn vraag om uitleg dat er welgeteld niets was gerealiseerd. U stelde toen immers ook dat de officiële cijfers duidelijk aantoonden dat er tot dan toe geen eieren of eierproducten uit Oekraïne in de EU waren ingevoerd. Ik citeer u: “Dit zijn echte cijfers die goed kunnen worden gecontroleerd. Alles wat de EU binnenkomt, wordt geregistreerd en streng gecontroleerd. Het gaat om heel uitgebreide systemen die de invoer zouden aantonen.”

Volledigheidshalve herinneren we eraan dat de totale exportcapaciteit voor Oekraïne ingevolge het vrijhandelsakkoord dat Europa met dat land heeft afgesloten voor 2014 en 2015 beperkt is. In totaal gaat dat over 0,06 procent van de Europese productie. Dat is eigenlijk onvoldoende om een invloed te hebben op onze markten.

Inmiddels is er eind april een rapport verschenen getiteld ‘EU Market Situation for Eggs’. Uit de tabel waarin de cijfers over de import van eieren naar de EU worden opgelijst, blijkt dat in 2014 163 ton en in de eerste twee maanden van 2015 81 ton eieren uit Oekraïne zijn ingevoerd. In de voorgaande jaren bedroeg dat nul ton. Nog opmerkelijk is dat het aandeel van Oekraïne in de import in 2014 1,2 procent bedroeg, maar dat aandeel ondertussen is verdrievoudigd, namelijk tot 3,7 procent in de eerste twee maanden van 2015 alleen al. Het spreekt voor zich dat dergelijke cijfers niet meteen een geruststellend signaal zijn voor de pluimveehouderij. We hebben hier het Europese level playing field al aangehaald. Sommige leden van de EU doen inspanningen qua dierenwelzijn, huisvesting, systemen en noem maar op. Dan verwachten we toch met zijn allen dat overal, in elke lidstaat hetzelfde gebeurt. Het aantal ton dat zou worden ingevoerd, is op zich misschien nog niet zo gigantisch, maar het maakte me toch ongerust. Minister, ik vertrouwde op een stabiel antwoord, en u had telkens gesteld dat er geen import was geweest. Die geruchten blijken nu dan toch voor een stuk te kloppen.

Minister, gaat u akkoord met de cijfers uit dat rapport? Hoe kunnen die worden verklaard, rekening houdend met vorige berichten dat er geen eieren of eierproducten uit Oekraïne werden ingevoerd? Voldoen al die geïmporteerde eieren en producten ook aan de bepalingen en de normen van de EU? Waar en via welke weg zijn die eieren Europa binnengekomen? U sprak over systemen waardoor alles heel nauwlettend in de gaten werd gehouden. Dan zou dat eveneens gemakkelijk te traceren zijn. Wat is de verwachte import vanuit Oekraïne in 2015, gelet op die stijging die we de eerste twee maanden hebben gezien? Er is heel wat onrust. Ik weet het, er zijn heel zware lasten op uw schouders. Hoe zult u die onrust bij onze Vlaamse pluimveehouders over de oneerlijke concurrentie binnen diezelfde Europese Unie wegnemen? Heeft Oekraïne inmiddels al werk gemaakt van engagementen met betrekking tot het verbeteren van het dierenwelzijn in de pluimveehouderij? Dan gaat het met name om de normen die Europa ook oplegt.

De voorzitter

Mevrouw Joosen heeft het woord.

Voorzitter, minister, geachte leden, ik wil niet specifiek ingaan op de eieren, maar wel op wat ik eerder, naar aanleiding van de interpellatie heb gezegd. Minister, in die commissievergadering van 2 december zei u dat u het level playing field Europees zou aankaarten. U gaf terecht aan dat dit level playing field cruciaal is om tot goede afspraken te komen. Nu, los van de economische invloed is het natuurlijk ook een belangrijke ethische kwestie: het is essentieel dat de EU eist dat alles wat binnenkomt aan dezelfde voorwaarden zou voldoen, en dan hebben we het over de arbeidsomstandigheden, het dierenwelzijn, de veiligheidsvoorschriften. Het is immers natuurlijk uit den boze dat we op die vlakken zouden achteruitgaan. Hebt u dat kunnen aankaarten en is er ter zake enige vooruitgang geboekt?

De heer Jos De Meyer (CD&V)

Ik sluit me volledig aan bij het laatste betoog. Ik denk dat dit bijzonder belangrijk is.

De voorzitter

Minister Schauvliege heeft het woord.

Mijnheer Vanderjeugd, u vraagt hoe het komt dat die cijfers verschillen. Het lijkt me goed om erop te wijzen dat we ons op dat vlak natuurlijk baseren op de handelsstatistieken zoals die beschikbaar zijn op het moment dat die cijfers worden opgevraagd. Elke lidstaat registreert via zijn nationale bank de invoer en uitvoer van handelswaren. Lidstaten zijn verplicht om dat te rapporteren aan de Europese Commissie, via Eurostat. Er is sprake van een verschil tussen de snelheid waarmee die rapportage gebeurt en de snelheid waarmee dat dan wordt verwerkt in de databanken. Dat zorgt er dus voor dat die statistieken uiteraard soms worden aangepast en niet altijd de meest actuele zijn. Dat zijn echter wel de cijfers waarop wij ons moeten baseren. Dat is ook niet een teken dat de invoer of uitvoer zonder controle kan gebeuren. Het is de centrale beschikbaarheid van alle gegevens die worden samengevoegd, die vertraging vertoont.

De Europese Commissie geeft ook maandelijks een overzicht van de meest actuele handelscijfers waarover ze beschikt, via het beheerscomité, het Committee for the Common Organisation of the Agricultural Markets. Dit rapport wordt na het beheerscomité ook overgemaakt aan Vlaanderen en de middenveldorganisaties.

Op basis van de huidige Eurostat-gegevens werd in november en december 2014 36 ton eiproduct ingevoerd vanuit Oekraïne naar Denemarken. In de periode januari-mei 2015 werd 120 ton eiproduct ingevoerd vanuit Oekraïne naar Denemarken en het Verenigd Koninkrijk.

Ik ben uiteraard op de hoogte van de bezorgdheid. Ik ben er vaak over aangesproken. De sector wordt maandelijks geïnformeerd over de laatste handelsgegevens. Dat gebeurt via een debriefing van het Europese beheerscomité waar de marktsituatie wordt besproken. Voor alle duidelijkheid: dat gebeurt met onze diensten. Tijdens de debriefing is er ook de mogelijkheid om bezorgdheden uit te wisselen. Specifieke vragen worden meegenomen. Op die manier probeer ik de sector maximaal te informeren, te luisteren naar de bezorgdheden en te kijken hoe we daaraan kunnen tegemoetkomen.

De huidige import van eiproducten uit Oekraïne is dus beperkt. De import van eiproducten in de Europese Unie is sowieso zeer beperkt. Dat is altijd zo geweest. De Europese handelsbalans heeft al jaren een positief resultaat.

We moeten dus waakzaam zijn voor de wijzigingen die zich voordoen, met uiteraard aandacht voor een eerlijke concurrentiepositie, want daar draait het natuurlijk om. Op basis van de huidige gegevens moeten we geen paniek zaaien. We blijven de situatie goed opvolgen. De absolute impact van de huidige import van eiproducten uit Oekraïne is dus niet zo groot.

Binnen het handelsakkoord dat de Europese Unie met Oekraïne heeft afgesloten, werd aan Oekraïne een overgangsperiode verleend om zich te kunnen aanpassen aan de Europese dierenwelzijnsregelgeving.

De opvolging van deze afspraken gebeurt door de Europese Commissie. De Europese Commissie heeft heden nog geen verslag uitgebracht van de stand van zaken. We hebben zelf aan de FOD Buitenlandse Zaken gevraagd om de Europese Commissie te bevragen over de stand van zaken van die uitvoering.

Tijdens ons betoog in de vergadering van de Landbouwraad hebben we heel nadrukkelijk het level playing field naar voren gebracht. We hebben een gesprek gevoerd met de commissaris zelf, waarin we het heel uitdrukkelijk hebben aangehaald. Het werd ook beaamd door de commissaris. Het wordt trouwens ook meegenomen in die highlevelgroep en is ook iets dat in het buitenlands beleid, dus met de externe contacten handelsbeleid van de Europese Commissie, wordt meegenomen. Het blijft een bezorgdheid. Door de landbouwcrisis zoekt iedereen creatief binnen de eigen lidstaat wat hij of zij kan doen. Ook daar merken we dat het level playing field onder druk komt te staan, dat men probeert de kantjes ervanaf te lopen en toch wat steun geeft in bepaalde sectoren waardoor dat level playing field weleens helemaal verloren dreigt te gaan in Europa. Dan zijn we eigenlijk weg en heeft het nog weinig zin om over een eengemaakte markt te spreken.

De voorzitter

De heer Vanderjeugd heeft het woord.

De heer Francesco Vanderjeugd (Open Vld)

Ik denk dat de discussie inderdaad niet moet gaan over hoe actueel de cijfers zijn waarover u beschikt. Ik kan volgen in die vertraging van de cijfers. Het stelt mij ook gerust dat u ze voor een stuk erkent en zegt dat we geen paniek moeten zaaien. Dat is absoluut niet de bedoeling van mijn vraag om uitleg.

Het stelt mij voor een stuk gerust dat u het verder opvolgt en aandringt op een stand van zaken over de manier waarop Oekraïne omgaat met de normen vanuit Europa. Ik denk dat er op zich geen probleem is met een import, maar dat er wel een probleem is met het niet naleven van normen die hier in Vlaanderen wel worden toegepast en die de pluimveesector ook heel wat geld kosten. We spreken dan over oneerlijke concurrentie. We moeten dat in het achterhoofd houden en opvolgen wat de stand van zaken is. Als er daarover meer nieuws is vanuit dat verslag, kan deze commissie – of diegenen die geïnteresseerd zijn in dit onderwerp – daarover misschien wat meer info krijgen.

De voorzitter

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is toegankelijk.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.